Bijzonder

Klassiekers: een generatiedingetje

By  | 

In grote lijnen zijn onze klassiekers de dromen uit onze jeugd, verre familieleden van onze eerste auto’s of ‘de auto’s van onze vaders’. En omdat ‘wij’ zo door de bank genomen ongeveer even oud zijn, zijn onze klassiekers de auto’s en motoren uit de begin jaren vijftig tot begin negentig. Dat zijn onze klassiekers, dat is ‘de handel’.

Klassiekers uit 1920

Dan is de vondst van Het Motor-Rijwiel en zijn behandeling (met 19 afbeeldingen) uit 1920 (en dat was al de derde druk) toch wel een beetje de ver van mijn bed show. Het is trouwens nummer 39 uit de Practische Bibiotheek en het kostte ƒ 1,50.

 

De insteek was toen helder: Een motorrijwiel is makkelijk bestuurbaar, vraagt weinig plaats en iedere geoefende wielrijder kan zo’n machine direct berijden nadat hem de werking van ‘Ende diverse hefbomen en hendels’ is uitgelegd. En als aandrijving voor het achterwiel? Daarvoor bleek in 1920 de platte lederen riem toch wel de beste optie. En de krachtigste rem? Die moest natuurlijk in het achterwiel zitten om te voorkomen dat de voorkant tijdens het remmen wegschoof. En natuurlijk waren trommelremmen zoals Wanderer en FN die gebruikten het beste wat er was.

Klassiekers van net na WOII

De motorfietsen van net na WOII kwamen voor ons al dichterbij qua hebberigheid: de Britse ex legermachines en Harleys waren al een hele verbetering na de fietsen zonder baden uit de nadagen van de oorlog. En een Wehrmachtgespann? Dat werd op de boerderij ingezet als tractor. En zo kom je dan bij een 1946 verzamelmap van het weekblad Motor, vrij automobiel en motorweekblad. In 1946 was de benzine nog schaars en op de bon. Maar iedereen wilde dat het beter zou gaan en iedereen was gretig.


Qua personenautobezit schoot het nog niet op. Maar vrachtwagens en motoren zag je al wel weer veel. Toch was de maatschappij nog niet helemaal vlekkeloos op gang. De eigenaar van een nieuwe zijklepper stopte al snel door ‘het vastloopen van den zuiger’. Dat bleef na afkoeling een terugkerend probleem. De verkoper kwam op het uitstekende idee om ‘eensch naa te zien’ waardoor het euvel telkens op trad: Af fabriek bleken er geen ‘zuigerveeren’ gemonteerd. Een andere koper van een andere nieuwe motorfiets (van een ander gerenommeerd merk) merkte dat er bij zijn trots een vulring achter een krukaslager ontbrak.

De tekst in het weekblad meldt: Beide gevallen, werkelijk voor gekomen bij fabrieken met een wereldreputatie, tonen de waarheid van het spreekwoord aan dat ook het beste paard wel eens struikelt. Gelukkig dat garantie de eigenaars voor schade behoedt, hetgeen rijders in de gemelde gevallen tot hun vreugde ondervonden.

In dezelfde tijd liep er een discussie over het gebruik van stuursloten. Het idee was dat je gedachteloos weg zou kunnen rijden met het stuur op slot. En inderdaad: daar moet je niet aan denken.

We waren toen nog onbevangen

En het feit dat half motorrijdend Nederland uitliep om te zien hoe er een nieuwe 350 cc 3T (aan de hand) uit het pand naar buiten werd gereden? Na het voorzichtig rijden op de twin concludeerde de redactie van Motor dat mensen die dat geluk hadden ervaren voorgoed bedorven zouden zijn om ooit nog op ‘een eencylinder’ te rijden omdat de Triumph twin zijn berijder dezelfde sensatie gaf als het rijden in een ‘soepelen Amerikaanschen wagen’.

Maar voorlopig was het zo dat je om een motorfiets te kunnen kopen een aankoopvergunning moest hebben. En met de administratie daarvan ging het natuurlijk mis zodat veel doktoren, zakenlieden en werkers in de wederopbouw maandenlang zonder vervoer bleven. Zo stond er een hele partij nieuwe Indians en zo’n 400 gebruikte motorfietsen te wachten en te wachten tot de administratie vanuit de overheid voor elkaar was. We zien hier trouwens ook dat de overheid sinds die tijd niet veel veranderd is.

In Engeland stonden er een partij Triumphs op verscheping te wachten

Er waren 350 cc Ariels aangekomen, en de meeste van de vers ingeburgerde Matchless 350 cc machines gingen naar… de spoorwegen. Bij het Apeldoornse Sparta stond ook al een hele lijn motorfietsen op permissie van uitlevering te wachten.

En met al die motorfietsen en administratie begon voor ons, de lopende generatie klassiekerliefhebbers onze passie. En dat een nieuwe ooit voor onze bevrijders bedoelde Harley-Davidson 750 cc zijklepper in krat ƒ 300 kostte? Dat bedrag was voor de meeste naar gemotoriseerd transport smachtende Nederlanders van net na de oorlog zo hoog dat er alleen maar over het hebben van zoiets fenomenaals gedroomd kon worden.

Klassiekers

Na de oorlog populair bij burgers en bedrijven

Klassiekers

suggestiebanner

Ook leuk om te lezen…

Nu in de winkel

Auto Motor Klassiek van februari ligt nu in de winkel met deze maand een uitgebreid artikel over de Taunus 12M P4 van Fokke Jansma uit Wijnjewoude. Een opmerkelijk goed geconserveerde klassieker, die een bijzondere ontwerpgeschiedenis heeft. We mochten ook rijden in een tot in het kleinste detail perfecte Triumph 2000 Roadster. Hoe dat aanvoelt? U leest het in het februarinummer. Mocht u ooit van plan zijn een Opel Senator aan te schaffen, dan is het goed dat u dit nummer in huis heeft, want Aart van der Haagen doet uitgebreid uit de doeken, waar u dan rekening mee moet houden. Het een en ander aan aankooptips vindt u ook bij het artikel over de Citroën Dyane. Een auto die we troffen met zijn eigenaar op een terras tijdens een werkoverleg.

En verder:

De restauratie van een Nimbus Model C en een Norton M50. Waarom er zo weinig Opels over zijn? Dat leest u ook in dit nummer. De liefhebberij van een in Spanje wonende Nederlander, die ook geldt als dé specialist voor de Fiat 130. En ook in dit nummer; bijna dertig pagina’s korte berichten, verslagen, praktische tips, columns en korte typebeschrijvingen. Bovendien natuurlijk ook meer dan veertig pagina’s met klassiekers te koop, die soms online niet verder aangeboden worden.
ABONNEER NU EN MIS HET VOLGENDE NUMMER NIET MEER

Dolf Peeters

Dolf Peeters, automotive journalist, tekstschrijver, vertaler, lid van de Heeren van Arnhem

2 Comments

  1. Pascal

    15 december, 2019 at 16:01

    Er waren geen ‘nieuw in het krat’ H-D 750, dat waren gereviseerde motoren.
    Desalniettemin mooie tijden moeten dat zijn geweest; met de portemonnee van nu de tijdmachine in om ‘in te kopen’..
    Een mens moet dromen niet?!

    • Dolf Peeters

      16 december, 2019 at 09:42

      Nooit te oud om te dromen! Ik heb net een jaargang ‘Motor’uit 1946 gevonden. Zal de erste van ons die die tijdmachine vindt de andere gewoon bellen?

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *