Artikelen

Seat 600

By  | 

Fiat presenteerde in 1957 op de Autosalon van Turijn eindelijk de opvolger van de inmiddels ernstig gedateerde Topolino. De ontwerpers hadden er voor gezorgd dat het wagentje klein en ruim bleef en een in tegenstelling tot diens voorloper, een achterin gemonteerde viercilinder kopklepper.

In Spanje regeerde Generaal Franco die heel verschrikkelijk goed voor zijn land en inwoners zorgde. Allerlei importrestricties waren van kracht. SEAT – Sociedad Española Automoviles de Turismo – wilde graag de licentierechten verwerven voor de nieuwe Fiat 600 en de latere 850. Fiat ging akkoord onder voorwaarde dat de Seat 600 en 850 alleen voor de Spaanse markt zou worden geproduceerd en niet voor export. De Seat 600 werd gebouwd van blik geproduceerd door de Noord-Spaanse staalindustrie; helaas werd daar ook gerecycled sloopijzer voor gebruikt en dat verklaart waarom zo’n Seat zo verschrikkelijk snel ging roesten. De Seat is met recht een Spaanse auto te noemen. Vanaf 1958 tot 1975 werd de Seat 600 in Spanje gebouwd. In totaal rolden er 132.536 exemplaren van de band. Net als zijn Italiaanse equivalent had hij een 600 cm3 motorinhoud met een motorvermogen van 22 pk. Dit bleek niet genoeg te zijn, want in 1960 werd de motorinhoud naar 750 cm3 en 32 pk vergroot, waarna de auto als Seat 600D door het leven ging. De Seat 600D heeft Spanje mobiel gemaakt; er werden er 336.000 van geproduceerd en was bijzonder robuust en daarom geliefd. De meeste Spaanse autorijscholen gebruikten de 600 in de jaren zestig en zeventig als lesauto. In 1969 werd de Seat 600D vervangen door de 600E, die 245.000 keer werd geproduceerd. Deze auto kreeg normaal sluitende deuren alsmede een gewijzigd interieur. In Italië was men inmiddels met de productie van de 600-serie gestopt en was de hele productielijn verkocht aan Zastava in het toenmalig Joegoslavië. Daarom mocht Seat de 600 en 850 na 1969 wel exporteren naar het buitenland. De Spaanse 600 voor Nederland werden van een Fiat badge voorzien, maar stonden wel als Seat op kenteken. Bijzondere vermelding verdient nog de 600 Especial. Deze uitvoering werd voorzien van een opgevoerde motor, waarmee makkelijk 140 kilometer per uur kon worden gehaald. Dit model werd alleen gedurende ’72 en ’73 17.000 maal geproduceerd en sloot daarmee 15 jaar productie van de Seat 600 in Spanje af. De productie van de 600 werd in Argentinië en Joegoslavië nog tot begin jaren tachtig voortgezet.

 

suggestiebanner

Ook leuk om te lezen…

Nu in de winkel

Auto Motor Klassiek van februari ligt nu in de winkel met deze maand een uitgebreid artikel over de Taunus 12M P4 van Fokke Jansma uit Wijnjewoude. Een opmerkelijk goed geconserveerde klassieker, die een bijzondere ontwerpgeschiedenis heeft. We mochten ook rijden in een tot in het kleinste detail perfecte Triumph 2000 Roadster. Hoe dat aanvoelt? U leest het in het februarinummer. Mocht u ooit van plan zijn een Opel Senator aan te schaffen, dan is het goed dat u dit nummer in huis heeft, want Aart van der Haagen doet uitgebreid uit de doeken, waar u dan rekening mee moet houden. Het een en ander aan aankooptips vindt u ook bij het artikel over de Citroën Dyane. Een auto die we troffen met zijn eigenaar op een terras tijdens een werkoverleg.

En verder:

De restauratie van een Nimbus Model C en een Norton M50. Waarom er zo weinig Opels over zijn? Dat leest u ook in dit nummer. De liefhebberij van een in Spanje wonende Nederlander, die ook geldt als dé specialist voor de Fiat 130. En ook in dit nummer; bijna dertig pagina’s korte berichten, verslagen, praktische tips, columns en korte typebeschrijvingen. Bovendien natuurlijk ook meer dan veertig pagina’s met klassiekers te koop, die soms online niet verder aangeboden worden.
ABONNEER NU EN MIS HET VOLGENDE NUMMER NIET MEER

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *