in

Een Guzzi jiffy en andere Italiaansheden

Een van mijn vorige Guzzi California’s was even ziek

Bij Goos Bos kocht ik voor zeshonderd euro een Yamaha Diversion 600 omdat ik toch vervoer nodig had. Motor Guzzi Cali’s hebben zijstandaards die voor de Amerikaanse politie zijn gemaakt. Je schopt de stok met je linkerbeen naar voren en hij ‘valt in het slot’. Terwijl zo’n ‘officer’ dan zonder zorgen soepel van zijn twin af stapt heeft hij vanaf het moment van stilstand direct de handen vrij  om zijn dienstwapen te hanteren. Maak op dat moment geen grappen of onverwachte bewegingen! Amerikaanse agenten zijn niet zoals Dirty Harry met zijn “Make my day punk!” Maar ze zijn doorgaans wel heel duidelijke volgers van de klare lijn.

Mijn in de loop der Cali’s ingesleten gewoonte was dan ook: Tot stilstand komen, jiffy een schop geven, Guzzi naar links laten vallen. Dan staat zo’n ding zo stabiel dat je op de buddy kunt klimmen om die als uitkijkpost te gebruiken.

“Stoppen, schoppen, laten vallen”

Die aanpak leerde dat ik direct onder mijn kleine Diversion lag. De ‘klonk’ bij de Guzzi betekent dat de jiffy uit staat. De klonk bij de Yamaha betekent dat de jiffiy is terug geklapt in zijn uitgangspositie.

Intussen heb ik me een Motor Guzzi V65 C aangeschaft. En daar word ik straks erg blij mee. Maar nu nog even niet. De ‘kleine’ Moto Guzzi’s zijn niet erg gezocht. Dat is voornamelijk op basis van emotionele gronden. Ze zijn fysiek vrij klein en weinig indrukwekkend. En natuurlijk hebben ze een paar van die eigenschappen die ik als langjarig berijder van Italianen en Russen liefdevol bestempel als ‘karakter’. Meer kritische geesten noemen dat slecht uitgevoerde slechte constructies. Maar als Guzzi in het Falconetraject meer dan een halve eeuw niets aan de beroerde smering van de kleppentrein heeft gedaan, wat zou ik dan lopen mopperen.

De kleine – nou ja: ik herinner me nog dat een 650 cc een echt zware jongen was – heeft ook een zijstandaard. Daar hebben de Italianen vast goed over nagedacht. Toen hebben ze het resultaat bekeken en bedachten ze na een halve fles Chianti: “Dat gaan we anders doen!”

Het resultaat is een te rechtopstaand tragisch kort zijstandaardje met een verkeerd gekozen scharnierpunt

Het op de zijstandaard zetten is daarmee een precisiewerkje geworden. En de op zijn jiffy steunende motorfiets verkeert in een dermate kritische evenwichtssituatie dat de twin al omdondert als een naar snacks scharrelende mus er maar met een half oog naar kijkt.

En ergens zit je dan zelfs met jarenlange ervaring met ‘Italianen’ met de muil vol tanden. Als je er even voor gaat zitten, dan kun je tientallen van dat soort Italiaanse onnozelheden zoeken en vinden. Tot aan onrijdbare Lamborhini´s aan toe. Vriend Jan Keijzer – zelf een overtuigd Italofiel – verwoordde het zo: “Italianen brengen iets op de markt als ze het MOOI genoeg vinden. Praktijkdetails en dergelijke randvoorwaarden? Daar moet de koper dan maar wat aan doen of mee leren leven.

Omdat er nu toch wat tijd is geeft ik hierbij ‘Mijn Italië´ plus nog  wat franje aan het kleed

Motorjournalisten hebben een perfect leven. Ze reizen de wereld rond, worden fantastisch onthaald, maken van alles mee en ze krijgen er nog voor betaald ook.

Het gaat in ons voorbeeld om de introductie van een nieuwe productlijn van een ambitieuze Italiaanse fabrikant.

Er wordt dus een freelancer M/V ingehuurd. Freelancers M/V zijn gedreven mensen die de hang naar aardse rijkdom ontstegen zijn.

DAG 1: Voor de incheckbalie van Ryanair staat een hele slang mensen. Er staat iemand in de rij met een complete achtpersoons bungalow tent. Hij kan het maar niet vatten dat zijn vracht niet als handbagage mee mag. De freelancer checkt geroutineerd in. De poort piept op de Leatherman.

Die gaat uit zijn houdertje en in de handbagage tussen de laptop en andere elektronica.

De passagiers stromen via het vliegtuig in. Een stewardess die Engels spreekt met het accent uit een Britse comedy serie repeteert in snelvuurtempo dat ieder vrij is om een stoel uit te zoeken. Dat geeft gedrang bij de raamplaatsen. De twee andere stoelen in de rij van drie worden gevuld door een enorm dikke Italiaanse en haar minuscule echtgenoot. Een dikke Italiaanse voelt aan als een weldoorvoede airbag.

De captain heeft een loodzwaar Iers accent

De stewardessen draaien met een doodse blik in hun ogen de veilgheidsroutines en lopen daarna dingen te verkopen en vuil op te halen. Er worden krasloten verkocht. Het landen gaat prima. Buiten is het dertig graden. In de aankomsthal staat een bezwete Italiaan met een papiertje waarop met pen de bedrijfsnaam is geschreven. Naast hem staat al een andere genodigde. Het is een jonge vrouw in zomerkleding. Intussen heeft de chauffeur, die net als alle Italianen een aan zijn hand vastgegroeide GSM heeft, contact met de hele wereld en de zaak.

Er blijken ook nog een Griek en wat Fransen zoek te zijn

We stappen in en rijden de file in. Langs een soort doorgaande weg staan tientallen luchtig geklede meisjes vriendelijk naar automobilisten te zwaaien. Het hotel staat op een desolaat industrieterrein. In het hotel is er tijd voor een vlugge douche. Want om acht uur is de pers genodigd voor een diner. Maar voorlopig bestaat de pers dus uit een tweepersoonsdelegatie uit Nederland. Er missen nog een mannetje of 38.

Om ongeveer half tien is bijna iedereen er

De spokesmanager van de fabriek vertelt al gs-emmerend dat de bus er nu ook elk moment kan zijn. En jawel… De buschauffeur krijgt ruzie met zijn GPS en het verdwaalt… Erg laat komt de ploeg aan bij het beloofde restaurant. Er liggen drie onweersbuien om onze locatie. De manager vertelt dat een van zijn personeelsleden de zaak via de buienradar in de gaten houdt. De man kijkt tevreden naar zijn gasten en de hoosbui barst onverwacht los. Iedereen wordt nat. Om een uur of half twee worden de nog natte, maar voldane gasten voor het hotel gelost. Ondanks het late uur zijn er nog meisjes die de nadampende gasten maar wat graag willen troosten. De harde kern journaille duikt de hotelkelder in. Daar is de bar. Tijd voor werkoverleg en de laatste bedrijfs- en vakroddels.

DAG 2: De excursie staat gepland vanaf 9.30 uur

Om een uur of half elf komt de Sales Director in Armani vragen of iedereen er klaar voor is. Hij zwaait naar buiten. Het publiek ziet dat een bus zijn deuren sluit en wegrijdt. De Verkoopdirecteur rent buiten, start zijn zwarte Alfa Romeo en verdwijnt ook. Er komt een wat kleinere touringcar aanrijden. Het ding stopt en er stappen twee Italianen uit die gister ook al gezien waren. In correct Engels wordt de pers uitgenodigd om in de bus plaats te nemen. Het is weer een uurtje rijden. Het bedrijfspand ziet er van buiten kaal-strak uit.

Maar binnen is te zien waarom Italianen zo’n reputatie op het gebied van schoonheid hebben

Allemaal setting & design. Top! Er loopt een cameraploeg. Er is een podium met twee enorme flatscreens. Fotomodellen. Macho mannelijke Italianen. Rank gesneden dames! De presentatie is helemaal goed. De persmappen zijn zo mooi dat het bijna niet meer hinderlijk is dat ze alleen in het Italiaans zijn. Eerst krijgt iedereen cappuccino of espresso. Een echte espresso veegt alle vermoeidheidsflarden van een volle week zinderend weg. Het journaille loopt tevreden keuvelend rond. Beginnende verslaggevers haal je er zo uit. Met de mooie pen uit persmap maken ze als waanzinnigen aantekeningen in het design kladblok dat in de map zat. De veteranen kijken geïnteresseerd naar de activiteiten. Ze schrijven niet. Ze weten dat alle info, inclusief de foto’s op de CD’s in de persmap staan.

Een product directeur houdt intussen een betoog over zijn product. In het Italiaans. Hij laat zich meevoeren door zijn emoties.

Zijn tsunami van productinformatie valt stil. De man kijkt naar de vertaalster die het hele betoog met groeiende verbijstering heeft aangehoord. De dame is Engels. Ze kiest dus voor een aanpak die geen Italiaan in zijn hoofd zal halen. Ze vat de verbale storm van krap tien minuten lang samen in het meesterlijke: “This is a very good and modern product”.

De helft van de aanwezigen spreekt geen Italiaans of Engels

De stemming is ontspannen. Een Spaanse journalist zit te flirten met een riant geboetseerde Duitse fotografe. De communicatieman van het bedrijf spreekt goed Engels en neemt het woord. Hij stelt ons voor aan de verantwoordelijke van de wedstrijdafdeling. De man is een doodnerveuze, spichtige zuid Italiaan. Hij morrelt wat aan zijn stapel aantekeningen. Hij begint te praten. Loopt vast. Grijpt verbeten naar zijn teksten. Maar de bladen liggen niet op volgorde. Hij slaat de handen ten hemel. Pakt zijn papieren en verdwijnt.

Bij het presentatieteam heerst enige consternatie… De raceverantwoordelijke komt weer terug.

Hij kijkt boos het publiek in en herstart zijn verhaal. Hij praat razendsnel en zonder stoppen. De vertaler heeft geen kans. Als de man toch buiten adem raakt probeert de communicatiebaas hem af te serveren. De circuitspecialist kijkt met dodelijke haat in zijn ogen de zaal in en ratelt zeven minuten door. Hij besluit zijn betoog met een hoofdknik en verdwijnt weer.

Daarna is de officiële presentatie voorbij

Er kan inter-gevjoewd worden met de gesponsorde rijders. Ze laten zich gewillig fotograferen. Er is een fantastische lunch op het dak van het bedrijf. Later blijkt dat het grootste deel van de productie in China en de Oekraïne wordt gemaakt. De wereld is een dorp. Een Italiaanse redacteur heeft zijn ogen constant op de Duitse fotografe, die al eerder werd genoemd, gericht. De Germaanse is er een kanjer. Minstens 1 meter 85. Rondborstig. Vol in de heupen. De Italiaan rukt zijn ogen van haar af en zegt met een onnavolgbaar accent tegen de Britse redacteur naast hem “Big girls frighten me”.

Er zijn een paar journalisten die kenbaar hebben gemaakt dat ze sommige 2019 items wel heel vet vinden. Met een samenzweerderig gebaar worden ze meegenomen naar ‘achteren’. Daar staat een hele stapel weggeefdingesten.

Dan blijken er nog drie journalisten over te zijn

Die zijn vliegtechnisch gepland voor de volgende dag. Helaas heeft de organisatie vergeten nog een extra hotelnacht voor ze te boeken. En de mensen van de fabriek zelf hebben absoluut geen tijd meer voor de drie overblijvers. De extra overnachtingen zijn geen probleem. Er wordt afgesproken dat er op kosten van de zaak ook in de stad gedineerd kan worden. Het eten is matig. De oberes heeft een vijfpuntige ster onder haar rechteroor getatoeëerd. Het stadje zelf is om 21 uur 30 net zo uitgestorven als Maasmechelen bij nacht.

Terug bij het hotel krijgt iedereen ruzie met de taxichauffeur

De gerant komt naar buiten en maakt kenbaar dat het niet aanvaardbaar is om toeristen op kosten van een Italiaans bedrijf harteloos te bestelen. De taxichauffeur wordt zo boos dat hij een deuk in zijn auto schopt. Bedtijd.

DAG 3: Na het opstaan kijkt de freelancer de terugreisdocumenten in. Het blijkt dat er de avond ervoor een vlucht was geplande naar Stuttgart. Een ander papier meldt dat de terugreis twee dagen later om 6.30 uur naar Amsterdam geboekt is. De derde boeking is blijkbaar gedaan op dezelfde vlucht als die van de andere Hollandse collega. Een uurtje later dan afgesproken worden de overblijvers opgehaald.

De chauffeur van de bedrijfsbus doet er alles aan om de verloren tijd in te halen. Daarbij steekt hij de ene sigaret na de andere op. Zijn andere arm is vergroeid met zijn GSM. Met een derde arm pakt hij constant snoepjes uit het dashboardkastje. Op het vliegveld blijkt dat er nog twee andere stoelen op dezelfde naam geboekt staan. Bij de douane blijkt de Leatherman nu een echt probleem. De beveiliger adviseert ‘Dzjoekenne zrow iette away’.

Een voordelig vormgegeven dame vraagt “Ga je ook naar Eindhoven?”

Op het ‘ja’ zegt ze: “Dan geef je dat ding toch gewoon aan mij mee. Omdat er voor de freelancer in elk geval drie zetels waren geboekt is er wat ruimte. Er nestelt zich alleen nog een mollige, bleke en zwetende twintigster. Ze is Italiaans. Haar vriend woont in Vlaanderen. Ze heeft vliegangst. De freelancer praat haar door de start heen en vraagt de haar of ze bij het raam wil zitten. Ze slaat haar zorgvuldig gemanicuurde handen voor haar gezicht en huivert: “Never!” De vlucht verloopt voorspoedig. Na de landing wordt er geklapt. De Italiaanse schone bedankt voor de coaching.

Bij de lopende band wordt de vriendelijke Katelijne opgespoord

Ze blijkt het fenomeen Leatherman niet te kennen, maar is na verduidelijking gepast onder de indruk. en heupwiegt volkomen naturel weg. Daar kan geen Italiaanse tegen op. Buiten staat de Guzzi van de freelancer. Nog 114 kilometers. Dan: Thuis. Bijpraten…. Chinees halen. Morgen de tekst maken. En factureren.. Het leven is een feest.

En als je dit verhaal helemaal uit hebt gelezen?

Dan heb je een heleboel gratis tekst gehad. Die gunnen we je van harte. Zeker in deze gekke tijden. Maar doe eens iets solidairs: Neem een abonnement op het maandblad Auto Motor Klassiek. Het klassiekerblad door liefhebbers, voor liefhebbers.

Dat kost bovendien bijna niets. En dan dan krijg je elke maand een hoop liefdevol gemaakte klassiekerverhalen plus een bult aan te koop staande klassiekers en onderdelen en diensten daarvoor: En dan kunnen wij doorgaan met het leveren van gratis online tekst.

Welkom bij de club en bij voorbaat dank!

Meer columns lees je via deze link.

En meer verhalen over klassieke motoren via deze link.

Het zijn rare tijden. Laten we rustig en positief blijven!

De Italiaanse aanpak± De jiffy bijna in lijn met de wielen. Top!
We publiceren deze artikeltjes gratis, en willen dat natuurlijk ook blijven doen. Maar u begrijpt dat dat voor ons niet gratis is. Ondersteunt u dit initiatief en waardeert u het? Overweeg dan eens een abonnement op Auto Motor Klassiek. U helpt ons dan niet alleen de gratis initiatieven betaalbaar te houden, maar ontvangt als bonus ook nog eens elke keer een AMK in de bus. En u betaalt nog maar € 3,30 per nummer in plaats van € 4,99. Elke maand goed voor uren leesplezier.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *