Sluitingsdatum meinummer -> 17 maart
De herinneringen van Rolf Wassens – Deel 9: Een val is een schande
In dit negende deel van “De herinneringen van” blikt Rolf Wassens terug op een aantal lessen uit zijn rijervaring en vertelt hij over de overgang naar een Honda Pan European en de terugkeer naar BMW.
Een val is een schande
De K 100 was total loss, vooral omdat ik geen beschermbeugels om het motorblok had en de vork was krom. De kosten die ik er net aan gemaakt had, kreeg ik niet van de expert vergoed, maar de verzekering van de schuldige automobilist heeft mij wel goed behandeld. Was dit te voorkomen geweest? Aan een kant wel – mijn schaduw lag in mijn verlengde voor mij. Ik had dus de zon achter mij, en ik kon weten dat ik dan slecht zichtbaar was. Ik had ook niet de automobilist aangekeken. Aan de andere kant vertelde de automobilist tegen de politie: “Ik had gedacht dat er toch geen verkeer was op zondagmorgen.” En “die motor kwam uit de lucht vallen.”
Misschien was ik wat overmoedig door de goede wegligging van de motor en de trainingen die ik net met goed resultaat had gevolgd. “Je moet altijd denken dat je met je vijanden te doen hebt” – die was ik vergeten. Ik had een paar boeken die heel goed zijn om scherp te blijven, vooral ‘Das grosse Handbuch für Motorradfahrer’ van Robert Poensgen. Ik las motorbladen en ik had kameraden die motor reden – hoewel dat er steeds minder werden. Gerekend naar de ongeveer miljoen kilometers die ik heb gereden en twee niet-levensbedreigende valpartijen vind ik het (tot nog toe) wel meevallen. Ik reed onder alle omstandigheden en meestal alleen. Opvallende kleding droeg ik soms wel, maar vaak niet. Mooiweer rijden in groepen is veiliger, maar ik hou niet van het rijden in groepen. Ik gebruik de motor als vervoermiddel. Het leuke is het buiten zijn, de ruimte om je heen, en een beetje risico.
Gevaarlijke ervaringen en ongelukken van anderen
Een motormaatje had meer pech. Hij reed op een zondagmiddag met zijn oude Triumph weg om een rondje te rijden met zijn nieuwe kleding. Hij zwaaide naar vrouw en kinderen, maar werd tussen Den Ham en Aduard doodgereden door een dronken idioot die met zijn zwarte Golf de binnenbocht nam. De idioot had al eerder iemand doodgereden en zijn rijbewijs had hij ook al eens in moeten leveren. Waarom mag zo een nog blijven rijden? Na dit ongeluk werd zijn rijbewijs weer ingenomen, maar na enige tijd reed hij gewoon weer.
Ik kende meer motorvrienden en ook neef Wim die dodelijk zijn verongelukt. Gevaarlijk is het dus wel, daar moet je je van bewust zijn, maar je kunt ook gewoon pech hebben. Voor elke kruising stil gaan staan werkt ook niet. Zo van: ‘ik weet dat ik voorrang heb, maar weet hij het ook?’
Er zijn ook motorrijders die gek zijn, zoals de jongeman die in de bebouwde kom van Assen met 140 km/u dwars door een auto reed. Net achter de voorstoelen langs, de automobilist kwam met de schrik vrij. De motorrijder had ‘alles gebroken wat je kunt breken’ maar overleefde de crash.
De overstap naar Honda
De K 100 verkocht ik voor een klein bedragje aan een kennis; hij rijdt met een kromme voorvork en een scheur in het blok nog steeds. Bij Motoport Hoogezand ging ik op een paar motoren proefrijden en het werd de Honda Pan European, de ST 1100. Dat was een perfecte motor; reed nog beter dan de K 100, meer windbescherming, goedkoper in benzineverbruik, erg stabiel en stuurde ook nog eens fantastisch goed. Mijn echtgenote was er een groot fan van. Ik heb er zo’n 60.000 km mee gereden; het was een zwarte met veel lampjes, in het donker leek het wel een kerstboom. Van oorsprong Amerikaans, dus hij telde mijlen in plaats van kilometers. Daar moest je mee oppassen, want je reed met zo’n Pan al gauw te snel. Een keer ben ik aangehouden door een politie-motorrijder; ik reed bijna 140 waar ik 80 mocht. Dat zou mij m’n rijbewijs kosten. Maar de hermandad moest lachen toen ik de helm afdeed: “Ik zie het al, hoe ouder hoe gekker.” Ik maakte kans, dacht ik. En waarom ik wel zo hard reed? “Ja, ik heb mijn vrouw een paar dagen niet gezien – dat was ook zo – en ik heb zin in koffie.” Je kan het beste maar eerlijk zijn, dacht ik. Verder was ik zeer schuldbewust. Ik kon kiezen: of m’n rijbewijs kwijt of een waarschuwing. De politie is je vriend.
Terug naar BMW
Na verloop van tijd kwam ik met de Pan teveel in de kosten, en ik had de achterkant van een K 1100 RS met het BMW-schildje gezien. De Pan was beter, maar ik miste de BMW. Dus ruilde ik de Pan in voor een nog heel mooie R 1100 RS bij een BMW-dealer. Er zijn zo van die dingen die je achteraf niet had moeten doen, en hoe ouder ik word, hoe meer van dat soort zaken zich opstapelt. Dit was er één van.
Lees verder in deel 10, waar Rolf terugkijkt op zijn lange motoravontuur en de blijvende impact ervan.
Lees de afgelopen edities terug via deze links: deel 1, deel 2, deel 3, deel 4, deel 5, deel 6, deel 7, deel 8.

Hele boeiende en herkenbare serie. Ben zelf in 1971 motor gaan rijden op een CZ125. Dat voelde imposant na een
puch skyrider brommer, maar dat was van korte duur met maar zeven pk onder je kont. Daarna een Yamaha twin van 100 (!) cc. Was een stuk feller. Zeker na een keer goed ontkolen. Reed de schuur uit, gas geven en toen spinnen op de flinten in Drenthe en ik languit plat op straat met motor en al. Maar die liep toen wel 20 km/u harder dankzij die schoonmaak beurt. En beter accelereren. Verbruik 1:33, mengsmering 1:50. Topsnelheid op de teller 115 km/u.
Kleine trommelremmen, maar effectief toen bleek dat een vrachtwagenchauffeur niet tegen een slipstreamende motor kon en volop in de remmen ging op de autoweg Zwolle – Harderwijk. Ondanks de vrieskou in januari 1973, met alleen een plastic regenpak over mijn wollen trui en vest, en zomerhandschoenen, waardoor ik bij de eerstvolgende benzinepomp mijn handen tien minuten boven de kachel moest houden om te kunnen betalen, om over mijn ijskoude voeten maar niet te praten, bleek ik toch in staat tijdig en sneller te remmen dan deze met moordneigingen beluste vrachtwagenchauffeur. Dat waren ook echte motorervaringen denk ik dan maar. Afzien en niet opgeven op weg van Assen naar Maassluis bij min twee.
Achteraf gezien had ik veel eerder moeten investeren in mijn later aangeschafte Belstaffpak.
Daarrna een Yamaha RD 200 twin. Was eigenlijk maar 180 cc met 21 PK. Beetje ver opgevoerd en dus niet zo betrouwbaar.
Plus een veel te kleine tank, waardoor ik op een zondag in 1973 zonder benzine kwam te staan in een te christelijk Oostelijk Flevoland, waar op zondag alle pompen dicht waren. Een behulpzame amsterdamse taxichauffeur sleepte me naar Harderwijk. Probleem opgelost. Yamaha bleef één zomer en toen terug naar CZ. Wel een snellere 175cc versie maar minder betrouwbaar dan de 125. Stuurde wel goed op de Belgische casseien, maar slechte electronica kreeg je er gratis bij. Dus weer een sleep geregeld naar Maastricht na een bezoek aan de moto GP van Franchorchamp waar willen starten uit de boze bleek. Touw over het stuur heen en tussen de knieën en de tank om je arm te sparen. Heuvel op, heuvel af. Dat laatste ontspande dan nog wat. De druk was er even af. Genoeg van de CZ dus. Toen een goedkope Harley
liberator gekocht in Roosendaal. Wel een overgang met zoveel kilo’s meer gewicht. Bij het eerste rode stoplicht remmen en balans weg. Motor plat op de weg, maar kon hem alleen gelukkig net overeind krijgen. Op weg naar huis in Oudenbosch.
Deze motor maakte wel veel indruk bij het vrouwelijk schoon, zodoende heel wat dames naar huis gereden.
En spannende weekeinden met Harley club Breda en omstreken.
Zelfs de vrouw van de voorzitter wist me in te palmen. Een supersnelle rit als zijspanpassagief in een Indian 1200cc zijspancombinatie, waarbij we alle solo’s achter ons lieten was een openbaring. Wel plannen om ook zijspan te gaan rijden, meer helaas nooit gerealiseerd. Door werk en hobbies naar de auto gedwongen, maar later naar een Jawa Californian 350 twin overgestapt. Stuurde lekker maar te onbetrouwbaar. Daarna een tijdje Laverda 750 gereden. Lekker snel met het nodige trilwerk. Toen nog een Suzuki T 350 en daarna BMW F850 GS. Reed super en betrouwbaar. En zuinig. Dat was de laatste, maar met goede herinneringen. Tussendoor ook nog Honda V-vier 850 gereden. Heerlijke motor, als een blok op de weg.
Sehr gerne hätte ich mal eine Pan Europa gefahren.Leider bin ich etwas zu klein und inzwischen auch zu alt.So waren es etliche BMW und drei Honda.Aber das ist in Ordnung.
Weer zo’n geweldig verhaal, ik zie al weer uit naar het volgende deel