Column

Klassiek rijden en TLC

By  | 

Dat TLC is natuurlijk ‘tender loving care’, de ‘knuffelfactor. Onze klassiekers bestaan bij de gratie daarvan. En daarin zit hem een heel verschil met de berijders van moderne motorfietsen die om de 12.000 km hun kleppen eens gecontroleerd moeten hebben en hun smartphone en mobiliteitsgarante koesteren als hun hoogste goed. Het is ook de reden dat we een paar ‘overstappers naar klassiek rijden’ toch weer hebben zien terugstappen naar ‘modern’. Vanwege ‘het gedoe’.

Herwederterugopstappers

Die herwederterugopstappers waren daarbij niet de mannen die vanaf hun vroegste jeugd al gepokt en gemazeld waren vanwege de omgang, en vaak de afhankelijkheid, van oude techniek. Het waren mannen die in hun jeugd droomden en nu hun droom pas waarmaakten. Die werden niet allemaal heel blij van de ooitmalige motor van hun dromen. Zeker niet als ze daarvoor eerst een paar jaar van de geneugten van moderne – en vaak niet de minste – motorfietsen hadden genoten. Toen de nostalgie daarna toesloeg kochten ze een klassieker en gingen klassiek rijden. Soms inplaats van, maar redelijk vaak voor ‘erbij’.

Vroeger was niet alles beter

Na de eerste emoties merkten ze al snel dat een moderne motorfiets – al dan niet elektronisch ondersteund – alles beter doet dan een klassieker. Maar ze liepen – op de man na die zijn BMW zescilinder inruilde op een BMW R75/5 – bij het klassiek rijden vast op allerlei klein ongerief zoals controles, onderhoud en kleine hinderlijkheden. Of op de conclusie dat “Dat ding voor geen meter rijdt”. En dat ging dan over een heel mooie Norton Commando. De man die zo trots als een pauw terugkwam op zijn Moto Guzzi Le Mans was degene met de kortste klassiekerbevlieging. Bij thuiskomst dacht hij volkomen onterecht dat het oplichten van het neutraallampje van de Guzzi ook betekende dat de bak in zijn vrij stond. Hij liet onbevangen de koppeling los. De Guzzi gaf een goedmoedige grom uit zijn LaFranconi dempers en reed door de heg, de tuin en de vijver in. In gezamenlijk overleg heeft zijn vrouw toen besloten dat het afgelopen was met dat hele motorgedoe.

Klassieke motorfietsen? Die moet je leren kennen om ze te waarderen

Hun veelgeprezen karakter is vaak de mantel der liefde die een mengsel van eigenaardigheden en onvolkomenheden moet bedekken. Vriend Cor rijdt en UL 1200, een heel dikke, echt oude Harley-Davidson. Ooit reed ik achter hem bij het passeren van een bulterige spoorwegovergang. De dikke V-twin kwam los van de grond. Cor zweefde zo’n tien centimeter boven zijn – jawel – zweefzadel. Hij landde op twee wielen en op zijn zadel en draafde dapper door. “Ik heb geen vering en geen remmen. Maar dat weet ik. Dus het is niet erg.” Natuurlijk wordt de grote zijklepper voor elke rit nagelopen op losse bouten en ongeplande lekkages. Maar het ding heeft hem al door heel Europa gereden.

Het meest vertéderend zijn de klassieke ‘blijvers’

De WL van vriend Ernie is al vanaf 1961 in de familie. Hij was voor 110 gulden gekocht. Bij de gezinsuitbreiding kwam er een zijspan aan en toen Ernie ging studeren werd de Harley zijn dagelijks vervoer. Dat was in de tijd dat het rijden op een Harley zijklepper als blijk van opperste armoede werd gezien. Zijn Honda S90 heeft hij ook al veertig jaar.

Klassiek rijden

Nog even terugkomend op de man die zijn K1600 kocht omdat hij hem kon betalen

Hij had er geen schik van. En er waren elektronische hindelijkheden plus een werkplaatstarief van bijna € 100 ex. BTW. Hij pakte zijn verlies. Want na een jaar schrijf je heel stevig af op zo’n BMW. “Ach, ik zie het maar als leergeld. En ik kan het missen. Toen ik op de MTS zat droomde ik over een R75/5. Waar ik ooit het spoor ben kwijt geraakt weet ik niet meer. Maar die zescilinder is denk ik toch teveel een egoding geweest. Nu heb ik een mooie R75/5. Daar rijd ik prettiger op. Ik heb meer schik en ik ben niet meer bang voor mijn motor.”

Met een klassieker tot ergens in de jaren tachtig rij je gewoon motor

Omdat je motorrijden leuk vindt. En bij klassiek rijden met een Honda CB500 F kun je in hedendaags Nederland ook nog gewoon je rijbewijs kwijtraken. Maar waar al dat gejaag met meer dan 150 pk goed voor is? Wie het weet mag het zeggen. En kleppen controleren en olie verversen? Dat doen we toch gewoon om de 2500 kilometer?



Ook leuk om te lezen…

contentbanner

Nu in de winkel

Het novembernummer van Auto Motor Klassiek, met deze maand onder andere restauratieverslagen van de NSU Prinz, b en een Rabeneick prototype. Heel bijzonder is de Honda City, sowieso bijna niet gezien in Europa en deze is ook nog eens nieuw.

En verder:

  • Rover P5B Coupé
  • Laverda RGS
  • Shelter en andere dwergauto’s
  • 40 jaar Lancia Delta
  • Oldtimer en Classic Cars Leek

En meer dan 25 pagina's nieuws, technische tips, evenementenverslagen, previews en ruim 40 pagina's oldtimers te koop. Abonneer nu en bespaar bijna 40% per maand.

Dolf Peeters

Dolf Peeters, automotive journalist, tekstschrijver, vertaler, lid van de Heeren van Arnhem

    7 Comments

    1. Henk

      10 november, 2019 at 08:47

      Mijn kinderen hebben leren motorrijden op mijn eerste motor een Honda NX 650 van 1997 in een zandgat. Daar leerden ze de motor beheersen en berijden.
      Zo nu en dan er samen iets aan veranderen en verbeteren, zo leerden ze de techniek kennen en bijvoorbeeld een carburateur afstellen of dat flexibele remleidingen niet zo heel veel kosten maar je remweg verkorten.
      Maar ook dat je van een motor met een beetje TLC heel lang kan genieren en als het ware een familielid wordt.
      De oudste heeft dit jaar z’n eerste off road gekocht een Suzuki Drz400 van 2005, een plaatje en aan TLC geen gebrek. technisch wotrdt er ook wel iets aan veranderd of verbeterd en samen met de ondersteuning van de motorzaak problemen opgelost en onderdelen gekocht.
      Met een grote glimlach en voldaan gevoel ben ik blij Dat ik mijn kinderen al vroeg heb meegenomen in de techniek: skelter met grasmaaiermotor, Puch Maxi off road, Yamaha DT 50 en de liefde voor motorfietsen en techniek….

    2. Louis

      9 november, 2019 at 22:57

      Voel me toch enigszins in mn kruis getrapt. Heb nog mn 1e 60/6, het naaimachientje, maar remmenwerk,wegligging en bedrijfzekerheid zijn niet meer up to date. Via allerlei mooie en zwaardere boxers, durf ik nu weer met regen e.d. op pad te gaan GS 2018.lelijk, maar rijdt!!!

    3. pierre

      9 november, 2019 at 19:53

      zondagmorgen een leuk ritje op je klassieker , begin zaterdag al met een controle beurt

    4. Jinny

      9 november, 2019 at 19:48

      Toen ik nog met mijn oude Z1000 in het rond baggerde was motorrijden leuk, mijn enig vervoer, (in de winter de sneeuw van de tellers schrapen en aantrappen (zo goed was de accu nu ook weer niet in de winter)) en altijd een avontuur.
      Immers, met een frame van gekookte spaghetti, 102 pk (in nieuwstaat, was mijn machine niet) plus de nodige spelingen her en der maakte dat je wegpositie in bochten nogal willekeurig was.
      Maar je leerde ermee leven…

    5. Charles

      9 november, 2019 at 18:52

      Terugkomend op ‘die’ Herwederterugopstappers. Het is die mensen uiteraard moeilijk kwalijk te nemen dat ze geen referentiekader hebben voor klassieke fietsen, anders dan wat internetverhaaltjes. Daarbij komt dat de doorsnee verkoper van een ‘mooie’ klassieker doorgaans meer gevlast is op de verkoop van weer een machine, dan dat hij de nieuwebakken klassiekerrijder bij de hand neemt over wat zo’n ‘overstap’ in de praktijk behelst.

    6. Pascal

      9 november, 2019 at 15:46

      Iedereen die beweert dat klassieke motorfietsen beter rijden dan een moderne variant zal ook lachend beweren dat haring met pindakaas een lekkernij is…
      Klassiekers en veteranen hebben iets vertederends en als liefhebber neem je dan de nukken voor lief.
      Als buitenstaander ziet het er vaak ook makkellijk uit, maar eenmaal zelf achter het stuur valt het de eerste kilometers vaak vies tegen…als je het (on)ding überhaupt als gestart en op weg krijgt..

      • Dolf Peeters

        13 november, 2019 at 12:24

        Zo was er een Hipster en zijn dame die blind een Chevy panel truck kochten omdat die Ueber cool was. Ze kwamen het ding terug brengen omdat ‘er niet in te rijden was’

    Leave a Reply

    Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *