Artikelen

Een 1985’er BX als uitleenwagen

By  | 

Onlangs hadden we het Eerste Echte Citroën BX verhaal in Auto Motor Klassiek staan. Maar BXen?  Die spelen hier al veel langer mee. We hebben al sinds 1999 een Citroën BX rijder /V in het bestand. Ze heeft momenteel haar vijfde BX. Dat is net als de vorigen een 1400. Met een gemiddeld verbruik van 1 op 16 na een YMO shot was die hydraulique onlangs weer aan de beurt voor een APK en een beurt.

We publiceren deze artikeltjes gratis, en willen dat natuurlijk ook blijven doen. Maar u begrijpt dat dat voor ons niet gratis is. Ondersteunt u dit initiatief en waardeert u het? Overweeg dan eens een abonnement op Auto Motor Klassiek. U helpt ons dan niet alleen de gratis initiatieven betaalbaar te houden, maar ontvangt als bonus ook nog eens elke keer een AMK in de bus. En u betaalt nog maar € 3,30 per nummer in plaats van € 4,99. Elke maand goed voor uren leesplezier.

Alles is eindig

Een van de BXen kwam trouwens aan zijn einde omdat een haastige medelander zich door twee rode verkeerslichten heen inburgerde. De anderen vielen gewoon ten offer aan ‘upgrading’. Want een betere BX is altijd de beste. En: ‘Onderhoud is behoud’.

Het vinden van een adres dat die rituelen moest uitvoeren was even een dingetje. De BX specialist waar alle BXen voorheen in onderhoud waren was ermee gestopt. En toen kwam Pascal van ‘de Snoekfabriek’ in beeld. Die deed eerst Citroën DS en BXen. Maar de BXen waren toch zijn droomauto’s. Dat de Snoekfabriek nu BX specialist is lijkt een marketingtechnisch spanningsveld te geven. Maar dat is alleen in theorie.

Best dure kersen

De donkerblauwe BX ging naar het Gelderse Alphen, midden tussen de boomgaarden, waar de kersen zo uit de boom voor dezelfde prijs worden verkocht als dat ze in de super liggen. Bij de metallic donkerblauwe BX werden na een snelle schouwing weinig problemen ingeschat. Maar toen de trotse eigenaresse somber op haar versleten bestuurdersstoel wees, kwam de franje aan het kleed. Een APK, een grote beurt, en een ZGAN chique, zwart interieur. En daarom mocht de leenwagen mee. Dat is een witte,  eerste generatie (tot 1987) BX. Ook met een 1400 cc motor met carburateur. En met de ooit hoogst trendy ‘satelliet bediening’ van de boordapparatuur, een draaiende snelheidsmetertrommel. En een lintvormige toerenteller. Dingen die in praktijk heel intuïtief werken. Alleen de richtingaanwijzer komt niet automatisch terug. Maar daar hoef je de handen niet voor van het stuur te nemen. Een 1985’er BX RE met nog geen twee ton op de teller als leenwagen. Dat vonden we een bericht waard.

Volvo’s gemiste kans

Ooit was de BX, die zoals we intussen wel weten, afgeleid van het ‘Tundra project’ van Volvo best revolutionair. Maar het waren middenklassers, en ze waren niet gemaakt voor de eeuwigheid plus twee weken. Er zijn dan ook enorm veel BXen overleden. We herinneren ons de dag dat de uitbater van autodemontagebedrijf de Timp meldde dat hij er in een week negen binnen had gekregen. En de doorgaans polyester motorkappen vond hij maar niks.

