Sluitingsdatum juninummer -> we zijn nu aan het afsluiten
Originaliteit (deel 2) – column
Ooit zat er een streng kijkende man naast een – in mijn ogen heel mooie – BMW R90S. Met voorzichtige knieën kwam hij overeind en velde zijn keiharde oordeel: “Dat ding is helemaal verpest! Niks waard! Kan zo de belt op!” Waarom? De versnellingsbak had een ander nummer dan het frame en het blok. “NIET ORIGINEEL!”
Over originaliteit is een hoop te zeggen. Maar zo kort door de bocht had ik het nog niet gehoord. Voor een klassieker is de ongeschonden originaliteit van de machine zoals hij uit de fabriek kwam het hoogste goed. Tot concoursstaat gerestaureerde klassiekers of ‘over de top’ gerestaureerde exemplaren zijn in de ogen van de Echte Puristen dan ook niet acceptabel.
Nu zitten we in een fase waar klassiekers technisch zo origineel mogelijk dienen te zijn, maar wel – een vleugje – patina mogen – of moeten – dragen.
Daar kun je ook weer ver in gaan. Want de hard-boiled liefhebbers vinden dan ook dat alle onderdelen fabrieksorigineel moeten zijn, zoals de diverse versies van de vier-in-vier uitlaten van de Honda CB750 OHC motoren. Maar dan: de origineel met de machine meegeleverde exemplaren zijn vaak iets te ervaren om perfect of mooi genoeg bevonden te worden. Dan kun je natuurlijk uitwijken naar NOS, new old stock, oude voorraden ongebruikte spullen. Maar als die op zijn? Voor die CB750 uitlaten zijn perfecte – en dure – replicasets te koop. Inclusief Honda’s authentieke ingeslagen nummers en cijfers. Maar let op: die zijn natuurlijk niet echt helemaal echt. Aiiii! Je kunt het niet zien. Maar als je het weet….
Dat kan nogal uit de hand lopen. Bij de eerste serie CB750’s zat er een voudje in de persmallen voor de bodem van de tank. Zo’n tank is nu dus heeel zeldzaam. En er wordt gebruikt, kaal en doorleefd zomaar $ 3.500 voor betaald.
Genoeg Voorbeeld Honda’s. We hebben het over gewone klassiekers. En regelmatig tot soms vind je die in een staat die te duur is voor scharrelaars, maar niet correct is voor de originaliteits-gefocuste fans. En vreemd genoeg kijken die fans dan vaak niet verder dan hun neuzen lang zijn. Want zo’n mooie en technisch goede klassieker die punten mist om de ware typespecialist te bekoren? Die kan zomaar de ultieme basis zijn voor de orignele motor van je dromen. En dat op een manier die ook nog eens financieel te verdedigen is (als dat nodig is).
Ik vond daar een fraai voorbeeld van (waarvoor in mijn garage geen ruimte is). Als Guzzirijder en (FB) vriend van de ook Guzzi minnende Anton Vanjaegers stonden we bij het weeskind dat Anton momenteel ter adoptie heeft: Een verbouwde Moto Guzzi V7. Of die verbouwing geslaagd is? Daar over zijn zowat vechtpartijen ontstaan. En dat wil wat zeggen, want Guzzirijders zijn doorgaans ontspannen mensen met een prettig brede blik. Het commentaar kwam voornamelijk uit andere hoeken. Maar blijft dat de mechanisch perfecte V7 in gevechtstenue alles heeft om op een overzichtelijke manier een perfect originele V7 ‘top frame’ te worden. De spatborden worden zelfs meegeleverd. Maar die mogelijkheid moet je wel even zien.
Toch weer even terug naar originaliteit. Dorpsgenoot Theo Terwel is één van de weinigen getalenteerden die R90Ssen kan spuiten zoals ze uit de fabriek kwamen. Hij heeft inmiddels de reclame van zijn busje gehaald. Heel veel R90Ssen in Europa zijn door hem ‘op kleur gezet’ en met penseel gebiesd. Perfect. Maar niet door de fabriek gedaan volgens een paar fundamentalisten.
Maar dan weer aan de pluskant: Theo is in advertenties al een paar R90Seen tegengekomen waarbij als verkoopargument werd vermeld “gespoten door meesterspuiter Theo Terwel”. Terwijl Theo zeker wist en weet dat hij de betreffende machines niet in een nieuwe jas had gestoken.
Tjemig. We hebben eigenlijk best een gecompliceerde hobby!
Originaliteit: Er zijn grenzen


Sinds m’n allereerste auto heb ik nog nooit een oldtimer of dagelijkse auto origineel gelaten. Soms andere velgen of een (subtiele) verlaging ten gunste van de wegligging. Al is het maar een ander kleur lampje erin of een sticker hier en daar. Ik ben allergisch voor eenheidsworst. Ik kan het alleen maar meer waarderen als iemand z’n personal touch doorvoert op z’n eigen liefhebberij. Zelfs de over the top tupperware tuning kan ik doorgaans nog wel waarderen om die reden al is dat wellicht weer het andere uiterste waar iedereen van gruwelt hier. 😉
Lekker doorknutselen Jaap! 🙂
Leuke site
Hoe ver wil je gaan in het “origineel” verhaal, ieder het zijne, en dat gezegd hebbende, ik kreeg vroeger regelmatig hoofdpijn van die dit-is-niet-origineel-zeurpieten. Tegenwoordig niet meer, als het liedje met die tonen gaat beginnen, gaan de oren dicht, de deur open en wens je nog een fijne dag! A-ju, de mazzel!
Goed verhaal Dolf,
Van harte mee eens. De Liberator waar ik helaas wegens fysieke beperkingen afscheid van heb moeten nemen, miste bepaalde ‘matching numbers’ was ooit in WWII van een nieuw blok voorzien. Ongenummerd… minder Liberator? Je kunt ook te ver gaan…
Er wordt, zeker in het geval van een 42WLA, veel teveel waarde gehecht aan fabrieksoriginaliteit.
Zo werden ze ingekrat, eenmaal ter plekke werden ze van merktekens en andere zaken voorzien.
En een monteur in het veld monteerde bij reparaties dat wat voorhanden was.
Maar een WLA is geen R90S…
Origineel… Ach, de R90S is pas de heilige graal met matching numbers en letterlijk alle schijfjes, moertjes en boutjes waarmee hij uit de fabriek gekomen is. Zo’n ding koop je voor de investering. Mijn motoren heb ik gekocht om ermee te rijden. Lijkt mij wel een verschil. In het laatste heb ik wel zin. In het eerste niet, al had ik het geld. En met alle perfectie van dien, er lijken mij betere motoren te bestaan dan een R90S. Met slechts fabrieksperfectie en concoursstaat kun je niet beter rijden dan met een technisch perfecte machine met bakken aan rijgenot. Hoe mooi ik die R90S ook vind, daar niet van. Oh ja, zei de man die over matching numbers neuzelde ook iets over het aantal kilometers dat het ding gereden mocht hebben of zo? Of was hij ook al aangedaan omdat de R90S al uit de krat was?
Gelukkig beginnen ze langzaam (letterlijk) uit te streven de betweters die je exact weten te vertellen wat er allemaal niet goed is aan je geliefde bezit of dat van je hobbygenoten. Maken er vaak een soort van exacte wetenschap van wat er origineel zou zijn. Dit terwijl (zeker in het verleden) ook de fabrieken echt wel variaties in de productie hadden (beschikbaarheid van onderdelen etc.). Het belangrijkste is het plezier in je wielen.
Wat originaliteit betreft heb ik een hele liberale instelling. Iedereen moet doen wat hij/zij/het leuk en mooi vindt. Ook al hoeft het dan niet mijn smaak te zijn.
En originaliteit heeft soms ook zijn grenzen. Als je zoals bij mijn eigen 4wielige klassieker/youngtimer voor 2/3 van het geld een veel betere RVS uitlaat kunt monteren en de fabrieks uitlaat na 2 jaar alweer dicht gelast moet worden 🙄.
Inderdaad, dat werd dus RVS.
Beter blind kopen dan blind rijden
zoals een aanzienlijk deel van onze gewaardeerde oosterburen plegen te zeggen :
erlaubt ist , was einem gefällt.