in

Beter een kleine die steigert….

Dan een grote die weigert. Dat is een oude zegswijze die keihard in tegenspraak is met het Oud Hollandsche credo: “Een zware is je ware”. Toch ontdekken meer, en ook jongere mensen, de ongecompliceerde pret van het rijden op de lichtste of erg lichte motoren.

Ten eerste zijn er mondiaal altijd meer lichte motoren gemaakt dan zware

Ondanks dat ze vaak opgebruikt en weggegooid zijn, zijn er nog best veel over. En ze zijn niet echt status of prestige geladen. Ze zijn dus niet echt interessant als poetsmiddel voor ego’s of de ultieme belegging voor investeerders. En als gevolg daarvan zitten ze prijstechnisch ook nog in de vriendelijkste hoek. Natuurlijk zal een 50-125 cc klassieker in uitmuntende staat meer kosten dan een halfje casino-wit brood. Maar als je de bedragen even spiegelt aan de € 1.000.000 die er momenteel wordt gevraagd voor zo’n schuw lelijke MV 600-vier, dan valt het nog best mee.

We publiceren deze artikeltjes gratis, en willen dat natuurlijk ook blijven doen. Maar u begrijpt dat dat voor ons niet gratis is. Ondersteunt u dit initiatief en waardeert u het? Overweeg dan eens een abonnement op Auto Motor Klassiek. U helpt ons dan niet alleen de gratis initiatieven betaalbaar te houden, maar ontvangt als bonus ook nog eens elke keer een AMK in de bus. En u betaalt nog maar € 3,30 per nummer in plaats van € 4,99. Elke maand goed voor uren leesplezier.

Bij de lichte brigade denk je in het dure segment aan toppers van Kreidler of Zündapp.

Maar de massa aan licht spul is Japans. En waar er vaak veel geld wordt gestoken in de restauratie naar mooier en beter dan origineel– ondanks dat het origineel al zo goed was– van Kreidlers en Zündapps, daar zijn de liefhebbers van klassieke Japanners in zakformaat vaak wat makkelijker. Want waar 50 cc als cilinderinhoud voor een motorfiets toch wel krap is om aan de verkeer deel te nemen als je iets meer ambitie hebt dan om wat rond te slenteren over de rustigste tertiaire of triviale wegen, daar heb je vanaf zo’n 90 cc toch net effe wat meer wind mee als je gas geeft.

Wat meer is soms beter

Bij die Zündapps, Kreidlers en natuurlijk Honda MB’s kun je insteken op snellere 50 cc cilinders en expansie uitlaten, of je kunt je trots laten groeien naar 60-70 cc met aangepaste ontsteking en uitlaat. Dan rij je op secundaire wegen niet meer structureel in de weg. Maar als, vooral Honda- viertaktrijder, koop je voor het geld van alleen maar een gespierde cilinder op je Kreidler of Dappje een heel nieuw ‘bamiblok’ tot wel 140 cc. Die spotgoedkope blokken zijn doorgaans Honda klonen of afgeleiden, ze zijn doorgaans niet slecht, maar kunnen niet aan de kwaliteit van het origineel tippen. En je kunt je beslissing verdedigen door uit te leggen dat je door het gebruik van zo’n bamiblokje je originele krachtbron achter de hand kan houden voor zon- en feestdagen.

Technisch gezien is zo’n kabouter natuurlijk ook perfect: Simpel, sleutelvriendelijk en met betaalbare onderdelen.

Kies het juiste blok

Veel– de specialisten weten welke– van de viertaktblokjes zijn goed genoeg, maar leveren qua vermogen echt niet wat hun cilinderinhoud in de optiek van romantische dromers belooft. Maar met een 120 cc Bamiblokje ben je voor weinig geld effectiever onderweg dan met een originele 50-100 cc krachtbron. En voor de mensen voor wie het onthaasten niet snel genoeg gaat: op basis van een goed standaard Bamiblokje plus wat scherp inkoopwerk, een goede montage en zorgvuldig afstelwerk hebben we zelf gereden met een naar 140 cc gegroeid blokje dat aan de uitgaande versnellingsbak as bijna zestien pk leverde.

In de kantlijn zijn er dan natuurlijk nog de Jawa’s, CZ’s, MZ’s en Italianen tot zeg naar 125-200 cc, Britten en wat Duitsers. De ex-oostblokkers zijn qua snelheid erg beperkt. Net als de meeste lichte Britten. En met een 98 cc DKWeetje trek je de pollen ook niet uit het gras. De Italianen zijn in onze opinie vaak te verfijnd of domweg te klein.

We willen mensen niet op ideeën brengen

Want als deze tak van inzetbaar klassiekerrijden op kleine schaal populair wordt dan knallen de prijzen natuurlijk door het plafond. Maar ergens zegt ons een stemmetje dat dat wel zal meevallen. Maar wat is dat dapper rondrossen op zo’n heel lichte klassieke motorfiets enorm leuk!

Lees ook:
Zündapp KS 125 Sport
Zündapp KS100 (1969-1973)
Downgrading. Omdat minder soms meer is
De onsterfelijke Honda Super Cub

 

9 Reacties

Geef een reactie
  1. De foto met een Kreidler (+ trotse berijder) voor een groen doek heb ik nog iets bewerkt en geplaatst op de facebook-pagina’s “Kreidler” en “De Groene Kreidler club”. Als bron heb ik ‘Auto Motor Klassiek’ erbij geschreven.

  2. In de biografie van meneer Honda staat onder meer dat je je een Honda moet kunnen permiteren. Het was in de begindagen van het merk en de gedachte zal misschien wel van vriendje Takeo gekomen zijn die al die Honda s aan de man moest brengen. Maar om toch een beetje aansluiting te vinden met het verhaal van meneer Dolf houd ik erg van de gedachte dat je de motor/brommer pas waard bent als je hem/haar van een wisse sloopdood gered hebt. Geen gegraai door de portomonnee maar met minimale middelen zo n stakkertje weer lopend op de weg te krijgen. Dat het weer loopt is dan al de kroon op het noeste werk. Ja maar, krijg ik dan als commentaar, er zit roest op het spatbord, ga je de spaken ook vervangen en het zadel en de tellers en wanneer laat je de tank spuiten. Geen liefhebbers in mijn ogen, geen ziel, geneuzel, portomonnee rijders met dito motorkleding. De glorie en gebak als je na drie dagen zoeken het euvel hebt gevonden waar de motor waarschijnlijk mee gestrand is, destijds. Een slecht contact bij een niet onbelangrijk voedende in het circuit aanwezige zekering. De nog net kennelijk aanwezige klemmetjes die de zekering van enige steun voorzagen waren zo moe dat ze bijna spontaan braken toen ik er naar wees. De volgende keer daar beginnen. Het is overigens geen brommer maar een Honda CB 550 F, gekocht voor 50 euro. De grootste post is tot nu toe een revisie set voor de carburateurs geweest, en weer lopen als een tiet heb ik een monteur eens horen zeggen. Daar heb ik overigens geen beelden bij. Het kan echt voor weinig en de lol is vele malen groter voor mij dan een uitgeknipt plaatje uit een folder bij een dealer ophalen. En vrienden maak je ook, de uitbater van de Motorwerkplaats in Deventer heeft tijdelijk een brug ter beschikking gesteld waar ik een Matchless van een oude baas, pardon dominee, met minimale middelen weer tot leven breng. 50 jaar niet meer gelopen, zuiger vast, magneet ontsteking moe. De eigenaar is uit de tijd van de loodmenie, eerst menie anders ga ik bij jaapie eten generatie. Alles gestraald, dan menie en vervolgens heeft de eigenaar de boel zwart afgelakt met een kwast. Allemaal verhalen en vele herinneringen, je zou hier een blad van kunnen maken, iets met klassiek, auto s en motoren.

  3. Ik ben het grotendeels met je eens Kees. De moraal blijft toch dat je het restaureren, op welk niveau ook, toch vooral voor jezelf moet willen. Dat heeft het voordeel dat je terecht kunt besluiten een ding wat er gewoon 60 /70 jaar oud uit ziet, ook blijft in die staat. En daar zal veelal positiever op gereageerd worden dan dat dit wrevel wekt.

  4. Ooit effies een Honda herenbrommert geprobeerd. (S50??). Lekker vlot ding. Jammer dat ik er 50 cm te groot voor was.om met mn knieen geen ruzie met t stuur te krijgen moest ik achter op t zadel zitten. Toch wel jammer, al steigerde hij wel erg gemakkelijk. Ben daarna toch maar weer op mn Kreidler gestapt🤓

  5. Al meer dan 50 jaar 2takt bromfietsen gereden, naast mijn reguliere dikke motoren.Tijdens een rit in Duitsland moesten we met een horde 2takkers een helling van 15% bedwingen. Wat een rookgordijn. We konden gelijk beginnen bij defensie. Het voelde niet goed aan. Op dat moment zag ik het licht. Ook mijn 2takt met een Sachs 50S rookte als een gek. Ondanks smering van 1 op 50.
    De 2takkers verkocht en een Honda CB50J gekocht. Gewoon nagenoeg standaard en in originele staat gelaten. Wat rijdt zo’n 4takt toch ontspannen. Geen herrie, zuinig en geen rook. Mijn Sachs 50S blok schoongemaakt en nu rijd ik met Triboron 1 op 100. Nagenoeg geen rook meer.
    Ik zie dat veel eigenaren van bromfietsen hun voertuig overgerestaureerd hebben. Zo zijn ze nooit uit de fabriek gekomen. Zelfs nieuw gekochte uitlaten worden weer opnieuw verchroomd. Echt origineel is mooier. Je mag toch zien dat je brommer 40 of 50 jaar oud is. Zelf ben je ook geen mooie gast meer. Bij evenementen krijgen de overgerestaureerden altijd een prijs. Een mooie originele heeft daar meer recht op.

    • 1 op 100 smeren! Wie had dat ooit kunnen denken! En qua restauratie: Kun je na gaan wat Patricia Paay een knappe oudere dame geweest zou zijn als ze niet over gerestaureerd zou zijn. Maar de trend naar origineel, maar niet glimmender dan nieuw begint gelukkig voet aan de grond te krijgen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *