Bijzonder

Een kleine Mazda met een Wankelmotor

By  | 

We kijken onder de kap van een Mazda R100 met Wankelmotor

Het waren, alfabetisch, Alfa Romeo, American Motors, Citroen, Ford, General Motors, Mercedes-Benz, Nissan, Porsche, Rolls-Royce, Suzuki en Toyota die interesse hadden in de nieuwe techniek en contracten afsloten met NSU om de wankelmotor te mogen gaan gebruiken. Rolls Royce deed dat voor vliegtuigmmotoren, het Duitse Krupp dacht er iets moois mee te kunnen doen in vrachtauto’s. Maar het was Mazda dat al in 1961 bij NSU aanklopte om te helpen bij de ontwikkeling van deze bijzondere motor. Na problemen met de afdichting verregaand te hebben verholpen bracht Mazda in 1968 de eerste auto met de wankelmotor motor op de markt, de Cosmos 110S.

De voordelen wogen niet genoeg

De voordelen van Felix Wankels geniale idee bleken niet in staat de slinger te laten doorslaan naar de goede kant. Zeker niet ten de eerste Oliecrisis in scene werd gezet. Die voordelen? Een wankelmotor heeft weinig (bewegende) onderdelen, is compact, loopt heerlijk trillingvrij en kan erg lekker klinken.

The Mazda R100 werd in juni 1969 gepresenteerd. De eerste generatie R100’s was technisch op het blok na identiek met de 1200 coupe die al een jaar te koop was. De wankelmotor van de R100 was eigenlijk gedurende de hele productietijd in ontwikkeling. En die ontwikkelingen hadden niet alleen te maken met de evolutie van het technisch concept van het blok, maar ook met een effectiever manier van produceren van wat een volumemodel had moeten/kunnen worden. Feitelijk waren de R100’s in serie geproduceerde prototypes. Net als de befaamde Unimogs trouwens. Voor het belangrijke exportland Australië en voor Japan zelf had de rotatiemotor (uit fiscale overwegingen) 100 pk. Voor de wereld daar buiten werden dat er 110.

Veel vermogen

En op circuits konden de fabrieks getunede Wankelmotoren ongeveer het dubbele vermogen leveren waarmee ze het vuur zelfs aan de schenen van Porsche 911’s konden leggen. Later leverde de fabriek officiële racekits voor de dynamische liefhebbers. Het relatief lage vermogen van ca. 100 pk voor de gewone klantenauto’s was een keuze uit voorzichtigheid. De mensen bij Mazda hadden nog niet voldoende zekerheid over de standtijden van – met name – de afdichtstrips aan de rotortips. Daarom bleven ze qua vermogensontwikkeling maar heel erg aan de veilige kant. En dat die keuze zinnig is, dat bewijst de betrouwbaarheidshistorie van ons fotomodel. De motor ging boven de 6.500 tpm ‘in het rood’ en bij 7.000 tpm ging de tweede trap van de carburateur dicht.

De beschikbaarheid

R100’s waren vrij populair in Australië. Maar de ‘links gestuurde’(Amerikaanse) markt vormde de doelgroep voor de massa productie. In het totaal zijn er circa 90D R100’s geproduceerd. Een flink aantal dfaar van is in de harde strijd op de circuits gesneuveld. Het meeste aanbod komt uit de USA en Austrlië. In Nederland is er dus in elk geval eentje…

 

 

 

 

Dolf Peeters, huurwoordenaar, automotive journalist, lid van de Heeren van Arnhem

1 Comment

  1. PeterU

    13 juni, 2018 at 10:04

    Zie ik twee aparte verdeelkappen, met twee bougies elk? Lijkt ook wel logisch.

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

X
X