in

Ural. Beter een Rus dan een virus

De daily driver

De maximumsnelheid hoeft nog maar een beetje omlaag. Dan kan ik ook eens echt te hard rijden. Tot nu toe heb ik het moeten doen met een oplichtend rood matrixbord: “U rijdt 84 km/u!”. Dat zet geen zoden aan de door hoog water bedreigde dijk.


Beter een Rus dan een virus

Snelheid is trouwens toch raar spul. De moderne 1200 waar ik onlangs op reed, die liep gewoon het lekkerst bij 140 km/u. En dan zat er nog een keer de maximumsnelheid als bonus bij. Intussen is mijn Uralcombinatie even opgewaardeerd tot daily driver. De zijspancombinatie maakt het hamsteren van WC papier en paracetamol nog makkelijker. Maar het gewoon rondlummelen op die loodzware combinatie zonder vermogen (ca. 36 pk) en welhaast zonder remmen is een feest van onthaasting. Mijn huidige Ural is mijn derde Rus in 25 jaar tijd. En de wat lompige Urals met hun rollen gelagerde krukas vind ik net wat leuker dan de feitelijk betere en modernere Dneprs.

Ural is een bedachte naam

In de Sovjettijd was er geen ruimte voor merken en marketing. Er werd geproduceerd volgens de planeconomie. Wat wij kennen als ‘Ural’, dat zijn IMZ’s.

In het Russisch stond dat voor Ирбитский мотоциклетный завод, Irbitskiy Mototsikletniy Zavod. En dat betekende niets meer of minder dan Motorfietsfabriek uit Irbit. Je had ook nog KMZ in Kiev. Daar vandaan kwamen later de Dneprs. Maar voor die tijd maakten beide fabrieken dezelfde motorfiets, de M72. Want een volgnummer in de productie was ook voldoende in die tijd. De M72 was een 99,8% kloon van de vooroorlogse BMW R71.

Dat hele M72 traject is een verhaal met aardig wat onduidelijkheden. Maar M72’s zijn intussen gezochte – maar nog betaalbare – klassiekers van een jaar 75 oud. Het waren 750 cc zijkleppers van een pk of 23. Een goede, nette 650 cc kopklepper heb je niet meer voor 1.500 gulden, ook niet meer voor 1.500 euro. Maar onder de drie mille ben je koopman en als je dan naar de kiloprijs van je aanschaf kijkt, dan is het de hele dag feest. Reken voor een zijklepper momenteel iets van een derde van de waarde van een Harley 750 cc zijklepper.

Ural en de kopkleppers

In 1959 stopten de mensen M/V uit Irbit met de productie van zijkleppers. In Kiev gingen ze er nog gewoon mee door. De M61 was een 650 cc kopklepper. En – net als bij Harley-Davidson heel lang bij de V twins bleef doen – was de nieuwe boxer eigenlijk gebaseerd op de oude. Het blok was feitelijk een M72 carter met nieuwe cilinders en koppen. De cilinders waren van gietijzer, de koppen van aluminium. De slag werd 68 mm en er kwam een anders geprofileerde nokkenas in het vettige duister te hangen. Bij een boring van 78 mm werd de cilinderinhoud 649 cc. De nieuwe krachtbron leverde een gezonde 28 pk bij 5200 tpm. Dat was toen best wat. Dat er uit een moderne 650 meer dan vier keer zoveel vermogen komt? Dat is knap maar zinloos. Het concept werd tientallen jaren met slechts geringe aanpassingen gehandhaafd. Aan het eind van de roerige sixties, lokaal minder roerig en ‘burnyye shestidesyatyye’ genaamd kwam de M66 met meer compressie en een andere nokkenastiming. Die leverde 32 pk, had een verwisselbaar oiliefilter en een andere montage van de dynamo. Voor de rest zijn de meeste onderdelen van de 650 cc kopkleppers over een periode van meer dan een halve eeuw gewoon uitwisselbaar. En variëren ze in prijs tussen spotgoedkoop en erg goedkoop.

De reputatie

De Russische driewielers hebben een sterke overeenkomst met de Citroen BX’sen: Iedereen die er nooit een heeft gehad weet luidkeels hoe slecht ze zijn. Eigenaars van BX’s en Urals weten beter. Een BX met 650D killometer op de klok en een Ural die zomaar probleemloos in drie dagen naar Rügen rijdt? BX en Uralrijders weten dat het kan. Maar zo’n Ural heeft – net als een Citroen BX – meer aandacht en zorg nodig dan een Toyota of een Honda Goldwing. Het soort van onderhoud dat elke motorrijder uit de jaren zestig als vanzelfsprekend zag.

In de tussentijd was gisteren voor mij een werkdag in de buitendienst. Op de Ural ben ik naar Terborg, Drempt en Tiel geweest. Allemaal heerlijke, zonovergoten binnendoorkilometers.

Weer thuis markeerde de Ural zijn plek met een blije druppel olie. Hij krijgt dit weekend weer wat aandacht. Over links tikt er een klep. Er komt een nieuw oliefiter in, de Action heeft al voor verse olie gezorgd. De driewieler start nog steeds bij de eerste trap. Dat de ontsteking goed staat, dat geloof ik dus nog maar even. Doe mij dus maar een Rus in plaats van een virus.

Meer verhalen over klassieke motoren vindt u via deze link.


Help ons mee deze website en de aangeboden artikelen gratis te houden. Abonneer uzelf op Auto Motor Klassiek en ontvang daarbij ook het blad 12x per jaar in de bus. Of doneer een gewenst bedrag op onze betaalpagina via deze link. We zijn u er zeker dankbaar voor.


Beste Klassiekerliefhebber

Geniet van dagelijks gratis verhalen over oldtimers in uw email en schrijf gratis in. 


Speciaal voor Ural-liefhebbers:

Beter een Rus dan een virus

4 Reacties

Geef een reactie
    • Jaja…. Daar heb ik zo mijn adresje voor! Resultaat is na twee uur mechanisch scuren en twe spuitbussen van de Action. Ik zit er dan ook helemaal achter en moet het raam schoon houden. Het is trouwens geen dubbele thermoplane ruit…

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

The maximum upload file size: 8 MB. You can upload: image. Links to YouTube, Facebook, Twitter and other services inserted in the comment text will be automatically embedded.

Alfa Romeo 164 Super. Sierlijke Italiaan

Suzuki RG250

Suzuki RG250 Walter Wolf