in

Biker bij de bakker

Hier valt het allemaal nog wel mee met de Coronakriebels. En ’s ochtends bij de bakker staat er tegenwoordig een vrij stabiel groepje mensen op de stoep te wachten tot ze aan de beurt zijn. Lekker in het zonnetje. Dus we vallen niet zoals in de Randstad in een doodse stilte. Maar we praten wat totdat… “Oeps! Ik mag naar binnen.”

Nooit genoeg

Bij een van die vriendelijke gezichten hoort een net zo vriendelijke dame. Toen ik de brommer neerzette en me aansloot in de rij wachtenden vroeg ze met een – keurig geëpileerde – opgetrokken wenkbrauw; “Hoeveel van die dingen heb je eigenlijk?” Ik antwoordde: “Altijd nog eentje te weinig.” “Dus je hebt er nooit genoeg!?”

Dat was er eentje voor open doel: “Hoeveel jurkjes en T–shirts heb jij eigenlijk? Want ik zie je telkens in iets anders gekleed. Het staat je allemaal even goed hoor. Maar met twee T-shirts, een zomerjurk en twee spijkerbroeken moet je het toch ook redden?”

Een onverwachte opmerking

De dame grinnikte prettig. “Ik heb alleen al meer schoenen in mijn kast dan dat jij je hele leven hebt gedragen.” Ze was aan de beurt… Degene die achter me stond zei voorzichtig: “Excuses. Ik heb meegeluisterd. En mijn man heeft een motorfiets waar hij niets meer mee doet. Alleen staan we hier op de camping, we wonen in Alphen. Dat bleek Alphen aan den Rijn te zijn. In de Alphens gebeuren goede dingen. Pascal van de Snoekfabriek (voor al uw BX vragen) zit in het Gelderse Alphen. Ook leuk. Daar ga ik dus over twee weken maar eens naar Alphen aan den Rijn.

Zomer en de verschillen

In de tussentijd is het een perfecte zomer voor motorrijders. En dan zie je de verschillen in die groep: De berijders van moderne motoren rijden zelfs met dit weer nog volledig in een complete motoroutfit. Motorrijden is de laatste illusie van vrijheid. Maar ze zijn volledig gehersenspoeld door het grote veiligheidsdenken. En zo rijden ze in nu eigen snelkookpan en riskeren ze hitteslag en uitdroging.

In het westen zagen we hipsters op scramblers, caféracers en meer onduidelijke creativiteit gekleed op een zo zomerse manier dat het ons vrij riskant leek met inachtname van hun rijstijl. Wat ze wel aanhadden was in elk geval wel modisch, trendy en doordacht qua styling.

Mensen op klassieke motoren zijn doorgaans wat tot veel onbezorgder gekleed. Doorgaans hebben ze op die manier gewoon in praktijk al jaren het motorrijden overleefd en beseffen ze dat het in jeans en een zomerjack of overhemd met lange mouwen – want anders verbrand je verschrikkelijk op de brommer – gewoon wat uit de buurt van asfalt moet blijven. Als je zeker weet dat je niet gaat vallen, dan zijn handschoenen trouwens ook niet nodig.

Het is gewoon te mooi weer

Weer terug naar de bakker: “Nu is het natuurlijk wel lekker op de motor!” Dat was iemand die de winter voor de Coronakriebels had gevraagd of het niet te koud was op de motor. In een dorp zijn de sociale contacten overzichtelijk. Maar met ‘dit weer’ is het eigenlijk gewoon te warm om motor te rijden. Hoe onbezorgd je ook gekleed bent. Ik heb dan ook medelijden met de stoere dubbel getatoeëerde chopper of wat dan ook rijders die over de A15 blijkbaar op weg naar een treffen of zo waren. Hun T shirts boden maximaal zicht op deze kleurlingen 2.0. De volgende dag moeten de vellen van de zonnebrand er bij hebben gehangen. En of de kleuren dan blijven zitten? Daar had ik nog niet over nagedacht.

Lees meer verhalen over klassieke motoren

En proost!

Na een prettig rondje in de avondzon zat ik met een lotgenoot op een terrasje hier in de buurt. Om een paar uur prettig rondtuffen op onze ouwe zooi te vieren hadden we een schaal bitterballen en en paar volwassen pilsen besteld. Aan een ander tafeltje hingen twee moderne motorrijders hun hele gevechtstenue weer op. Bij het naar hun motor lopen hoorden we de ene tegen de andere zeggen: “Kijk, dat is nou onverantwoord. Ze rijden en drinken bier.” We riepen de twee avonturiers eenstemmig een vriendelijk “En proost!“ na.

In al die warmte moet je je niet druk maken.

Ook leuk om te lezen:
Column – Marktplaats? Laat maar…
Een klassieker als dagelijks transport – column
Column – Is jonger beter?
Je wordt ouder Papa…
Meer columns via deze link

We publiceren deze artikeltjes gratis, en willen dat natuurlijk ook blijven doen. Maar u begrijpt dat dat voor ons niet gratis is. Ondersteunt u dit initiatief en waardeert u het? Overweeg dan eens een abonnement op Auto Motor Klassiek. U helpt ons dan niet alleen de gratis initiatieven betaalbaar te houden, maar ontvangt als bonus ook nog eens elke keer een AMK in de bus. En u betaalt nog maar € 3,30 per nummer in plaats van € 4,99. Elke maand goed voor uren leesplezier.

2 Reacties

Geef een reactie
  1. Het motorfietsrijden in Limburg, het motorfietsgroepsrijden liever gezegd, waarmee ik bedoel een groepje van een man of 3 of meer op hun respectievelijke rossen, lijkt zich steeds verder van het knusse Limburgse te verwijderen. De ‘ridders’ hebben vaker dan gemiddeld een wildgekleurde spiegelzonnebril boven een obligaat mondmasker prijken, afgetopt met een matgerolde jethelm. De uitlaten van hun ‘rossen’ produceren een dusdanig aantal decibellen dat het de bedoeling lijkt om alle zich voor hen bevindende wezens uit het straatbeeld te doen verdwijnen.

    Begin deze week had ik zo’n halve zool achter me staan bij het stoplicht. De gemene blik van die zonnebril boven dat mondmaskertje samen met de loeiharde gasstoten uit zijn blaasbalgen vertelden mij: ik heb schijt aan iedereen, maar jou wil ik nog even de stuipen op het lijf jagen.

    Niet elke motorrijder is een aanwinst voor de wereld. En het lijken er steeds meer te worden.

    • Nee hoor! Het LIJKEN er alleen maar meer! Het is gewoon puberaal Bokito gedrag en gaat vaak samen met tattoos. Tattoos die in praktijk trouwens beperkt slijtvast zijn in geval van asfalt eczeem. Ik heb in de loop deer jaren ontdekt dat , hoe luidkeels je uitlaten ook zijn, je er zelf boven de 80 km/u weinig ‘plezier’meer aan hebt. Als echte genieter ga ik nu voor standaard uitlaten plus K&N filters . Dat stotterend snorkend inhaal geluid van grote brokken lucht is perfecte akoestiek voor mij als berijder. En de rest van de wereld heeft er hoegenaamd geen hinder van. Die lawaai apostelen zijn doorgaans overigens sneue piepeltjes. Op een FB forum meldde ik ook wat over takkeherrie en teringlawaai. Ik werd vervloekt. Een dubbeldappere boterbabbelaar loeide van achter zijn toetsenbord dat hij me voor mijn bek zou rossen als hij me zag. Ik gaf hem een datum en een plaats. Hij kwam niet. Mocht waarschijnlijk niet van zijn moeder, zijn vrouw of zijn verplegend personeel.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *