in

Lloyd: uit de scheepvaart het schip in

Aan het begin van de vorige eeuw zag het ernaar uit dat de net ontdekte ‘automobielen’ wel eens toekomst zouden kunnen hebben. De rederij Norddeutscher Lloyd financierde daarom de firma NAMAG, die vanaf 1906 de merknaam Lloyd gebruikte voor zijn auto’s.


We hadden het er al eerder over dat elektrische tractie in de automobiele begindagen al als hoogst interessante optie werd gezien. Daarom bouwde men aanvankelijk een elektrische auto in licentie van het Franse merk Krieger; vanaf 1908 ook een door een benzinemotor aangedreven auto. Ondanks de kwaliteit bleef succes uit en in 1914 fuseerde NAMAG met Hansa om Hansa-Lloyd te vormen. Vanaf dat moment werden de Lloyds verkocht als Hansa-Lloyd. De fabriek werd in 1929 overgenomen door Borgward.

De wederopbouw

Na de tweede wereldoorlog ging Duitsland letterlijk en figuurlijk in de steigers. Die wederopbouw werd serieus Duits aangepakt. Maar de wederopbouw stond nog in de kinderschoenen. Daarom begon het klein: De Lloyd LP300, bijgenaamd ‘Leukoplast Bomber’. De auto met een 300cc motor, kreeg in Duitsland zijn bijnaam door zijn constructie. De carrosserie van kunstleer en hout kon gemakkelijk provisorisch gerepareerd worden met een pleister – in Duitsland dikwijls Leukoplast genoemd. In zijn tijd was het een onofficiële reclameslogan: “Hij die de dood niet vreest rijdt een Lloyd”. Latere modellen hadden een volledig stalen carrosserie. Maar ook de utiliteitsmarkt werd bediend. Het was de tijd van de kleine autootjes en busjes. Goliath maakte ze. Lloyd maakte ze. En de LT600? Dat was misschien wel de eerste MPV.

De LT500 en – 600 (1954-1963)

Want onder autokenners loopt nog steeds discussie over de oorsprong van de MPV oftewel ‘multi-purpose vehicle’. De Fiat Multipla, de Volkswagen Bus en deze Lloyd Transporter behoren in elk geval tot de genomineerden.

De Lloyd heeft zes zitplaatsen doordat zowel motor als aandrijving voorin zijn geplaatst, waardoor een vlakke vloer is ontstaan. Alle passagiers moeten instappen via de voorportieren, want achterportieren zijn er niet.

De achterwielen staan wat in de X-benenstand vanwege de pendelasconstructie. Het latere model op de foto’s is uitgerust met de ‘grote’ motor, een 596 cc tweecilinder van krap 20 pk, die de auto een topsnelheid gaf van 85 km/u. Onbeladen, welteverstaan. En met wind mee. Er zijn totaal zo’n 20.000 LT’s gebouwd. En als werkezeltjes die het waren zijn de meeste tot op de draad toe opgereden. Zo zijn er – net als van de vroege Taunussen en Transits – maar bar weinig overgebleven. Ons fotomodel vonden we bij Potomac Classics, waar men dit soort mini-auto’s in het hart heeft gesloten.

Deze Lloyd is dus een personenbusje. Een zespersoonsbusje. In dat kader moeten we wel bedenken dan, als je er zes hedendaagse Nederlanders op ware grootte in wilt transporteren, de laatste met een schoenlepel naar binnen gewrikt moet worden.

De Lloyd is dus een kleine auto. Maar dat vind je niet terug in het huidige prijsbeeld. De mini en micro klassiekers hebben intussen een vrij kapitaalkrachtige liefhebbers – of investeerderskring gevonden. En musea zijn ook gek op dat kleine spul. Denk aan niets van € 30.000 voor een topper. En laat het daarbij een troost zijn dat een vroege VW Sambabus nog veel duurder is. En de Lloyd? Die past in elk geval beter onder de kerstboom.

Lees ook:
Lloyd Alexander Frua
Renault Espace: van MPV naar cross-over
De eerste MPV’s: Chrysler Voyagers en Renault Espaces.
Volkswagen Fridolin. Fridolin is geen sprookjesfiguur
Goliath: Geen mooie kont

Nog zo’n ukkie: De Goliath

Written by Dolf Peeters

Dolf Peeters, automotive journalist, tekstschrijver, vertaler, lid van de Heeren van Arnhem

9 Reacties

Geef een reactie
  1. Hallo Mijn vader was vertegenwoordiger van lloyd in de regio Eindhoven
    Zelf heb ik er ook mee gereden ,mijn eerste kreeg ik op mijn 18e verjaardag
    dak motor voorruit kap rechter stijl moesten vernieuwd worden had in de sloot gelegen
    maak er maar iets van was het gezegde na 3 jaar naar de sloop.
    De 2e was groen gekocht op een sloop er was een bougie uit gelopen
    mijn vader sleepte hem uit zicht van de sloperij op getapt een nieuwe bougie
    nog jaren mee gereden.
    Denk nog vaak aan terug aan mijn 600 LP
    Zoek ook nog steeds een origineel model die mijn vader aan de klanten gaf.
    Gr Henk

  2. Wij zijn 3jaar dealer geweest in de jaren vijftig in Nijmegen verkocht redelijk goed en hadden een originele service auto in bestel uitvoering was een verplichting van die dikke Louwman want we waren toen Ferguson tractoren dealer autootje was in kleine uitvoering heb er nog foto’s van .

  3. En zeker was dus de vw bus, -niet – de 1e. Erger zelfs, van de oorspronkelijk ontwerper is de tekening, ” overgenomen “….. vreemd iig blijft het dat ondanks de achtergrond er giga bedragen voor gevraagd! wordt.

  4. Leuke auto.

    Maar ook de in dit artikel genoemde auto’s zijn niet de eerste mpv’s. Ver voor de (eerste wereld-) oorlog werden er al personenauto’s gebouwd waar meer dan zes mensen in konden.

  5. De toenmalige Persoenwagen van Lloyd, de LP300 had de bijnaam Leukoplastbomber (gebaseerd op het carrosseriemateriaal), had geen slechte reputatie en was toen redelijk goed vertegenwoordigd in Duitsland.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

De Gelb Schwarzer Renner: een geliefde en zeldzame Superkever

Brand. Als het even te warm wordt in de schuur