Maar ooit was de BX de meest verbreide ‘auto van de zaak’ cq ’leaseauto’. En dan gaan de wetten van de grote getallen gelden: er blijven er altijd over. De BXen zijn wat onderhoudsgevoeliger dan een Opel Ascona was. Maar bij normaal onderhoud en gebruik was er weinig op deze hydrauliques aan te merken. We berichtten eerder van een BX 1900 GTI met 400D+ km op de teller. En dat ze kwalitatief onverwacht – een soort van – hoogwaardig zijn? Dat bleek uit de rit met de 1985’er leenauto. Het ding kwam dartel omhoog na het starten (met de choke). Liep mooi rond en voelde rondom strak en stevig aan.

Een vroege of een late?

Toch zouden we zo’n vroege BX minder snel als daily driver inzetten dan dan zijn wat conventionelere opvolger. Er zitten trouwens wel meer verschillen tussen de generaties. Maar dat is bij ons immers net zo? Daar komen we nog wel een keer op terug. Op die verschillen tussen de generaties BXen. De tijd is er nu wel rijp voor.

Meer over de Citroën BX:
Citroën BX 14 aankoopadvies, eindelijk erkenning
Citroën BX
Citroën BX Deauville, nieuw van binnen en buiten
Een enorme gok: de Citroën BX 4TC
Over betrouwbaarheid gesproken: De BX

Citroën BX RE
Citroën BX RE
Citroën BX RE
Citroën BX RE
Citroën BX RE
Citroën BX RE
Op de parking bij de Aldi
Dat kan ook. De foto kwam van een FB vriend

 

Nu in de winkel, het augustusnummer

Auto Motor Klassiek van augustus ligt nu in de winkel. Voor maar 4,99 een garantie voor zeker een paar uur leesplezier.

Deze maand een mooie opvallende omslag. De Opel Rekord die Erwin Roosink een paar jaar geleden kocht in slechte staat en volledig restaureerde. Waarna hij als fan van de Dukes of Hazzard aan het uiterlijk van zijn Rekord een eigen draai gaf.

Verder in dit nummer:

  • Fiat 850 Familiare die na een halve eeuw overging naar de tweede eigenaar, die vervolgens beloofde de volgende halve eeuw er goed voor te zorgen.
  • Suzuki GS1000 die in de eind jaren zeventig een nieuw hoofdstuk vormde in de betrouwbaarheid en rij-eigenschappen van de Japanse supersports.
  • De Volvo 340 GL is dan misschien wel geen uniek type auto, maar met zijn 58.000 kilometer op de teller, is de inmiddels 33 jarige klassieker wel in unieke staat.
  • In het praktjkartikel leren interieur opknappen wordt een uitgedroogd leren interieur weer mooi gemaakt.
  • De Toyota Corolla Coupé GT Twin Cam 16 is de laatste tien jaar behoorlijk in populariteit gestegen. Reden voor ons er eens een reportage aan te wagen. We vonden een mooi exemplaar.
  • BMW R100 Mono. In vergelijking met een R69S of een R90S heb je zo’n ‘nieuwe’ R100RT voor wisselgeld. En je rijdt er een mooie motor mee. Een signalement.
  • De Saab 96V4 van Ad van Beurden had al wat rally's gereden, maar om hem echt optimaal te laten presteren, moest er nog het een en ander aan gebeuren. In dit nummer een verslag van de werkzaamheden.
  • In 75 jaar later opnieuw een serie foto's uit de oude doos, waarmee we even terugschakelen naar de jaren van de Tweede Wereldoorlog.

Alle auto- en motorverhalen worden voorafgegaan aan tientallen pagina's met korte berichten, vanaf praktische tips tot en met historie, klassiekers die we onderweg tegenkwamen en diverse columns waar het hebben van een klassieker, het sleutelen aan een klassieker en zelfs het hobbymatig handelen van klassiekers centraal staat. Bovendien ook rond de veertig pagina’s met klassiekers te koop, die soms online niet eens aangeboden worden. Het perfecte leesvoer, ook voor de komende vakantie. Haal hem daarom snel in huis en neem alvast een abonnement, zodat u de volgende editie niet mist.

Meer over wat er in deze editie allemaal staat ziet u op onze pagina deze maand.

 

Dolf Peeters, automotive journalist, tekstschrijver, vertaler, lid van de Heeren van Arnhem

10 Comments

  1. Rob

    16 juli, 2020 at 21:49

    Een BX onderhoudsgevoeliger dan een Kadett of Ascona?
    Dat is bijna niet mogelijk……
    Heb beide gehad, later nog een Vectra en gewerkt bij Opel….
    Wat een drama’s, bijna zo erg als die Wolfsburgers

  2. Mathijs Koens

    13 juli, 2020 at 12:49

    Wat leuk! Das mijn oude auto, ingeruild bij de Snoekfabriek voor een BX TZD Turbo break. Met deze auto hebben we een rally gereden in 2018. Via Scandinavie naar de Noordkaap en via Rusland en Baltische staten weer terug. 9600 km in 18 dagen zonder problemen. Nouja, de einddemper viel er onderuit in Estland. Veel plezier mee gehad maar doordat ik veel kms maak wilde ik een diesel.

  3. Rjab

    19 juni, 2020 at 22:19

    Mooi rood is niet lelijk.

  4. Jeroen Janssen

    19 juni, 2020 at 06:53

    Wellicht goed om het BX boek van uitgeverij Citrovisie eens na te slaan. Daarin wordt de Tundra mythe ontkracht!

    • Dolf Peeters

      21 juni, 2020 at 11:05

      Bedankt! Zoeken we op! aan de andere kant: de Britten zeggen: Never spoil a good story by telling the thruth

  5. Gerrit Keizer

    18 juni, 2020 at 21:21

    Zelf ook nog een BX 1e generatie gehad: heerlijke auto weinig onderhoud. Helaas kop-staart botsing mee gehad. Daarna 2e generatie. Was toch minder bijzonder

  6. Jeroen

    18 juni, 2020 at 20:16

    Het gaat altijd weer over onderhoud. Maar…. de BX was technisch volledig degelijk. De carrosserie super sterk, de motor ook. En de TCO ((kosten om te hebben) voorspelbaar en beheersbaar. De BX was vooral een ruime, comfortabele en een echte (wendbare) rijdersauto. Ik heb er 3 gehad en kijk terug op prettige relaties. Compliment van de toenmalige baas van VW: in theorie de beste auto. Ik beaam dat: in principe heeft de wereld geen ander vervoer nodig. Conclusie….. De BX is de mijlpaal..

    • Dolf Peeters

      21 juni, 2020 at 11:10

      Helemaal mee eens. Maar- met 5 BXsen ervaring – een BX is onderhoudsgevoeliger dan een Opel B Kadett. En daar zijn er veel de bietenbrug mee op gegaan. Want de mensen die voor 300 euro een BX kochten lieten er niet voor 800 euro aan repareren. De kochten gewoon een andere BX voor 300 euro. Als je nu een goede BX vindt en koopt, dan heb je er een wereldauto aan. En Sylvia’s huidige BX loopt er nog eens 1 op 16 bij ook na een dosis YMO. De leenauto is zo’n topper. Iki geloof dat hij voor iets van 2300 e te koop is.

  7. Pascal

    18 juni, 2020 at 17:22

    De laatste twee bouwjaren (’92,’93) waren “uitloop jaren” en dat is te merken; kwaliteit was niet meer je-van-het zeg maar.
    Opvolger Xantia stond al op de stoep, dus aan de BX werd geen aandacht meer besteed.
    Heerlijke auto’s, en zo’n serie I is gewoon geweldig.

    • Dolf Peeters

      21 juni, 2020 at 11:12

      Mee eens. De vorige BX was zo’n uitloopmodel De mallen waren blijkbaar al een stuk heen. En de mindere passingen werden losjes gecompenseerd met kit. Toen die auto weg ging was dat niet vanwege de techniek. Maar er vielen gaten in en hij was aardig krokant

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *