Motoren

Jawa’s upgrading

By  | 

Jawa: Tsjecho Slowakije. ‘RengggKeDENGGGkeng!’, blauwe rook. Kapotte ontstekingen. Helemaal niks waard. Slecht chroom. Ho!

We publiceren deze artikeltjes gratis, en willen dat natuurlijk ook blijven doen. Maar u begrijpt dat dat voor ons niet gratis is. Ondersteunt u dit initiatief en waardeert u het? Overweeg dan eens een abonnement op Auto Motor Klassiek. U helpt ons dan niet alleen de gratis initiatieven betaalbaar te houden, maar ontvangt als bonus ook nog eens elke keer een AMK in de bus. En u betaalt nog maar € 3,30 per nummer in plaats van € 4,99. Elke maand goed voor uren leesplezier.

Jawa was een wereldmerk

Jawa maakte ooit hoogst moderne, betrouwbare motorfietsen. Motorfietsen waar je op gezien mocht worden.  Maar net als het zoveel moois verging, bleef de ontwikkeling van het ooit zo trotse merk hangen in de netten van de planeconomie. De regering bepaalde wat voor motorfietsen er gemaakt moesten worden. (En wat voor gewassen er gekweekt moesten worden en nog wat basisdingetjes.) Lekker overzichtelijk toch?

Motoren voor de massa

Ook in die tijd en in dat systeem wisten regeringen niet erg goed waar ze mee bezig waren. Terwijl er in het Oostblok, achter het toen nog roestvrij stalen gordijn, strak aan dogma’s werd vastgehouden, werden de verwerpelijke ‘communisten’ op alle vlakken links en rechts ingehaald door dat andere verwerpelijke systeem: het kapitalisme. Of laten we het het ‘liberale ondernemerschap’ noemen.

In het Oostblok bleven mensen moedeloos op de hun toegewezen, doorgaans tweetakt – motoren ronddreutelen. Ze moesten lang wachten voor ze zo’n ding konden bemachtigen, maar ze waren er blij mee. Een motorfiets was hun vervoer. Vervoer waar geen westerling meer dood op gezien wilde worden. Maar de naam Jawa bleef in het westen rondzingen. Ook vanwege de politiek gesponsorde successen op de fenomenale Jawa (ijs)speedway motoren. 500 cc alcoholgestookte ééncilinders zonder remmen. Dat is pas motorrijden!

Nostalgia rules!

Op een gegeven moment werden Jawa’s nostalgisch. Mensen in wat hier allang het westen was, begonnen ze te restaureren, te verzamelen en te rijden. Dat was een leuke hobby. Een betaalbare hobby. Want de motorfietsen waren goedkoop. De onderdelen waren erg goedkoop via de inmiddels ex-Oostbloklanden. ‘Wij’ begonnen motorbeurzen in het voormalige Oostblok te bezoeken en kochten voor kleingeld allerlei soorten Jawa’s, waarbij de 350 cc tweetaken en zelfs de uiterst zeldzame 500 cc viertakten voor kleingeld van eigenaar wisselden.

En iedereen had schik. Totdat het in de inmiddels zelfstandige staten Tsjechië en Slowakije wat beter begon te gaan. Toen er daar geld los kwam. Toen beseften trotse Tsjechen en Slowaken dat ze hun nationale erfgoed verpatst hadden en begonnen ze dat terug te kopen. Daar wilden ze voor betalen. De Jawa 350 TS op de foto’s is voor € 300 gekocht. En is naar zijn thuisland terug gegaan voor € 2.500. De vroegere modellen met al dat plaatwerk waren ooit, in hun 350 cc tweecilinder versie, pure statussymbolen die feitelijk alleen voor harde valuta naar het buitenland gingen.

Van… voor…

De 350 op de foto werd hier voor € 800 gekocht en vond een Tsjechische eigenaar voor € 4.250. Die verkocht hem lokaal door voor 2 mille meer. Voor de alleen voor export bedoelde Californians wordt lokaal intussen tot bijna € 20.000 afgetikt. En een 500 cc viertakt Jawa? Die kan zomaar een trotse € 40.000 als vraagprijs dragen

Alle prijzen zijn waanzin

Onze hobby wordt grootscheeps onbetaalbaar gemaakt door mensen met meer poen dan passie. Een motorfiets als investering. Het moet niet gekker worden. De dingen zijn gemaakt om te rijden.

De troost is wel dat er nog best veel Jawa modellen zijn die nog niet in de klauwen van de ook ver buiten de Veluwe jagende geldwolven zijn gevallen. Daar liggen nog kansen. Net zoals er momenteel ook heel veel types van andere merken voor weinig te koop zijn. Dan koop je gewoon een leuke klassieker voor weinig. Je hebt er schik mee.

En als hij onverwacht qua waarde net zulke bokkensprongen gaat maken als die gekke Jawa’s die niemand wilde hebben? Ach: dan heb je in elk geval je pensioen voor elkaar!

Intussen zijn er vanuit de ooit Indiase licentiebouw weer nieuwe Jawa’s. Die zijn enorm retro. En niet duur. Nog niet duur.

Meer artikelen over klassieke motoren vind je via deze link

Ook interessant om te lezen:
www.olx.ro? Klassiekers uit het Oostblok
AJ/DP MOTORENMZ, Jawa en Planeta: Socialistische werkpaarden
Jawa 638: de betaalbare Jawa
Een Jawa, als je hem kunt betalen tenminste
Verborgen klassiekers

 

Nu in de winkel, het augustusnummer

Auto Motor Klassiek van augustus ligt nu in de winkel. Voor maar 4,99 een garantie voor zeker een paar uur leesplezier.

Deze maand een mooie opvallende omslag. De Opel Rekord die Erwin Roosink een paar jaar geleden kocht in slechte staat en volledig restaureerde. Waarna hij als fan van de Dukes of Hazzard aan het uiterlijk van zijn Rekord een eigen draai gaf.

Verder in dit nummer:

  • Fiat 850 Familiare die na een halve eeuw overging naar de tweede eigenaar, die vervolgens beloofde de volgende halve eeuw er goed voor te zorgen.
  • Suzuki GS1000 die in de eind jaren zeventig een nieuw hoofdstuk vormde in de betrouwbaarheid en rij-eigenschappen van de Japanse supersports.
  • De Volvo 340 GL is dan misschien wel geen uniek type auto, maar met zijn 58.000 kilometer op de teller, is de inmiddels 33 jarige klassieker wel in unieke staat.
  • In het praktjkartikel leren interieur opknappen wordt een uitgedroogd leren interieur weer mooi gemaakt.
  • De Toyota Corolla Coupé GT Twin Cam 16 is de laatste tien jaar behoorlijk in populariteit gestegen. Reden voor ons er eens een reportage aan te wagen. We vonden een mooi exemplaar.
  • BMW R100 Mono. In vergelijking met een R69S of een R90S heb je zo’n ‘nieuwe’ R100RT voor wisselgeld. En je rijdt er een mooie motor mee. Een signalement.
  • De Saab 96V4 van Ad van Beurden had al wat rally's gereden, maar om hem echt optimaal te laten presteren, moest er nog het een en ander aan gebeuren. In dit nummer een verslag van de werkzaamheden.
  • In 75 jaar later opnieuw een serie foto's uit de oude doos, waarmee we even terugschakelen naar de jaren van de Tweede Wereldoorlog.

Alle auto- en motorverhalen worden voorafgegaan aan tientallen pagina's met korte berichten, vanaf praktische tips tot en met historie, klassiekers die we onderweg tegenkwamen en diverse columns waar het hebben van een klassieker, het sleutelen aan een klassieker en zelfs het hobbymatig handelen van klassiekers centraal staat. Bovendien ook rond de veertig pagina’s met klassiekers te koop, die soms online niet eens aangeboden worden. Het perfecte leesvoer, ook voor de komende vakantie. Haal hem daarom snel in huis en neem alvast een abonnement, zodat u de volgende editie niet mist.

Meer over wat er in deze editie allemaal staat ziet u op onze pagina deze maand.

 

Dolf Peeters, automotive journalist, tekstschrijver, vertaler, lid van de Heeren van Arnhem

2 Comments

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *