in

BSA Sunbeam en Triumph Tigress. Een narrig katje

Scooters waren bedacht als genderneutrale massatransportmiddelen. Op veel Italiaanse reclame uitingen stonden dan ook beeldschone jonge dames. Maar er waren ook leden van de staand plassende soort die scooterist waren. Rob Bakker en zijn verloofde bijvoorbeeld gingen op de scooter naar Spanje. Wij vonden nog een leuke BSA Sunbeam.

Scooters in Europa

Er was nog wat consternatie bij de grens. Zijn collega’s hadden met typisch Amsterdamse humor een ‘L’ extra op zijn nummerbord geplakt. Met een ‘UL’ nummer had Rob wel wat uit te leggen ondanks dat de Franse douanemensen de subtiliteit van de grap misten.

We publiceren deze artikeltjes gratis, en willen dat natuurlijk ook blijven doen. Maar u begrijpt dat dat voor ons niet gratis is. Ondersteunt u dit initiatief en waardeert u het? Overweeg dan eens een abonnement op Auto Motor Klassiek. U helpt ons dan niet alleen de gratis initiatieven betaalbaar te houden, maar ontvangt als bonus ook nog eens elke keer een AMK in de bus. En u betaalt nog maar € 3,30 per nummer in plaats van € 4,99. Elke maand goed voor uren leesplezier.

Natuurlijk denkt iedere klassiekerliefhebber bij scooters het eerst aan Italië. Maar het fenomeen was wijdverbreid. Ook in ons land werden er scooters gemaakt, zoals de Bema uit de jaren vijftig. Bema stond hoogst origineel voor “Ben Maltha” en produceerde in 1950 scooters met Villiers-blokjes van 122 en 197 cc. Bijzonder was dat het plaatwerk uit glasfiber bestond. De ANWB beproefde nog een Bema-scooter met zijspan.

Er waren ook al echte ‘motorscooters’

Maar niet alle scooters waren dapper walmende tweetaktjes. Ook BSA waagde zich op die markt.
De Triumph Tigress, ook verkocht als de BSA Sunbeam, was een scooter die ontworpen was om de harten te stelen van motorfietsliefhebbers. De toetreding van de BSA-groep tot de scooterwereld werd in oktober 1958 aangekondigd door Edward Turner.

Het 250 cc-model zou een kruissnelheid hebben van 100 km/u bij een heel zuinige dorst. Een prototype van een 250 cc BSA Sunbeam werd getoond op de Earl’s Court Cycle and Motor Cycle Show in 1958. De fabricage begon eind 1959, maar leveringsmoeilijkheden werden erkend als gevolg van problemen met het werven van arbeidskrachten, hoewel werd beweerd dat de groep een productiecapaciteit had van 50.000 machines per jaar. Maar dat was theoretisch.

Bedacht door Edward Turner. ‘Who else?’

Het ontwerp van Edward Turner was gebaseerd op Triumphs lange ervaring met het bouwen van snelle motorfietsen en werd verkocht onder twee merknamen om te profiteren van gevestigde distributienetwerken. Deze badge-engineering was een van de laatste toepassingen van het merk Sunbeam. De verschillen tussen de BSA Sunbeam en Triumph Tigress waren louter cosmetisch – de eerste in polychromatische groene verf, ook tweekleurig rood en crème, met een BSA-badge; de laatste in schelpblauw of mimosa en ivoor (tweekleurig) met Triumph-badges.

De techniek

De scooter was verkrijgbaar met een 250 cc viertakt twin (10 pk) of 175 cc tweetakt eencilindermotor (7,5 pk). Beide motoren werden geforceerd luchtgekoeld en waren laag getuned om het benzineverbruik laag te houden.

De tweetakt was een ontwikkeling van de BSA Bantam-motor. Maar de viertakt was een volledig nieuwe parallel-twin met een gewone versnellingsbak. De contactonderbreker voedde twee bobines. De aandrijving naar het achterwiel gebeurde met een volledig omsloten ketting in een oliebad. Beide versies hadden vier voetbediende versnellingen. Enkele van de 250 twins waren uitgerust met een elektrische starter en een 12 volt (niet 6 volt!) elektrisch systeem.

De 250 twin verkocht goed en had een top van 100+ km/u. Dat gebeurde onder de blije begeleiding van efficiënte vering en goede wegligging en ondanks dat hij slechts soepbordgrote 10-inch wielen had. Het gewicht was laag in vergelijking met andere scooters (100/110 kg). Het enige probleem was toch een beetje een Engels probleem: de bouwkwaliteit: er werd wel eens gezegd dat een Tigress een genot was om te bezitten zolang iemand anders de reparatierekeningen betaalde.

Einde verhaal

De productie van 250 cc viertaktmodel werd stopgezet in 1964, het 175 cc tweetaktmodel in 1965.

Later in de jaren zestig, ondanks interne tegenstand van degenen die vonden dat scooters het macho-imago van het merk zouden verwateren, produceerde Triumph (eigendom van BSA) nog een scooter en een driewieler voor ‘shoppers’. De Triumph Tina en de Ariel 3 driewieler (BSA had ook de rechten op het merk Ariel) waren bedoeld om het niet bestaande marktsegment aan te boren dat er zou zijn voor een handig ‘rijdend boodschappenmandje’.

Lees ook:
– Meer artikelen over klassieke motoren
BSA A65. Een mooie machine, een slechte start
Triumph Bonneville. Een herinnering
Bitri: een Nederlandse scooter
Honda Spacy. Een beetje vreemd

Een reactie

Geef een reactie
  1. Deze scooter heeft in verleden een goede vriend ook gerestaureerd voor Taxi Ruys Veghel
    later diversen auto’s en motoren en scooters overgaan naar de heer van schaaik uit
    Branbant die had een museum met div modellen

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *