Praktijk en techniek

Opel Commodore GS – een heel mooie

By  | 

De eerste Opel Commodore kwam in 1967 op de markt en was op aandringen van moederbedrijf GM heel Amerikaans gestileerd. De auto was voor een Opel bijna sensueel gewelfd.

De Opel Commodore 2500 GS

In 1968 kocht de vader van Peter van Burik – Peter is handelaar in bedrijfswagens, busjes en zo – uit Apeldoorn zijn Opel Commodore GS coupé nieuw bij Hessing in de Bilt nadat hij zijn Camaro had verkocht.

De zescilinder Rekords

De Rekords waren al leverbaar met zescilinders in het vooronder, maar vanaf 1967 kregen ze hun eigen naam: Opel Commodore. En daarmee verloor Opel zijn Betuwse beschimping van ‘Elke l*l zijn eigen Opul’. Omdat de tijd er rijp voor was.

We gaan terug naar het eind van de jaren zestig. Alles veranderde. Alles kon. Alles mocht. Seks was nog veilig. Iedereen had lange haren en rookte wiet. En dertig pils op een avond omtikken was nog geen comazuipen, maar gewoon gezellig.  Het was die tijdgeest die de mensen van Opel ertoe bracht de al bestaande Rekord zescilinderlijn om te dopen tot ‘Commodores’. Met die nieuwe naam kwam er ook een nieuw elan.

BMW en Mercedes pesten

Want het was Opels serieuze bedoeling met de Opel Commodore, de mensen van BMW en Mercedes slapeloze nachten te bezorgen. Dat deed Opel dus met de zescilinder 2,5 liter GS met zijn dubbele register valstromcarburateurs. Maar om de wereld duidelijk te maken wat voor topper die GS was moesten de looks van de nog steeds standaard Rekord koets ook serieus gepimpt worden.

De GS kreeg 14 inch velgen met een Rostyle-achtige, in plaats van de 13 inch Rekord wielen, en een set sierstrips inclusief de kenmerkende aluminiumstrip tussen de achterlichten, doorgaans een stel optionele verstralers en zijn kenmerkende vinyltop.

Binnenshuis ging het er ook riant aan toe

Meer klokken dan menig Opelrijder zich kon voorstellen, een pook, een luxe interieur met fraaie houten afwerkingsdetails. Inclusief een sportstuur met houten rand. Met opgewaardeerde remmen en stabilisatoren was de GS zo een heel serieus beest waarmee je het de op de onbegrensde Autobahn de bestuurder van een Mercedes 280SE of BMW 2500 erg moeilijk kon maken.

Scherp geprijsd

Bovendien was zo’n Opel bijna een derde goedkoper dan de Benz. De GS/E die vanaf 1970 te koop was had Bosch-D-Jetronic inspuiting en een plus van nog eens twintig pk. Van 0-100 kon die Opel zelfs de strijd aan met een Porsche 911T. En hun bochtengedrag was vergelijkbaar spannend, maar bij de Opel veel goedmoediger.

Er waaide wel eens wat af…

En dat zo’n GS op volle draf nog wel eens een chroomdeel wilde verliezen en dat hij op topsnelheid niet erg koersvast meer was? Dat het tegen de 190 km/u op de teller wel erg lawaaiig werd in het interieur? Ach, dat was indertijd gewoon normaal. Ook bij zijn veel prijziger collega concurrenten. Net als het verbruik van 1 op 5 bij gevechtsinzet. Dit soort toppers van toen maakt heel duidelijk hoever het met de huidige automobiele ontwikkeling is gekomen.

Zoek de verschillen

Alleen de kenners zagen – en zien – het verschil, want de Rekords en Commodores hadden nog altijd dezelfde carrosserieën. De zescilinder lijnmotor onder de kap van de Opel Commodore kon in drie varianten worden geleverd: met 2.239 cc (95 pk); 2.490 cc (120/130 pk) en 2.784 cc (150 pk). Toch waren er wel meer verschillen tussen de Rekords en de Commodores dan alleen de motorisering. Want naast de andere motor was ook Opels optielijst volledig aangevinkt. Plus natuurlijk het kenmerkende vinyl dak waaronder zich in een latere levensfase van de Opel zo graag roestwurmen nestelden.

Bij de Opel Commodore waren de verchroomde spatbordranden boven de wielen geen camouflage van roest, maar gewoon chique. En dat de roest zich daar later wel nestelde? Dat paste geheel in het tijdbeeld waarin auto’s volgens de normen van het Amerikaanse moederbedrijf gewoon verbruiksartikelen waren. Beroemd en berucht (bij de concurrentie) was ook het GS/E-model dat voor zijn tijd en prijs ongehoord snel was en in plaats van de dubbele carburateur een elektronisch brandstofinjectiesysteem had van Bosch. Dat resulteerde in een 150 pk sterke voetzoeker waarvan de snuit in de achteruitkijkspiegels menig BMW en Porschepiloot liet schrikken.

Een aangepast onderstel

Het onderstel werd aan het vermogen aangepast door onder meer gas gevulde schokbrekers, schijfremmen achter en een extra lagering van de cardanas. De Opel Commodore A was leverbaar als sedan met twee- en vier deuren, als Coupé en (erg zeldzaam) als stationwagen. Vanaf 1968 stond de GM-Straatsburg volautomatische drieversnellingsbak op de accessoire lijst. Die maakte de Opel Commodore trager en dorstiger. Maar wel onthutsend ontspannend te berijden.

Een grappig detail

Nadat deze GS uitgebreid in het maandblad ‘Auto Motor Klassiek’ heeft gestaan is hij ook ‘ontdekt’ door diverse andere bladen. We hebben dat fenomeen eerder gezien 🙂

Wij zeggen: “Graag gedaan!”

Dolf Peeters, automotive journalist, tekstschrijver, vertaler, lid van de Heeren van Arnhem

    2 Comments

    1. Cees Smidt

      15 februari, 2019 at 21:56

      Reactie op de opmerking van U over de eerste Commandore van Opel. In 1965 kreeg mijn vader de beschikking over een Opel van zijn werkgever. Ik ben geen Opel kenner maar volgens mij stond daar al Commandore 6 rechts op de kofferklep. Het model had 4 ronde achterlichten en om aan te geven dat het om een 6 cilinder ging werd de achterkant zilver gespoten, stond wel leuk met de rode lak die de auto had. Er zijn foto s van in de familie, zal er naar zoeken om te kijken of er al Commandore op stond.

    2. rjab

      14 februari, 2019 at 20:06

      dus bij dit model komt de toevoeging GS vandaan. is die later bij de Kadetten GSi “copy-paste” gedaan?? en andere (Ascona e.d.) modellen??

    Leave a Reply

    Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

    X
    X