Praktijk en techniek

De Ferrari 400 serie

By  | 

De Ferrari 400 serie (1976-1989): Met de neus van een SD1 en de klasse van een SL

En met die overeenkomst in neuzen zetten die auto’s een trend voor ‘the seventies’. Daarbij had de Ferrari al de looks van de ‘eighties’.  Maar de Ferrari is zoveel meer dan zijn neus. Het is een heel chique, messcherp getekende GT. Een Gran Turismo in de meest zuivere zin van het woord. Een comfortabele, snelle auto om lange reizen mee te maken


Abonneer voor slechts € 39,50 en ontvang daarvoor een jaar lang elke maand AMK in de bus.

In een Engels motorblad uit 2009 stond een artikel met de kop “Een echte V12 Ferrari voor de prijs van een Toyota Camry”. Die dagen zijn voorbij. De prijzen van deze door Pininfarina* getekende Ferrari klauteren momenteel nog niet als apen over elkaars ruggen. Maar de 400 i, de 400 GT  en de 412 i zijn definitief uit de schaduw gekomen.

De Ferrari 400 lijn en geschiedenis

In 1976 was de 400 de eerste Ferrari die leverbaar was met een automatische versnellingsbak. Daarvoor werd een 3 traps automaat van General Motors gebruikt. Die ‘luie’ bak haalde het venijn uit het karakter van de Ferrari. Of: maakte de 400 tot een veel vriendelijker automobiel. Een echte reiswagen. Een familie auto. De Ferrari had immers een echte achterbank?

Inmiddels weten de liefhebbers dat de handbak de leukste ‘rijders’ variant is. Daar van werden er slechts 422 stuks gebouwd. Het prachtige, strakke, Pininfarina ontwerp kreeg in de loop der jaren een steeds groter wordende groep bewonderaars.


De 412 was daarbij in zijn tijd technisch vooruitstrevend, sportief en comfortabel tegelijk. Hij had indertijd vrij unieke details zoals de ‘soft close’ sluiting van de kofferdeksel. Iets dat Ikea pas onlangs in zijn keukenlades presenteerde. Inmiddels is de 400’bubbling under’ in de rij der iconische klassiekers van Ferrari. Dit is duidelijk terug te zien in de mondiale prijsontwikkeling van het model.

Was ondergewaardeerd

Maar het feit dat deze lijn een poosje onder gewaardeerd werd  resulteert er in dat er nogal wat exemplaren zijn waarvoor de tijd niet zo vriendelijk is geweest. Er zijn eigenaren geweest die wel de ‘goedkope’ Ferrari konden betalen, maar die afhaakten bij het zo noodzakelijke, en dure onderhoud van hun trots. Oh ja: de Ferrari 400 lijn is ook niet ongevoelig voor roest. De verschillende 400’s

Tussen de jaren 1976 en 1989 waren er 6 smaken  400’s.

De eerste serie – de 400 en 400A – werd gelanceerd op de autosalon van Parijs in 1976. Het enige verschil tussen de twee was dat de “A” betekende dat de auto voorzien was van de bij General Motors gekochte TH400 automatische transmissie. De motor in beide auto’s was een 4,8-liter V-12 met zes Weber carburateurs, en het blok was goed voor 335 pk.

In 1979 introduceerde Ferrari de 400i en 400 GT, waarbij de “i” stond voor een Bosch K-Jetronic brandstofinjectiesysteem en de GT de handmatige transmissie aan duidde. Het vermogen gedaald tot 306 pk. Voor 1985 verhoogde Ferrari de cilinderinhoud tot 4,9 liter, met een overeenkomstige terugkeer naar 335 pk.

Het huidige prijsniveau

De tijd dat een gebruikte Ferrari uit de 400 stal evenveel koste als een verse Toyota Camry is voorbij. Feitelijk is het in verband met de prijzen van onderdelen en restauratiewerk alleen interessant om een heel goed of een top exemplaar uit deze serie te kopen. En dan moet er toch wel rekening mee gehouden worden dat er van af zo’n € 65.000 voor afgetikt moet worden.

Een schakelbak 412 staat op dit moment voor een bedrag vanaf zo’n 89 mille+ te koop. Maar het is aanzienlijk minder dan de €765.000 die er gevraagd wordt voor een momenteel ook te koop staande 365 GTB/4 Daytona die bijna net zo’n kenmerkende neus heeft.

*Hij werd in 1893 geboren:  Battista “Pinin” Farina. De bijnaam ‘Pinin’ (ukkie) dankte hij aan het feit dat hij het tiende kind in het gezin was. Als elfjarige begon hij te werken in het bedrijf van zijn broer, tot hij op 22 mei 1930 zijn eigen firma oprichtte: Carrozzeria Pinin Farina.

Ferrari 400

Ferrari 400

Met dank aan Gerrit Venema

 


suggestiebanner

Ook leuk om te lezen…


Nu in de winkel

Auto Motor Klassiek van april ligt nu in de winkel. Daarin hebben we natuurlijk weer tal van leuke, interessante en boeiende artikelen staan. Zoals het aankoopadvies van de Alpine V6, met alle punten die belangrijk zijn voor een aankoop. Ook de MG Midget restauratie is zeker de moeite waard om te lezen en mee te leven met de eigenaar tijdens het tijdrovende proces. Techniek en praktijk rond het bezit van een klassieker. Ook voor motorliefhebbers. Hoe interessant zijn de aanpassingen die gedaan werden aan de Moto Guzzi Nuovo Falcone. Natuurlijk worden alle auto- en motorverhalen weer voorafgegaan aan tientallen pagina's met korte berichten, vanaf praktische tips tot en met historie, klassiekers die we onderweg tegenkwamen en diverse columns waar het hebben van een klassieker, het sleutelen aan een klassieker en zelfs het hobbymatig handelen van klassiekers centraal staat. Bovendien natuurlijk ook meer dan veertig pagina’s met klassiekers te koop, die soms online niet verder aangeboden worden. Het perfecte leesvoer voor deze lastige tijden. Haal hem daarom snel in huis en neem alvast een abonnement, zodat u de volgende editie niet mist.

En verder:

  • Cadillac Eldorado Seville
  • Lincoln Continental Mark V Givenchy
  • Moto Morini 350 Sport
  • De zoektocht naar Josef Ganz
  • Uit de oude doos: Daarom zijn er zo weinig Opels over
  • Bremen Classic Motorshow 2020
  • Oldtimer Tweewielerbeurs zuidbroek
Dolf Peeters

Dolf Peeters, automotive journalist, tekstschrijver, vertaler, lid van de Heeren van Arnhem

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *