Reportages

Geprefabriceerde emoties

By  | 

In een heel actuele wagens zoals de Porsche Cayman en de Ford Mustang  zitten er ´speakers´ onder het dashboard die het dynamische motorgeluid in het passagierscompartiment moeten pompen.

We publiceren deze artikeltjes gratis, en willen dat natuurlijk ook blijven doen. Maar u begrijpt dat dat voor ons niet gratis is. Ondersteunt u dit initiatief en waardeert u het? Overweeg dan eens een abonnement op Auto Motor Klassiek. U helpt ons dan niet alleen de gratis initiatieven betaalbaar te houden, maar ontvangt als bonus ook nog eens elke keer een AMK in de bus. En u betaalt nog maar € 3,30 per nummer in plaats van € 4,99. Elke maand goed voor uren leesplezier.

En er is een heel oud motormerk dat er enorm veel energie in steekt om er net zo uit te blijven zien als 60 jaar geleden, maar dat elektronisch en technisch intussen elk ander merk naar de kroon kan steken zoals het dat al jaren qua prijs doet.

Goed, er was een dikke custom motorfiets die zo mooi liep dat de marketeers bedachten dat er een recht stuk pijp tussen de cilinderkop en de buddy gemonteerd moest worden zodat de kewle cruiser zijn berijder toch de gewenste ‘good vibrations’ zou geven.Is dat mooi of decadent?

En recentelijk concludeerden de makers van een nieuwe versie van een al langer bekende karakterfiets dat het nieuwe motormanagement zo vlekkeloos functioneerde dat de elektronicaspecialisten er een paar ‘bug’ in moesten programmeren om de vlekkeloze motorloop op nullast toch van een paar authentieke hikjes en haperingen te voorzien.

Denkt u eens in: Uw Lief is een beeldschone jonkvrouwe, een perfect als in een dans bewegende gazelle. Omdat zoveel perfectie in een vrouw boven uw begrip valt schopt u haar een dubbele scheenbreuk zodat ze nadien wat met slagzij en wat hinkend loopt. Dat is een raar idee? Dat zal ze met u eens zijn en we raden het zeker niemand aan iets toverachtigs als een vrouw middels een doodschop in ons denkraam passen te laten. Maar die technische ‘oplossingen’ van zo-even dan? Daarmee zitten we in de spagaat die moderne mannen maken.

Het moet liefst ruig en avontuurlijk zijn. Met het stoere gevoel van de weggebruikers van weleer die met hun zakmes zomaar een nieuwe drijfstang sneden uit een gevonden stuk eikenhout en een kapot membraan van hun Bing carburateurs vervingen door een condoom. Dat was trouwens een broodje aap verhaal. Het rubber van zo’n nuttig latexje is niet benzinedampbestendig.

Maar of vroeger alles echt leuker was? Misschien, wanneer het ervaren wordt met de blik uit die tijd. Dan is het eindpunt niet het doel van de reis, maar is de reis het doel van de reis. Eens per jaar doen we een keertje ‘vroeger’. De ene keer vanuit België naar het land waar ze zo’n pech met voetbal hebben. De andere keer vanuit de onafzienbare vlaktes van de Lage Landen naar, bijvoorbeeld de westkant van de Ardennen.

Vanuit Nederland ging het de laatste keer zo: Een van ons reisde per trein naar Vlaanderen, want er moest een vorig jaar gestrande Adler terug naar huis. Paul’s Liberator was totaal gerestaureerd. Ernies Liberator had net zijn twee jaarlijkse onderhoudsbeurt gehad, Gerhards DKW 350 walmde er tevreden op los, van Ronalds BSA eencilinder waren de banden op gepompt en in de 750 cc zijklep zijspancombinatie werd allerlei nuttigs zoals een vijf tons garagekrik geladen.

Aan het eind van de straat brak de koppelingskabel van de DKW. Geen nood! Er was vervanging voorhanden.

De rit via de Maasvallei was over de diverse tellers gemeten ongeveer 350 km. We deden er zo’n 10 uur over. Dat was inclusief terrasstops, de vervanging van een voorwiellager, het weer terugvinden van een verloren uitlaatdemper, het meermaals herzetten van de ontsteking van Paul’s WLA en het telkens vervangen van het inmiddels gemonteerde uitwendige benzinefilter, een lang gesprek met een oude dame die zich onze colonne uit haar jeugd herinnerde, het oplossen van wat kopelingsproblemen bij de andere Harley. Het vervangen van een lekke vlotter bij de Russische driewieler, het plakken van een ook al lekke band en nog wat meer van dat soort onduidelijkheden.

We hadden geen haast en alle benodigde reparatiespullen bij ons. Net als vroeger. En als we eenmaal op volle draf waren, dan gaf de K750 brommend als een tevreden en overvoedde hommel het tempo aan: dik 70 km/u is genoeg om overal te komen waar je wilt komen.

Er waren maar een paar automobilisten die daar nerveus van werden. Na elke onverantwoordelijke inhaalactie joeg de Adler achter ze aan. De Adler was te snel voor het gezelschap en moest daarom soms olierook walmend even uitrennen. We volgden gewoon de geur van verbrande tweetaktolie om hem te achterhalen.

Ruim tien uur na ons vertrek zaten we op een terras in Couvin, een steenworp van ons hotel in Olloy. Helemaal tevreden en met de tweede pint al half leeg voor ons. We zijn niet eens de enige klassiekerrijders daar. De restauratieprobleempjes waren uit Paul’s motor weggesleuteld. De motoren stonden tevreden tikkend af te koelen. Hun plek te markeren met een obligate druppel olie. Santé!

 

Dezelfde rit in een moderne auto of op een moderne motor doe je over de snelweg in drie uur. De kansen dat er onderweg gesleuteld moet worden zijn nihil.

En de pret is er een stuk minder om.

Op het terras toostten we op ´oud ijzer en lange reistijden´.

 

Nu in de winkel, het julinummer

BMW 318i, Fiat 500 Abarth, Chevrolet Fleetmaster

Auto Motor Klassiek van juli ligt nu in de winkel. Dus snel naar de boekwinkel voor een nieuw nummer. Voor maar 4,99 een garantie voor zeker een paar uur leesplezier.

Lekker zomers prijkt op de omslag de BMW 318i cabriolet van Femko de Jong. Hij bracht de auto tot in perfectie. U leest er alles over in nummer 7.

Erg interessant vinden we zelf de ombouw van een Chevrolet Fleetmaster naar een custom. Dat is niet zomaar klakkeloos gedaan. Het was een echt ingrijpend project. Zelfs de klompen van de eigenaar moesten eraan geloven. Ook de restauratie van de Fiat 500 waarvan in dit nummer een verslag, zou je onder de noemer custom kunnen scharen. De auto was in erbarmelijke toestand, dus een intensieve restauratie volgde. Eigenaar Henrique Linde gaf er meteen een eigen 'Abarth'-draai aan. Wij vonden het resultaat meer dan geslaagd. Hendri Kampherbeek heeft zijn hart gegeven aan Peugeot. Zelfs wanneer deze voor de tweede keer onder handen moet worden genomen. Zijn Peugeot 405 mi16 kocht hij met een kapotte motor en na de restauratie was het weer bijna mis.

Natuurlijk worden alle auto- en motorverhalen weer voorafgegaan aan tientallen pagina's met korte berichten, vanaf praktische tips tot en met historie, klassiekers die we onderweg tegenkwamen en diverse columns waar het hebben van een klassieker, het sleutelen aan een klassieker en zelfs het hobbymatig handelen van klassiekers centraal staat. Bovendien natuurlijk ook rond de veertig pagina’s met klassiekers te koop, die soms online niet eens aangeboden worden. Het perfecte leesvoer. Haal hem daarom snel in huis en neem alvast een abonnement, zodat u de volgende editie niet mist.

En verder ook nog:

  • Aprilia Moto 6.5 restauratie
  • Honda CB 550
  • Mercedes-Benz 600 Pullman
  • Herinnering aan Stirling Moss
  • Beleef de bevrijding deel 2

Meer over wat er in deze editie allemaal staat ziet u op onze pagina deze maand.

 

Dolf Peeters, automotive journalist, tekstschrijver, vertaler, lid van de Heeren van Arnhem

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *