Motoren

Kawasaki G7, size matters

By  | 

In alle fotoboeken over De Mooiste Klassiekers Aller tijden vinden we altijd dezelfde legendarische motorfietsen. Het zijn plaatjesboeken over de topstukken van de motorindustrie, de duurste en zwaarste machines van hun tijd. Machines die ook toen al onbereikbaar waren voor de meeste mensen. Maar hoe zit het met machines als de Kawasaki G7 in dit artikel?

We publiceren deze artikeltjes gratis, en willen dat natuurlijk ook blijven doen. Maar u begrijpt dat dat voor ons niet gratis is. Ondersteunt u dit initiatief en waardeert u het? Overweeg dan eens een abonnement op Auto Motor Klassiek. U helpt ons dan niet alleen de gratis initiatieven betaalbaar te houden, maar ontvangt als bonus ook nog eens elke keer een AMK in de bus. En u betaalt nog maar € 3,30 per nummer in plaats van € 4,99. Elke maand goed voor uren leesplezier.

Kawasaki G7: Het is net als in de rest van de geschiedenis

De namen van presidenten en generaals blijven behouden. Maar wie bekommert zich over kleine burgers, voetvolk en soldaten? En dat terwijl motorfietsen eigenlijk ooit gezien werden als gemotoriseerd transport voor mensen zonder geld voor een auto. Er was natuurlijk altijd wel een topsegment, maar dat explodeerde pas toen Honda de CB750 uit vond. Voor die tijd was je op 350 cc nog de man en keek er niemand medelijdend naar je als je op een 100 cc machine reed.

Een 1974’er Kawasaki G7 (1973-1975)

100 cc, een pk of elf en een (opgegeven) top van 115 kilometer per uur. Bij een rijklaar gewicht van 96 kilo was dat helemaal niet fout, zeker omdat mensen van krap twee meter en ruim 200 kilo in die tijd nog niet standaard geleverd konden worden.

De Kawasaki G7 was het heel gewone, minimale gebruiksfietsen concept al ontstegen. Hij was vrolijk gekleurd (Metallic Black, Candy Super Red, Candy Gold, Candy Ocean Blue) en had een roterende inlaat. Het vijfversnellings motorblok(je) was hetzelfde als van de G5 en de G3SS.  Het was best een leuk, feestelijk ding. De pure gebruiksfietsenroots waren nog te herkennen aan de praktische, gesloten kettingkast.

Met zo’n kleine Kawa, een 50 cc Kreidler motor of een Zündapp KS100 kon je de hele wereld aan. Jeugdvriend Rob en zijn Sandra gingen er – inclusief tent – mee op vakantie. Naar Spanje. En dat ze na de eerste lange dag al in Luik waren? Ach, mensen hadden toen minder haast.

Intussen zijn die kleine klassiekers hooguit nog in onze herinneringen aanwezig

Ze zijn verdwenen. Dat verdwijnen gebeurde tot in de vroege jaren tachtig vaak via een alternatieve route. Menige 50-100 cc motorfiets beleefde zijn laatste kilometers met een gele plastic plaat op het voorspatbord.

Zo waren het ‘bromfietsen’ geworden die de roomwitte politie ‘ULM’s’ (Ultra Lichte Motorrijwielen, 49 cc DKWeetjes) genadeloos het snot voor ogen reden. Bovendien kenden hun berijders hun omgeving als hun broekzak. En mocht er eens een politieachtervolging zijn door een KSA of GSA (Kleine Surveillance Auto, een Kever of Golf) of een GSA (Grote Surveillance Auto, een VW bus of met zo’n serieuze BMW boxertwin) dan wist de berijder altijd wel een paadje met paaltjes war de ‘bromfiets’ wel, maar het politievoertuig niet tussendoor kwam.

De zeldzame overlevenden uit die tijd? Voor Kreidlers en Zündapps is serieuze interesse. Er wordt ook best geld voor betaald.

Maar klein grut van de andere merken?

Of het nu een 90 cc Jawa of zo’n 100 cc Kawasaki G7 is? Dat is spul dat allemaal onder de radar zit. Er zijn liefhebbers voor, maar de markt is nog niet ontdekt door de gesel van onze passie: de investeerders. Kleine, lichte motorfietsen? Daarvan zijn er veel gemaakt en verkocht. Maar het waren gebruiksvoorwerpen. Overlevenden zijn er niet veel. Nette overlevenden nog minder. Zo’n machientje vinden, dat is dus een gelukstreffer. Grappig genoeg valt de onderdelenvoorziening uit NOS voorraden en als gebruikt spul nog erg mee. Dat komt dus ook weer omdat er best veel van dat spul is gemaakt.

Onze vriend Alex Janssen uit Gendt heeft blijkbaar een soort radar voor vreemde vondsten

De Kawasaki G7 op de foto’s is weer een van zijn schuurvondsten, net als een rolstoel ergens uit het jaar kruik. Aanschaf-technisch hoef je als liefhebber van dit soort kleine klassieke Japanners je spaartegoeden niet echt te plunderen. En als je zo’n machientje lopend hebt? Dan hoef je er niet meer mee naar Spanje hoor. Maar een rondje over de dijk, om de kerk of naar de Aldi is er perfect mee te doen.

Op Facebook: Kawasaki G7 100

 

Duits: Net even wat anders…

 

Nu in de winkel, het julinummer

BMW 318i, Fiat 500 Abarth, Chevrolet Fleetmaster

Auto Motor Klassiek van juli ligt nu in de winkel. Dus snel naar de boekwinkel voor een nieuw nummer. Voor maar 4,99 een garantie voor zeker een paar uur leesplezier.

Lekker zomers prijkt op de omslag de BMW 318i cabriolet van Femko de Jong. Hij bracht de auto tot in perfectie. U leest er alles over in nummer 7.

Erg interessant vinden we zelf de ombouw van een Chevrolet Fleetmaster naar een custom. Dat is niet zomaar klakkeloos gedaan. Het was een echt ingrijpend project. Zelfs de klompen van de eigenaar moesten eraan geloven. Ook de restauratie van de Fiat 500 waarvan in dit nummer een verslag, zou je onder de noemer custom kunnen scharen. De auto was in erbarmelijke toestand, dus een intensieve restauratie volgde. Eigenaar Henrique Linde gaf er meteen een eigen 'Abarth'-draai aan. Wij vonden het resultaat meer dan geslaagd. Hendri Kampherbeek heeft zijn hart gegeven aan Peugeot. Zelfs wanneer deze voor de tweede keer onder handen moet worden genomen. Zijn Peugeot 405 mi16 kocht hij met een kapotte motor en na de restauratie was het weer bijna mis.

Natuurlijk worden alle auto- en motorverhalen weer voorafgegaan aan tientallen pagina's met korte berichten, vanaf praktische tips tot en met historie, klassiekers die we onderweg tegenkwamen en diverse columns waar het hebben van een klassieker, het sleutelen aan een klassieker en zelfs het hobbymatig handelen van klassiekers centraal staat. Bovendien natuurlijk ook rond de veertig pagina’s met klassiekers te koop, die soms online niet eens aangeboden worden. Het perfecte leesvoer. Haal hem daarom snel in huis en neem alvast een abonnement, zodat u de volgende editie niet mist.

En verder ook nog:

  • Aprilia Moto 6.5 restauratie
  • Honda CB 550
  • Mercedes-Benz 600 Pullman
  • Herinnering aan Stirling Moss
  • Beleef de bevrijding deel 2

Meer over wat er in deze editie allemaal staat ziet u op onze pagina deze maand.

 

Dolf Peeters, automotive journalist, tekstschrijver, vertaler, lid van de Heeren van Arnhem

5 Comments

  1. Peter

    2 april, 2020 at 13:59

    Mooi artikel, het zijn vergeten pareltjes. ikzelf ben nog in het bezit van een zeer mooie overlever G7 100 zoals op de foto maar dan in candy gold. in de zomer geniet ik er echt van om er een toertje mee te rijden. zijn echt leuke motortjes. In en rondom de stad en voor de afstanden die ik afleg heb ik heus geen zware motor vandoen, onderhoud is ook veel simpeler en goedkoper om dan nog niet gesproken over het stappenrijbewijs hier in Belgie. Ik hou het lekker hierbij

  2. Peter

    17 januari, 2020 at 22:13

    Ik heb ook wat met dat kleine spul, naast mijn Triumph ook twee Kreidlers, die als ik zomaar rondje doe sneller pak dan de motor, en met een grijns van oor tot oor, ja ben zestig misschien dat ik in gedachten terug in de tijd ga? Is dan een soort tijdmachine denk ik. Op

  3. Pascal

    17 januari, 2020 at 13:42

    Ik ben benieuwd of ‘we’ het ooit gaan afleren: “alleen een zware is je ware”…
    Persoonlijk kan ik net zo genieten van een rit op een oud brommertje als dat ik dat doe aan boord van een rustig galopperende ouwe V-twin.
    Mijn garage is gevuld met 50cc-jeugdliefdes tot jaren-’90 kanon, en alles wat daartussen zit..
    En overal kom ik ermee waar ik wezen wil..

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *