Bijzonder

Zes cilinders en meer

By  | 

Zes cilinders + turbo. Is dat niet wat veel?

Zescilinders in de motorfietswereld zijn voor de fabrikanten (en de meeste kopers) statussymbolen geweest. Alleen Honda heeft er met de zescilinder Goldwings serieus geld aan verdiend.

Feitelijk is een zescilinder op alle gebieden ‘over the top’

Feitelijk voegt zo’n ding – buiten het extra gewicht en onderdelen – niets wezenlijks aan het motorrijden toe. En als we de productie aantallen in ogenschouw nemen; als klassieker ligt een deel van hun waarde nu zeker in hun zeldzaamheid. Overigens voegen die twee extra cilinders wel heel veel toe. Maar de winst ligt hem daarbij feitelijk voor de volle 100% op het emotionele vlak. Waar trouwens ook niks mis mee is.

In hun tijd waren er viercilinders die alles beter deden dan de zescilinders. Er waren ook Japanse vier in lijn motoren die sneller waren dan de prestigieuze machines met zes cilinders. Maar daar was wat tegen te doen. En de oplossing van dat probleem? Die kwam natuurlijk uit de USA: “We schroeven er een turbo achter!”

Tot 50% meer vermogen met een turbo

Dat idee werd aardig opgepakt en al snel waren er verschillende leveranciers voor zo’n grappig beademingsapparaat voor de meest gangbare zescilinders. De basis inzet voor al die pret was natuurlijk op drag-strips. En daar bleken de Kawasaki’s bijna onverwoestbaar, hoeveel geweld er ook uit werd geperst.


Mr. Turbo

Zo kon een Kawa 1300 met een Mr. Turbo kit zo’n 180 pk aan het achterwiel leveren. Dat bedrijf bestaat intussen vanaf 1980 en deed baanbrekend werk op het gebied van turbobeademing op motorfietsen. De turbo ‘drukte’ daarbij met 0,5 bar en die extra beademing resulteerde dan in een vermogenswinst van zo’n 45-50%. Het was geen kwestie van uitpakken en monteren bij zo’n set. En dat terwijl de inbouw- en afstelinstructies toch aardig goed werden bijgeleverd door Mr. Turbo. Voor de carburateur afstelling in orde was ging er doorgaans aardig wat tijd overheen.

Zeldzaam

Zoals vermeld zijn geblazen klassieke zescilinders nog zeldzamer dan atmosferisch ademende exemplaren. Daarom waren we ook blij om te horen dat Six Center Motoren zo’n geblazen krachtpatser heeft staan. Het is een 1984’er Kawasaki Z 1300. En daarmee is het totaal aan geblazen Kawasaki Zescilinders dat wij in Nederland kennen met 30% gestegen. Ex-wegracer Richard Flutters heeft er volgens ons immers nog twee in de schuur staan. Een met carburateurs, de andere met inspuiting. Ingespoten machines zijn overigens qua mengsel bereiding veel eenvoudiger – want gewoon via de laptop – af te stellen dan motoren met carburateurs.

Gaat dat een beetje?

Een motorfiets die voor gebruik op de openbare weg van een turbo is voorzien blijft 100% inzetbaar. En een 1300 cc heeft van zichzelf al aardig wat spieren tussen de carterdeksels. Dus de turbo maakt hem op een vrij beschaafde manier alleen sterker en sneller. In praktijk kan een geblazen klassieke zescilinder goed meekomen met snelle, moderne motorfietsen. Zeker als de vering helemaal en orde is en de motor op ‘moderne’ banden staat. In dat kader valt wel duidelijk op dat de rijwielgedeeltes, de remmen er sinds de midden jaren tachtig enorm op vooruit zijn gegaan.

Maar als je dus zorgeloos iets welhaast unieks wilt rijden, dan is een zescilinder met turbo een heel leuke optie.

zes cilinders

 

 

 

suggestiebanner

Ook leuk om te lezen…

Nu in de winkel

Auto Motor Klassiek van februari ligt nu in de winkel met deze maand een uitgebreid artikel over de Taunus 12M P4 van Fokke Jansma uit Wijnjewoude. Een opmerkelijk goed geconserveerde klassieker, die een bijzondere ontwerpgeschiedenis heeft. We mochten ook rijden in een tot in het kleinste detail perfecte Triumph 2000 Roadster. Hoe dat aanvoelt? U leest het in het februarinummer. Mocht u ooit van plan zijn een Opel Senator aan te schaffen, dan is het goed dat u dit nummer in huis heeft, want Aart van der Haagen doet uitgebreid uit de doeken, waar u dan rekening mee moet houden. Het een en ander aan aankooptips vindt u ook bij het artikel over de Citroën Dyane. Een auto die we troffen met zijn eigenaar op een terras tijdens een werkoverleg.

En verder:

De restauratie van een Nimbus Model C en een Norton M50. Waarom er zo weinig Opels over zijn? Dat leest u ook in dit nummer. De liefhebberij van een in Spanje wonende Nederlander, die ook geldt als dé specialist voor de Fiat 130. En ook in dit nummer; bijna dertig pagina’s korte berichten, verslagen, praktische tips, columns en korte typebeschrijvingen. Bovendien natuurlijk ook meer dan veertig pagina’s met klassiekers te koop, die soms online niet verder aangeboden worden.
ABONNEER NU EN MIS HET VOLGENDE NUMMER NIET MEER

Dolf Peeters

Dolf Peeters, automotive journalist, tekstschrijver, vertaler, lid van de Heeren van Arnhem

1 Comment

  1. George Schouten

    17 maart, 2019 at 20:46

    ja, 6 cilinder, te veel aan alles.
    Ik reed op een 4 cilinder Honda Bol d Or toen een collega met zijn CBX op de zaak kwam. 6 in 1 laser uitlaat en bij 7000 t/m het geluid van een formule 1 wagen, prachtig.
    1 jaar later zelf een gekocht. ik heb hem nog steeds. Hij is ten opzichte van de moderne motor traag, lomp ,zwaar, geen wegligging en remmen om te huilen.. Maar dat geluid.. Het grappige is dat mensen stil blijven staan bij de geparkeerde 6 cilinder zelf als hij tussen de meest nieuwe motoren staat. Ze blijven bijzonder.

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *