Motoren

Klassieke motorfietsen – Betrouwbaarheid en olie

By  | 

Na 25.000 km een koprevisie, inclusief nieuwe klepgeleiders en verse zuigers en zuigerveren? Ach, zo omstreeks de mid jaren zestig tot begin zeventig keek niemand daar van op. Zeker Triumph Trident rijders niet.  Maar ook een mechanisch topstuk als een BMW had bij zo’n halve ton doorgaans al echt meer nodig dan alleen verse olie.

We publiceren deze artikeltjes gratis, en willen dat natuurlijk ook blijven doen. Maar u begrijpt dat dat voor ons niet gratis is. Ondersteunt u dit initiatief en waardeert u het? Overweeg dan eens een abonnement op Auto Motor Klassiek. U helpt ons dan niet alleen de gratis initiatieven betaalbaar te houden, maar ontvangt als bonus ook nog eens elke keer een AMK in de bus. En u betaalt nog maar € 3,30 per nummer in plaats van € 4,99. Elke maand goed voor uren leesplezier.

Minder en schommelend

Buiten het feit dat de kwaliteit van Engelse motoren nogal eens beïnvloed werd door stakingen en arbeidsongerief en dat bij Italianen kwaliteit gewoon niet zo’n dingetje was – als het maar mooi genoeg was, dan was het goed genoeg – waren er basisredenen te noemen die heel veel te maken hadden met de slijtvastheid en betrouwbaarheid van die machines. Zo tussen de sixties en de seventies ging de techniek met sprongen vooruit. En motorrijden werd populairder. Er waren geen snelheidsbeperkingen. Dat was de nekslag voor de Britse motoren, een Trident die een drijfstang uitspoog. Check!

De Japanners zetten de toon

Een Honda CB 750 die op een camping in Renesse op de middenbok zoveel toeren maakte dat de kleppen begonnen te zweven? Dubbelcheck. De Honda deed het de volgende dag trouwens gewoon weer. Maar bij de vroege CB 750’s kon de secundaire ketting het vermogen niet aan. En brak dan. Carters lusten geen secundaire kettingen. En zo werd er wat af gesleuteld.

Door de kwaliteit van legeringen, de kennis van metallurgie en de veel kleinere toleranties, zijn sinds die tijd de dingen enorm verbeterd. Net als een ander heel belangrijk fenomeen: de smering.

Olie is ook zo’n dingetje

Want olie, vroeger ‘smeerolie’, heeft nog weinig meer te maken met het spul dat uit de grond komt. De raffinage en fabricage is onnoemlijk verbeterd, en de olie van nu is een subtiel uitgebalanceerde cocktail van toegevoegde ‘dopes’ die de smerende werking en standtijd optimaliseren. Er zijn reinigende toevoegingen, additives die ‘vuil’ in de olie drijvend houden totdat het door een hoogst effectief oliefilter gevangen wordt, anti-schuim toevoegingen…

De Yamaha TX 750: beter dan zijn olie

De antischuim toevoegingen, of althans het gebrek eraan, waren de feitelijke nekslag voor de ooit vervloekte en nu gezochte Yamaha TX 750. En dan praten we al over  de eerste helft van de jaren 70. Want met een moderne synthetische olie loopt zelfs een ongemodificeerde TX 750 probleemloos en blijft hij goed.

Daarbij dient aangetekend te worden dat ook een hoogwaardige synthetische olie geen wondermiddel is. Maar samen met recente techniek en voldoende onderhoud zitten we nu met motorfietsmotoren die bewezen drie tot vijf ton op de teller hebben zonder ooit ‘open’ te zijn geweest.

Zo moeilijk hoeft het niet te zijn

En dan heb je weer een terzijde: want voor echte klassiekers is zo’n syntheet vaak gewoon ‘te goed’. Voor die trouwe veteranen is de goedkoopste olie van de Action prima, in elk geval wanneer het een motor met een droge koppeling betreft. Gewone automotorolie laat koppelingsplaten vaak slippen.

Retro als optie

In het huidige tijdsbeeld verklaart dat de opkomst van de retrofietsen zoals de Kawasaki W800 en de tweecilinder Royal Enfields. Die bieden herkenbare motorfietsen met de looks van toen en de kwaliteit van nu. En als je niet uit de zuiverste nostalgische overwegingen voor ‘het echie’ gaat, dan is dat de beste oplossing die je je maar wensen kunt.

