in

Kawasaki ZL 250 Eliminator

Kawasaki ZL 250 Eliminator. Daar moet de afdeling marketing achter hebben gezeten. Als je iets groots in indrukwekkends hebt, dan heb je natuurlijk de hele markt als je zoiets ook nog eens in XS versie aanbiedt. En dan is XS niet bedoeld als een of dappere afkorting, maar als Extra Small. En als de oorspronkelijke power cruiser de naam ´Eliminator´ heeft gekregen, waarom zou zijn puppy dan ook geen Eliminator zijn?


Kawasaki ZL 250 Eliminator: What is in a name?

En het getuigt van een heel vrije geest om zoiets kleins dan ook nog eens Eliminator te noemen. Want om een Echte Eliminator te zijn moet je toch wel effe iemand zijn. Breed in de schouders. Smal in de heupen. Gewapend en gemeen. Toch? Aan de andere kant: ik ken ook iemand met een Chihuahua met het formaat van een forse rat die ´Tijger´ heet. Maar 40 pk uit 250 cc bij 12.500 toeren van de Kawasaki ZL 250 Eliminator? Dat is best indrukwekkend. Er waren trouwens ook 1000  cc Eliminatoren. En ook nog kleine Eliminatorretjes van 125 cc. En dat stuurkuipje? Ach, dat hoort bij de styling.

Het idee was dat de Terminator reeks een hele lijn cruisers zou bieden. In den Beginne was er in 1985 de 900 cc V twin. Die werd in de markt gezet als ´Power Cruiser´. De 250 cc paralleltwin was het model net na de 125 cc opstapper. Bij 125 en 250 cc waren zowel de begrippen ´Power´ als ´Cruiser´ natuurlijk vrij relatief.

De Kawasaki ZL 250 Eliminator is duidelijk Amerikaans gelijnd

Hij lijkt precies op een Harley. Soort van. Alleen is het blok, een paralleltwinnetje, gek op toeren maken. En de remmen werken prima. Dat soort lichte Harley-achtigen werd in de jaren tachtig massaal verkocht aan beginnende motorrijders en motorrijdende vrouwen. Ze waren vaak wat scharrig, omdat de boekhouding het paard strak op het bit reed. De Kawasaki ZL 250 Eliminator was daar een uitzondering op: hij zat netjes in elkaar, was chiquer dan Suzuki´s GN250 en de Yamaha SR 250. Verder had de kleine driftkikker een lage zit, een laag zwaartepunt en nog wat meer randvoorwaarden die hem meer dan alleen een goedkope, lichte motorfiets maakten. De verlichting, de knoppenwinkel. De afwerking: alles deugde.

A good hart is hard to find (Feargal Sharley)

Het feit dat de krachtbron (of heel flauw: het krachtbronnetje) van de Kawasaki ZL 250 Eliminator zijn oorsprong had in Kawasaki´s ZZ/R250 hielp daar drastisch aan mee. In vergelijk daarmee was een GN of SR 100% kansloos. Met een boring die 20 mm groter dan de slag was, was de watergekoelde Kawasaki heel erg overvierkant. De rode streep op de teller stond dan ook op een weinig rustieke 11.800 tpm. Het uitlaatgeluid was dan ook heel anders dan het dapper blaffen van een conventionele stoterstangentwin. Een ontketende ZL 250 klonk en klinkt als een zeehond uit de diepvries die met een motorzaag wordt gefileerd. Op volle draf rende de Kawasaki iets van 145 km/u. Gecombineerd met zijn slanke lijn maakte dat hem tot meer dan alleen maar ´mooi´. De kleine driftkikker met zijn ontspannen looks was een enorm praktische woon/werkverkeersfiets.

Meer artikelen voor liefhebbers van klassieke motoren vindt u via deze link.

Onderin is zo’n kleine twin natuurlijk niet beresterk. Maar dankzij de soepel schakelende zesbak is de doorsnee leaseridder geen partij bij stoplichtsprints.

De handling is goed voor wat het is en de vering voldoet bij rustig gebruik over het betere soort wegen. De grondspeling is beperkt.

Maar hoe leuk zo’n Kawasaki 250 Eliminator ook is, en hoe zeer hij ook vertederend zijn best doet om op een Harley te lijken, een keiharde, gezochte klassieker is het niet. In zijn tijd was het op zijn best een goede, maar dure, ‘commuter´, een woonwerkverkeersfiets. En natuurlijk waren en zijn er mensen die voor de nu zo gedateerde styling vielen en vallen.

Het aanbod en de prijzen

De schaarse exemplaren die er nu te koop worden aangeboden zijn doorgaans erg netjes. Zelfs de machines die een aardige boodschap hebben gedaan. Maar er is ook nog steeds kans dat je een echt pareltje met weinig kilometers en een volledige gedocumenteerd verleden treft. Ons fotomodel vonden we bij Dutch Lion Motorcycles en de vraagprijs van de rode laagzitter met 25.000 kilometer op de teller bedraagt € 1.250. En voor een klassieke daily driver is dat geen prijs die pijn doet.


Help ons mee deze website en de aangeboden artikelen gratis te houden. Abonneer uzelf op Auto Motor Klassiek en ontvang daarbij ook het blad 12x per jaar in de bus. Of doneer een gewenst bedrag op onze betaalpagina via deze link. We zijn u er zeker dankbaar voor.


 


Een reactie

Geef een reactie
  1. Hallo Dolf Peeters , is deze nog te koop of weet je misschien waar er wel nog een te koop is , het liefst in de mooie kleur rood .In afwachting van je antwoord al hartelijk dank voor je verhaal . Gr. Jo .Michel Vaals Limburg

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Pontiac Phoenix

Pontiac Phoenix: box upon box

Citroën 2CV AZ

Citroën 2CV AZ uit 1969. Een echte eend