Column

Klassiekers: de handel… de prijzen

By  | 

HandelDe handel en de prijzen. Dat zijn rare dingen. Een vriend van me heeft een BMW R68. Hij werd benaderd door iemand die daar wel zin in had. Maar die man wilde inruilen. Hij had een BMW HP2 en een Vroege GS op echt NL kenteken. Daar was over te praten.

De volgende dag stond de man opeens bij mijn vriend voor de deur

Zonder afspraak, maar wel tegen koffietijd. De R68 werd bekeken en in orde bevonden. De twee mannen gingen naar de Vito van de bezoeker. En daar stonden twee verregaand incorrecte BMW GS-en in. De bezoeker legde uit dat hij de HP2 in België zou verkopen en dat er een gegadigde was voor de GS. Zo kon hij er meer voor beuren. Hij wilde dus de twee BMW’s die hij wel had meegenomen inruilen. Daar had mijn vriend helemaal geen zin in.

Het bezoek was ‘not amused’. Had hij daarvoor 350 kilometer gereden? Sterker nog: “Als je straks thuis bent, dan heb 700 kilometer voor niets gereden.” Want wat hij had meegenomen, dat had niets te maken met wat hij mee zou nemen. Hij vond mijn vriend een oplichter. Zou dat ook aan al zijn vrienden vertellen. Mijn vriend is een mild mens. Hij antwoordde: “Ik denk niet dat jij veel vrienden hebt. Dus daar ga ik me maar geen zorgen over maken.”

Mij grootmoeder zaliger zei het al: “onze Lieve Heer heeft rare kostgangers”

Zelf heb ik meegemaakt dat een fervente Harley Rijder – hij had er naar eigen zeggen vier – had bedacht dat hij een klassieke Guzzi moest hebben. Hij kocht de motor zaterdag en kwam hem zondag terug brengen. Hij vond Guzzi’s maar niets. Hij wilde € 200 ‘huur’ betalen voor het weekend rijden. Er stonden 63 kilometer meer op de teller dan bij aankoop. De tank was nog bijna vol. Ik heb nog nooit zo makkelijk € 200 verdiend.


En dan was er de man die zijn klassieker op Marktplaats had aangeboden met de foto’s van een veel mooier exemplaar. “Ja, op de advertentie met de echte foto’s reageerde niemand. Toen heb ik maar wat plaatjes uit de computer gehaald. Daar kreeg ik veel reacties op. Maar je boft: je bent de eerste kijker. En nu je hier toch bent mag je hem voor € 2.250 mee nemen.”

“Wolkenlopers en steunzolen zijn het” concludeerde een kennis van me ooit

Maar er zijn gelukkig ook mensen die de handel bedrijven en vriendelijk en realistisch zijn. Zo was er de man die in Groningen een middag en avond in prettig gesprek bleef met de verkoper van de motorfiets van zijn dromen. Om half negen ’s avonds sprak de verkopende partij: “Die motor moet gewoon naar jou toe. Wat geef je ervoor?”

En dan zijn er nog fenomenen zoals Alex Janssen en Kiat Que die allebei vinden dat een klassieker met een mille of twee, twee-en-een-half al een knap duur ding is. Voor dat geld verkopen ze dan geen BMW R90S-en klassieke Harleys, maar toch… Wat hoger in de boom zit vriend Oebele Herder, een Italo fan en specialist die steeds maar weer verstofte Laverda’s, Ducati’s en Guzzi’s uit obscure bergingen redt.

In de handel zit bijna altijd ruimte voor prijsonderhandeling

Maar de kloof tussen vraag- en biedprijs moet wel overzichtelijk blijven. Achthonderd euro bieden op een vraagprijs van drieduizend euro is niet realistisch. Aan de andere kant: in mijn diensttijd zat er iemand in mijn peloton die tijdens het stappen elk meisje direct aan sprak met : “Zullen we neuken?”  Hij verdedigde zijn aanpak met: “Ach, als er ooit maar één keer eentje ‘ja’ zegt, dan ben ik het mannetje.” De kans dat hij met zijn aanpak inmiddels een maagd van 60+ is bestaat natuurlijk ook. Maar je moet blijven hopen.

Grappig is wel dat de meeste mensen uit mijn omgeving hun klassiekers op de ouderwetse manier vinden

Niet eens in de ooit beroemde kleine advertenties in de zaterdagse Telegraaf, maar uit de (verre) kennissenkring en via informatie via tamtam en rooksignalen. Zo kun je bij mensen terecht komen die er nog niet eens aan gedacht hebben hun klassieker te verkopen. In het meest ongunstige geval loopt zo’n aankooptraject een paar jaar. Maar ook dat houdt je prettig bezig.

Zo weet ik een Honda CB450 Black Bomber te staan bij iemand die er na de geboorte van zijn eerste kind niet meer op mocht rijden van zijn vrouw. Die Honda staat nu al vijftig jaar onder een flanellen deken naast de ketel in de stookruimte van een kwekerij. En dan is er ook nog een BMW R60/5, waarvan de eigenaar eerst slechtziend, en later blind werd. Die man laat streelt zijn boxer nog steeds regelmatig. Maar hij begint afstand te nemen. En ik ken hem al twintig jaar.

suggestiebanner

Ook leuk om te lezen…

Nu in de winkel

Auto Motor Klassiek van februari ligt nu in de winkel met deze maand een uitgebreid artikel over de Taunus 12M P4 van Fokke Jansma uit Wijnjewoude. Een opmerkelijk goed geconserveerde klassieker, die een bijzondere ontwerpgeschiedenis heeft. We mochten ook rijden in een tot in het kleinste detail perfecte Triumph 2000 Roadster. Hoe dat aanvoelt? U leest het in het februarinummer. Mocht u ooit van plan zijn een Opel Senator aan te schaffen, dan is het goed dat u dit nummer in huis heeft, want Aart van der Haagen doet uitgebreid uit de doeken, waar u dan rekening mee moet houden. Het een en ander aan aankooptips vindt u ook bij het artikel over de Citroën Dyane. Een auto die we troffen met zijn eigenaar op een terras tijdens een werkoverleg.

En verder:

De restauratie van een Nimbus Model C en een Norton M50. Waarom er zo weinig Opels over zijn? Dat leest u ook in dit nummer. De liefhebberij van een in Spanje wonende Nederlander, die ook geldt als dé specialist voor de Fiat 130. En ook in dit nummer; bijna dertig pagina’s korte berichten, verslagen, praktische tips, columns en korte typebeschrijvingen. Bovendien natuurlijk ook meer dan veertig pagina’s met klassiekers te koop, die soms online niet verder aangeboden worden.
ABONNEER NU EN MIS HET VOLGENDE NUMMER NIET MEER

Dolf Peeters

Dolf Peeters, automotive journalist, tekstschrijver, vertaler, lid van de Heeren van Arnhem

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *