Motoren

De Ural en Dneprs: stijgers met stip

By  | 

Een Ural of Dnepr? Nou ja, er worden nog geen Pebble Beach prijzen voor betaald, maar de tijd dat je twee M72’s voor 500 gulden had is voorbij. Maar dingen als Urals, Dneprs en Lada’s blijven hartveroverende klassiekers. Klassiek zijspanrijden heeft daarbij iets vertederends. En boodschapjes doen kost bijna altijd extra tijd. Want er zijn altijd wel mensen die je aanspreken. “Is het een BMW?” “Is het zo’n Russisch ding?” Of; “Vroeger heb ik ook motor gereden”.

Ural en je sociale leven

Alleen dit jaar ben ik al gevraagd door de moeder van een zoontje dat een rit in het bakkie als droom had en een vriendelijke echtgenote van een motorrijder die zijspanrijden niet aandurfde, plus een jongedame die mijn dochter had kunnen zijn. De afspraken zijn intussen genoteerd. Die met de jongedame in overleg met mijn Lief.

Klassiek zijspanrijden is de ideale manier om met mensen aan de praat te raken. Dat is een gouden tip voor de introverten onder ons. Tel daarbij dat je een 12 pack wc papier en een krat bier zomaar in de bak kan gooien. En een bos bloemen voor je Lief meenemen ontaardt ook niet meer in het beschaamd aanbieden van een stel leeggewaaide bloemstengels. Dus hoe tevreden ben jij over je sociale leven?

Rusland, Urals en Dneprs

Urals hebben een rollengelagerde krukas, Dneprs zijn voorzien van glijlagers. De jaren negentig waren de einddagen voor Dnepr. De productiekwaliteit bereikte een all time low. Maar een goed in elkaar gezette Dnepr is een meer verfijnde machine dan een Ural. Hij heeft een halfautomatische koppeling en een handrem. De Urals herken je aan de ronde klepdeksels. Dneprs zijn moderner, hoekiger gestileerd. De zijspanaandrijving is in beide gevallen optioneel. Net als een geremd zijspanwiel dat vaak is. Verwacht trouwens geen wonderen van de remmen.

De 650 cc kopkleppers zijn goed voor iets van ‘voor in de dertig pk’. En daarmee kun je een kruissnelheid van zo’n 80 km/h aanhouden. De structureel verwerpelijke snelwegritten zijn dus niks voor deze tevreden brommende driewielers. Maar een rit van 350 km langs de Maasvallei naar het topje van Noord-Frankrijk? Geen probleem. En dat je daar samen met wat gelijkgestemden op ander oud spul 10 uur doet over 350 kilometer? Dat kwam alleen maar omdat een vers gerestaureerde Harley telkens voor problemen zorgde.

Deze Ural

Met een Russisch verleden van 25 jaar is deze Ural mij derde Rus. Hij had een moeilijk verleden. De vorige eigenaar had hem als project gekocht, maar het project was vastgelopen. Tijdgebrek. De bouwdoos werd ingeruild tegen een rijdend exemplaar en werd in elkaar gezet.

Na een totale wedergeboorte krijg je altijd kinderziektes. Met die wetenschap adopteerde ik mijn derde Rus in successie. En de Ural kreeg zijn portie kinderziektes. Tijdens een rit naar Zeeuws Vlaanderen ging de motor steeds beroerder lopen. Op de terugweg van 300+ km verstookte de boxer vier liter olie. Maar hij bracht zijn baasje wel thuis. Ondanks het feit dat de laatste twintig kilometers in slentertempo werden afgelegd.

Poolse cilinders en zuigers

Analyse van de ellende leerde dat er serieuze zuigerproblemen waren. Via een nette deal met de verkoper kwamen er een stel Poolse cilinders en zuigers van aluminium, een vergrote carterpan en de beste wensen. Daarna werd de Ural geplaagd door carburatieproblemen. De nieuwe K68 carburateurs bleken ergens een productiefout te hebben. Met de oude carburateurs er weer op en na toevoeging van een ‘armelui’s turbo’ (een dikke balansslang tussen de inlaatspruitstukken) was de herboren Ural weer gezond.

Intussen zitten de eerste tweeduizend kilometer er alweer probleemloos op.

De les van het hele verhaal is dat klassiekers erg leuk zijn. Ze hoeven niet eens veel te kosten. Maar het is wel verrotte handig als je kunt sleutelen.

 

Dolf Peeters, automotive journalist, tekstschrijver, vertaler, lid van de Heeren van Arnhem

    3 Comments

    1. Leen Hermans

      3 april, 2019 at 08:09

      zo herkenbaar, een ural tovert echt een lach op het gezicht. Als gewezen bakenist(=bakjeszitter) uren plezier gehad tijdens korte en langere ritten. Het zalig “mee”rijden maakte elke keer dat een rit een beetje vakantie was.Het kameraadschap tussen de rijders onderling(maar bij de meeste motorrijders) is geweldig

    2. Edje

      2 april, 2019 at 21:14

      Heel herkenbaar met gespreksstof geen gebrek.
      Als ik weg wil rijden hou ik er altijd rekening mee dat het vertrek een half uur langer duurd.
      Nee niet door motor problemen, maar praten met mensen.
      Lekker binnen door snorren en onthaasten.

    3. Pascal

      2 april, 2019 at 09:06

      “10 uur over 350 kilometer”…nou en?
      De vakantie begint toch al wanneer je de brommer aantrapt?
      Voor de rest: helemaal mee eens..klassiek rijden is een feest….áls het rijdt

    Leave a Reply

    Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *