Reportages

Citroën Dyane: de Lelijke Eend 2.0

By  | 

De Citroën Dyane: nog niet echt ontdekt

Sommige klassiekers zijn al legendarisch. En als een klassieker opeens ‘hot’ wordt? Dan stijgen de prijzen. Hier kochten we ooit een 1967’er Mustang voor 450 gulden… Het is dus leuk als je er eens een keer op tijd bij bent. Auto Motor Klassiek geeft daarom niet alleen aandacht aan de meest bekende klassiekers. We geven ook aandacht aan klassiekers die nog niet massaal ontdekt zijn. En de Citroën Dyane? Ach; laten we het zo stellen: Wanneer heeft u er voor het laatst eentje gezien?


Het hele artikel leest u in het februarinummer van Auto Motor Klassiek. Die ligt nu in de winkel voor de speciale prijs van € 4,99.

De Citroën Dyane? Dat was een soort luxe eend

Met de 2CV had Citroën natuurlijk een topper in huis. Maar het was een voertuigje dat eigenlijk bedoeld was om het Franse, al dan niet platte, land te motoriseren. In het boek van eisen stond dat het een voertuig moest worden dat twee boeren met 50 kilogram aardappelen kon vervoeren, of een vat met 50 liter wijn. De geruchten over dat er ook een levend schaap in getransporteerd moest kunnen worden hebben we niet aan de waarheid kunnen toetsen.

 

Ook interessant:

De nu legendarische 2 CV (‘Deux Chevaux Vapeur’, ‘stoompaarden’) twee Franse fiscale paardenkrachten, begon zijn leven dus als sober gebruiksvoorwerp voor landelijke dreven. Maar het ging steeds beter in Frankrijk en er ontstond vraag naar een lichte auto die toch wat minder basaal was dan de 2CV. Oh ja: en er moest een tegenhanger komen voor de hinderlijk goed verkopende Renault R4. Over de 2CV is intussen alles wel verteld. Over de Citroën Dyane nog lang niet.


Dat werd de Dyane

En de mensen achter de Citroën Dyane? Uw leest hun namen plus een heel Dyaneverhaal  in het lopende nummer van Auto Motor Klassiek. Dat ligt nu in de kiosken, maar u kunt natuurlijk ook zo’n spotgoedkoop abonnement nemen. Dat was immers één van uw goede voornemens voor dit jaar? Die mensen achter de Citroën Dyane vonden elkaar allemaal niet even aardig. De geboorte van de Dyane was daarom een wat moeilijk bevalling.

Het eerste prototype werd in 1966 bij Panhard gemaakt.

Veel Dyanes zie je niet in Nederland. De hier ooit verkochte exemplaren zijn intussen verregaand dood door leeftijd en roest. En de massale import is nog niet ontdekt.

De Citroën Dyane als een beter soort Eend

Dyanes zijn erg leuk en nog voldoende ‘Eend’ om het echte 2 CV gevoel te ervaren: Dyanes zijn iets sneller dan Eenden, iets minder lawaaiig en ze gaan net zo schuin door de bochten. Maar ze zijn iets meer ‘automobiel’ dan 2CV’s, die natuurlijk niet meer dan paraplu’s op vier wielen zijn. En momenteel nog veel goedkoper. En dat komt dan weer omdat Eenden onbetamelijk duur zijn geworden. Ze zijn ontdekt door hipsters en aanverwante lieden. Voor een vraagprijs van € 20.000 voor een Deux Chevaux werden mensen nog niet zo lang geleden in dwangbuizen afgevoerd.

Technisch gezien is de Citroën Dyane nog heel erg 2CV.

En het belangrijkste punt uit het boek van eisen? De nieuweling moest goedkoop zijn om te maken. Om dat te verwezenlijken hadden de Fransen een slim plan bedacht. En hoe het resultaat uitviel? We zouden zeggen ‘Prima’. Want de nieuweling was ondanks alle door Citroën zelf opgelegde beperkingen toch een heel serieus vervoermiddel geworden, de Citroën Dyane eigenaar voelde zich meer mondain en duidelijk beter bediend.

Natuurlijk was de Citroën Dyane geen Mercedes, noch een GT. Maar omdat een kennis met zijn Dyane vanuit Apeldoorn naar Italië en terug is gereden hebben wij geen reden om aan de reiskwaliteiten van de Dyane te twijfelen. “Je moet gewoon geen haast hebben en binnendoor rijden.” En is dat niet waar het leven over gaat?

Het aanbod van Dyanes en de vraag ernaar zijn nu nog mild beperkt

Er ontstaat echter een voorzichtige klantenkring die nogal verdeeld is. Ten eerste zijn er natuurlijk de echte liefhebbers die vallen voor de charme van de Citroën Dyane. Maar er zijn ook een soort ‘spijtoptanten’ die te lang hebben gewacht met de aanschaf van hun droomauto, de Lelijke eend. En natuurlijk zijn er altijd mensen voor wie geld geen rol speelt, maar voor heel veel mensen zijn de 2CV’s onbetaalbaar of een niet uit te leggen aankoop geworden.

We hebben geen kristallen bol

Maar als er ook maar iets te verwachten is, dan is het dat de vraag naar, het aanbod van en de prijzen voor Dyanes gaan stijgen. Dat is sneu voor de echte liefhebbers. Maar het zou natuurlijk nog sneuer zijn voor mensen die straks ook weer over een Dyane moeten zeggen: “Ja toen had ik eentje kunnen kopen. Maar nu zijn ze te duur geworden.”

suggestiebanner

Ook leuk om te lezen…

Nu in de winkel

Auto Motor Klassiek van februari ligt nu in de winkel met deze maand een uitgebreid artikel over de Taunus 12M P4 van Fokke Jansma uit Wijnjewoude. Een opmerkelijk goed geconserveerde klassieker, die een bijzondere ontwerpgeschiedenis heeft. We mochten ook rijden in een tot in het kleinste detail perfecte Triumph 2000 Roadster. Hoe dat aanvoelt? U leest het in het februarinummer. Mocht u ooit van plan zijn een Opel Senator aan te schaffen, dan is het goed dat u dit nummer in huis heeft, want Aart van der Haagen doet uitgebreid uit de doeken, waar u dan rekening mee moet houden. Het een en ander aan aankooptips vindt u ook bij het artikel over de Citroën Dyane. Een auto die we troffen met zijn eigenaar op een terras tijdens een werkoverleg.

En verder:

De restauratie van een Nimbus Model C en een Norton M50. Waarom er zo weinig Opels over zijn? Dat leest u ook in dit nummer. De liefhebberij van een in Spanje wonende Nederlander, die ook geldt als dé specialist voor de Fiat 130. En ook in dit nummer; bijna dertig pagina’s korte berichten, verslagen, praktische tips, columns en korte typebeschrijvingen. Bovendien natuurlijk ook meer dan veertig pagina’s met klassiekers te koop, die soms online niet verder aangeboden worden.
ABONNEER NU EN MIS HET VOLGENDE NUMMER NIET MEER

Dolf Peeters

Dolf Peeters, automotive journalist, tekstschrijver, vertaler, lid van de Heeren van Arnhem

2 Comments

  1. Theo Prijs

    22 januari, 2020 at 23:28

    Ik heb een paar jaren geleden over een afstand van plm. 140 km een echte tamelijk grote levende geit in mijn 2CV vervoerd. Was ook bij elk stoplicht lachen, stak met zijn kop boven achterruit uit. Slechts 1x even geblaat toen ik fel moest remmen!Lieve geit en fijne auto.

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *