in

Renault Fuego. Het bleef bij smeulen

Renault Fuego. Het bleef bij smeulen
ER Classics Desktop 2022

Dat was onterecht. Het ontwerp van de Renault Fuego was aantrekkelijk en uitgebalanceerd, de techniek zowel beproefd als vooruitstrevend. Maar die eeuwige vooroordelen …

Cliché

Die eeuwige vooroordelen dus: Amerikanen zijn dik en nep. Allemaal. Duitsers hebben een evolutionaire hekel aan welke grap dan ook, maar zijn statistisch gezien weer niet zo opvallend achtergebleven als Belgen. En om hun eigen knoflookgeur te maskeren zijn Fransen zulke meesters in parfum maken. Maar vooral in slechte auto’s bouwen. Ziehier het gespreide bedje voor de fraaie Renault Fuego.


Goede basis

Met zijn voorgangers, de twee-eiige tweeling Renault 15 en Renault 17, was Renault niet overmatig succesvol geweest. Dat weerhield het oude merk er niet van een hernieuwde poging te wagen om een succesvolle coupé in de markt te zetten. Alle ingrediënten ervoor waren aanwezig. Wat de techniek betreft leunde de Renault Fuego bijna geheel op de Renault 18. Er was een slechtere basis denkbaar, in tegenstelling tot wat het vastgeroeste Frans-Vervoer-Is-Altijd-Meuk Oogkleppenlegioen je wilde doen geloven. De techniek ervan was zowat bulletproof en werd in de Renault Fuego gecompleteerd met bijzondere vernieuwingen: afstandsbediening voor de sloten en in de duurste uitvoeringen radiobediening op het stuur. Dat vond je toen op geen enkele andere auto. Zelfs niet als er een driepuntige ster of vliegend grietje op de dure neus werd geëxhibitioneerd.

Werkelijkheid

Natuurlijk roestte de Renault Fuego. Dat deden bijna alle auto’s nog, beginjaren 80. Maar dat bruine stigma kleefde vele malen sterker aan Franse auto’s dan aan de rest. Terwijl veel Japanse modellen uit datzelfde tijdperk vaak sneller oplosten dan hun Zuid-Europese soortgenoten. Maar dat ging geruisloos. En de elektrische spaghetti die in Italiaanse auto’s doorging voor elektronica was in veel gevallen beroerder dan de techniek van deze Fuego, die er ook op dat vlak steevast flink van langs kreeg van zeikerige zwagers op verjaardagen. In werkelijkheid viel het echt wel mee. De wegenwacht was vroeger een drukke onderneming, maar draaide heus niet alleen op Fuego’s. Alles kon en ging een keer kapot als het auto’s betrof en dat was normaal. De Renault Fuego niet.

De snelste

In 1980 introduceerde Renault deze opvallende coupé, in eerste instantie met een 1,4 of 1,6 liter benzinemotor. De voorbanden gingen best lang mee, 64 of 95 pk deed ze niet in onmiddellijk in rook opgaan. Later werden de rubbersporen op het asfalt al wat dikker: de 2 liter versie bracht het tot 110 pk. De 1,6 liter in de Fuego Turbo streepte 132 pk op het wegdek. De Fuego Turbo diesel was zelfs een tijdje de snelste dieselauto op de markt, de 2,1 liter grote zelfontbrander bereikte een topsnelheid van 180 km/u. Dat was natuurlijk ook te danken aan de uitstekende Cw-waarde van 0,32 van dit ontwerp, ontsproten aan het brein van Michel Jardin. Zijn collega’s hadden geregeld aanzienlijk mindere dagen.

Joie de vivre

Kijk maar eens naar de concurrentie. Zo’n Scirocco zag er een stuk fantasielozer uit. Duits, vooral. Een Manta uit dat tijdperk werd pas decennia later mooi. De Capri smoelde best lekker, maar ook een stuk lomper dan de flamboyante Fuego. Die leek veel meer lol in het leven uit te stralen dan zijn bloedserieuze concurrenten. Joie de vivre klinkt heel anders dan Lebensfreude. Ruim 225.000 liefhebbers vonden dat ook en kochten een Renault Fuego, tot deze in 1986 weer uit productie ging. In Argentinië werden er nog zo’n 40.000 gebouwd, tot in 1995 ook daar het doek viel voor deze fraaie Renault. De verkoopaantallen maakten de Fuego tot een succes, maar zijn onterecht verkregen imago deed dat meteen en voorgoed de das om. Onuitroeibare vooroordelen als lopend vuur; de Renault Fuego verdiende veel beter. Ce n’était pas juste.

Lees ook:
Renault Mégane Coupé 1.6 16V Sport. Youngtimer met perspectief
Renault Avantime (2001-2003): Straks een geheide klassieker!
– De Renault Rambler (1966): Stijlvolle ‘Franse’ Amerikaan voor Christiaan Aaldijk … 

Niet vergeten: abonneer nu op AMK en betaal maar € 3,75 per maand

9 Reacties

Geef een reactie
  1. De Fuego is tot stand gekomen onder leiding van Robert Opron – net overgelopen van Citroën, waar hij verantwoordelijk was voor o.a. de GS, de facelift van de DS en zijn grote succes de CX. – na de Fuego ontwierp hij de Renault 25, het succesnummer van de Renault dat nimmer op die schaal is geëvenaard.

  2. De R18 is te rank vormgegeven voor de meeste mensen, denk ik. Dat deed hem ook deels de das om.
    Kijk maar naar de concurrentie: hoe lomper des te mooier men het vond (en nog steeds: vindt). De Capri en Manta werden in de loop der facelifts steeds lomper, net als BMW-alle-series, Mini Coopers, Maserati’s en de zichzelf sportief noemende VAG-producten. Alles lijdt aan obesitas- automotive en het verkoopt als een dolle.

  3. En er was zo veel meer leuks te koop qua coupé’s in die tijd (voor het gemak gooi ik de sportievere 2 en 3 deurs versies op één hoop). Datsun Silvia, Honda Prelude, Toyota Celica, Mitsubishi Sapporo… Ieder zichzelf respecterend merk had wel één of meerdere sportief gelijnde (maar niet per definitie snelle) 2-3 deurs in de aanbieding.

  4. Geweldige auto! Ik heb er vroeger één gehad, phase II die roestte bijna niet meer, gekocht met ongeveer 50k op de teller en ruim twee ton bijgezet. Letterlijk nul problemen. Tot mijn schaamte moet ik zeggen dat ik het onderhoud op het laatst toch wel enigszins verwaarloosde, maar de auto bleef maar rijden. Inderdaad onverwoestbare techniek. De auto was, zeker voor een coupé, erg praktisch, ik heb er van alles mee vervoerd. Huisraad, verhuizen naar op kamers wonen paar x), pallets, van die grote gasflessen, met acht personen, ging allemaal in die Fuego.
    De motorvermogens wekken tegenwoordig geen begeerte meer op (in een tijd waar een huis-tuin-en-keuken auto al een bizarre 200pk dient te hebben die amper worden gebruikt), maar in die tijd waren ze gewoon marktconform of zelfs iets beter. De genoemde Capri, Manta en Scirocco begonnen met respectievelijk 50, 55 en 45pk. Dan is die 64pk van de instapper Fuego ineens niet meer zo laag.
    Een maat van mij heeft paar jaar geleden een hele mooie zilvergrijze Turbo met erg weinig kilometers van een oudere heer kunnen overnemen: prachtige auto! Ik zou nog weleens zo’n felrode Turbo willen hebben.

    • Als het vooroordeel alleen hier zou bestaan, zou dat dan betekenen dat in Frankrijk deze auto nog met bosjes rondreed? Want dat is dus niet zo.

      • En in Duitsland struikel je over de duitse auto’s uit 1980; die waren namelijk net zo roestvast als andere tijdgenoten

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

The maximum upload file size: 8 MB. You can upload: image. Links to YouTube, Facebook, Twitter and other services inserted in the comment text will be automatically embedded. Drop files here

Nu in de winkel

Bekijk de 40 pagina's tellende preview via deze link of een klik op de omslag.

Het augustusnummer, met daarin:

  • Fiat 127 uit 1972
  • Heemskerk V-twin, de beste motorfiets die BSA nooit gebouwd heeft
  • Restauratie Mini Traveller 1963
  • Peugeot 104, een feestje
  • Volkswagen Golf Country liep te ver op zijn genre vooruit
  • Rijden met een Yamaha R5 (1971-1972)
  • Verslag Wemeldinge Classic Races
  • Dubbel gebruikte typeaanduidingen- Deel XVI
omslag 8 2022 300

Het perfecte leesvoer voor een avondje of meer ongestoord weg te dromen. Hij ligt nu in de winkels. Een abonnement is natuurlijk beter, want dan mist u geen nummer meer en u bent nog eens € 27 goedkoper uit ook. Niet verkeerd in deze dure tijden.

Citroën DS: In alle opzichten vernieuwend!

Citroën DS: In alle opzichten vernieuwend!

Oldtimerfestival Hoornsterzwaag. Massaal bezocht, compleet zichzelf

Oldtimerfestival Hoornsterzwaag. Massaal bezocht, compleet zichzelf