Wondermiddelen en olie

Daar zijn er heel veel van. En de meesten zijn onschadelijk. Ze doen niks. In praktijk blijken alleen TSL en Yellow Miracle Oil effectieve dopes te zijn.

Ook interessant om te lezen:
Wondermiddelen in de motorolie: PTFE en Zink
Kickstarten of elektrisch starten. Een elektrisch been en retrofietsen. Mag dat?
Cees Fick YZ840 Special
Minerale en synthetische motorolie?
Meer over klassieke motorfietsen

Natuurlijk gaat er niets boven echt klassiek. Toch?
Mang Yuan, Mister Yamaha, maar intussen pensionado reed heel Europa door op zijn XT750
Retro: wel de lusten, niet de lasten

 

Nu in de winkel, het augustusnummer

Auto Motor Klassiek van augustus ligt nu in de winkel. Voor maar 4,99 een garantie voor zeker een paar uur leesplezier.

Deze maand een mooie opvallende omslag. De Opel Rekord die Erwin Roosink een paar jaar geleden kocht in slechte staat en volledig restaureerde. Waarna hij als fan van de Dukes of Hazzard aan het uiterlijk van zijn Rekord een eigen draai gaf.

Verder in dit nummer:

  • Fiat 850 Familiare die na een halve eeuw overging naar de tweede eigenaar, die vervolgens beloofde de volgende halve eeuw er goed voor te zorgen.
  • Suzuki GS1000 die in de eind jaren zeventig een nieuw hoofdstuk vormde in de betrouwbaarheid en rij-eigenschappen van de Japanse supersports.
  • De Volvo 340 GL is dan misschien wel geen uniek type auto, maar met zijn 58.000 kilometer op de teller, is de inmiddels 33 jarige klassieker wel in unieke staat.
  • In het praktjkartikel leren interieur opknappen wordt een uitgedroogd leren interieur weer mooi gemaakt.
  • De Toyota Corolla Coupé GT Twin Cam 16 is de laatste tien jaar behoorlijk in populariteit gestegen. Reden voor ons er eens een reportage aan te wagen. We vonden een mooi exemplaar.
  • BMW R100 Mono. In vergelijking met een R69S of een R90S heb je zo’n ‘nieuwe’ R100RT voor wisselgeld. En je rijdt er een mooie motor mee. Een signalement.
  • De Saab 96V4 van Ad van Beurden had al wat rally's gereden, maar om hem echt optimaal te laten presteren, moest er nog het een en ander aan gebeuren. In dit nummer een verslag van de werkzaamheden.
  • In 75 jaar later opnieuw een serie foto's uit de oude doos, waarmee we even terugschakelen naar de jaren van de Tweede Wereldoorlog.

Alle auto- en motorverhalen worden voorafgegaan aan tientallen pagina's met korte berichten, vanaf praktische tips tot en met historie, klassiekers die we onderweg tegenkwamen en diverse columns waar het hebben van een klassieker, het sleutelen aan een klassieker en zelfs het hobbymatig handelen van klassiekers centraal staat. Bovendien ook rond de veertig pagina’s met klassiekers te koop, die soms online niet eens aangeboden worden. Het perfecte leesvoer, ook voor de komende vakantie. Haal hem daarom snel in huis en neem alvast een abonnement, zodat u de volgende editie niet mist.

Meer over wat er in deze editie allemaal staat ziet u op onze pagina deze maand.

 

Dolf Peeters, automotive journalist, tekstschrijver, vertaler, lid van de Heeren van Arnhem

4 Comments

  1. Rob Remmerswaal

    15 juni, 2020 at 13:21

    Leuk artikel Dolf Peeters. En wat een verschrikkelijk mooie Norton Commando 850 !!

  2. Maurice

    14 juni, 2020 at 18:55

    Carters die geen secundaire kettingen lusten. Kan het soms over de primaire ketting gaan? De ketting van motor naar de gear box.
    Die Ketting brak bij de sevenfifty wel eens. Een gapend gat in het carter was vaak het gevolg. Duur en behoorlijk veel sleutelen 😰

    • Dolf Peeters

      23 juni, 2020 at 09:38

      Nee. Het was de secundaire ketting. Die brak. En wokkelde zich om het voortandwiel. War wat te weinig plek voor was> carter stuk

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *