Artikelen

V4 motoren, best apart

By  | 

V4 motoren zijn niet de meest gangbare motoren in de klassieke autowereld. Ze zijn moeilijker te maken en complexer dan lijnmotoren. Hun voordeel? Dat is hun gebrek aan lengte.


We publiceren deze artikeltjes gratis, en willen dat natuurlijk ook blijven doen. Maar u begrijpt dat dat voor ons niet gratis is. Ondersteunt u dit initiatief en waardeert u het? Overweeg dan eens een abonnement op Auto Motor Klassiek. U helpt ons dan niet alleen de gratis initiatieven betaalbaar te houden, maar ontvangt als bonus ook nog eens elke keer een AMK in de bus. En u betaalt nog maar € 3,30 per nummer in plaats van € 4,99. Elke maand goed voor uren leesplezier.

Er waren niet veel fabrikanten die V4 blokken maakten

Maar ze zijn allemaal interessant. Lancia debuteerde met de Lambda in 1922. Het was een aluminium stoterstangen blokmotor. De cilinderinhoud lag tussen de 2.1 en 2.6L, met vermogens variërend van 49-69 pk. Het blok werd door de jaren heen aangepast en kwam in veel verschillende Lancia’s te wonen:  de Artena, Augusta, Aprilia, Ardea en Appia. De uiteindelijke versie van de Lancia V4 werd in 1963 gebruikt in de prachtige Fulvia. De V4 werd drastisch herzien en kreeg een blokhoek van maar 20°. Dit stond het gebruik van een de twee rijen overlappende cilinderkop toe. Het was een DOHCV-motor met slechts twee nokkenassen – één die de uitlaatkleppen bedient, één de inlaat.

De Ford V4 motoren

Als hij uit Engeland kwam, dan was het de Essex V4 en werd hij in Dagenham gemaakt tussen 1965-1977. Maar de Duitse versie uit Keulen was al in 1962 geïntroduceerd en was in de USA bedacht. De Essex versie had koppen volgens het Heron principe. De uitwisselbaarheid van delen tussen de Duitse- en Britse Ford V4’s is minimaal.

Het idee was om compact te bouwen in de gangbare cilinderinhoudsklassen. De Ford V4 blokken waren er als 1200, 1300, 1500, 1700 en 2000 cc blokken. V4 blokken zijn complexer en moeilijker te maken dan lijnmotoren. De winst zit hem in de korte bouwlengte. Dat kwam dan weer bijzonder goed uit voor voorwielaandrijvers.

De blokhoek van de viercilinders was 60 graden en de motor was voorzien van een balansas

Het motorblik bleek heel breed inzetbaar. Ford V4’s kwamen terecht als aandrijvers van pompen, generatoren, landbouwaggregaten en snowmobiles. Het Duitse leger verving op een gegeven moment de tweetakt driecilinders uit de Munga Jeeps door Ford V4 blokken. Voor rally doeleinden werden de V4’s getuned tot zo’n 150 pk in de 1900 cc uitvoering. Saab maakte het helemaal bont met een 240 pk turbo uitvoering. Marcos gebruikte de Essex V4 in de Marcos 2 litre. De Matra 530 had ook een V4, die was midscheeps gemonteerd.

Maar in den beginne

Aanvankelijk werd de V4-motor door Ford ontworpen voor een nieuwe compacte instapauto, bedoeld voor de Amerikaanse markt, de Ford “Cardinal”. Die ontwikkelde zich uiteindelijk tot de Taunus 12m P4. Ford verliet het project “Cardinal” en bouwde in plaats daarvan de Ford Falcon voor Noord-Amerika. Het merk zocht vervolgens naar andere toepassingen voor de V4-motor, die aanvankelijk werd getest in de Saab 96. Dus kocht Ford verschillende Saab 96’s om de blokken te testen en verkocht de auto’s uiteindelijk terug naar Saab met de V4-motoren erin. Saab testte de V4’s op hun Trollhättan-testbaan en bevond ze na wat aanpassingen goed genoeg om de driecilinder tweetakten uit eigen huis te vervangen.

In eigen huis werd de Ford V4 gebruikt in Taunus, Consul, Capri en Transit.

De Ford V4 werd vervangen door de Pinto motor. En over de Ford Pinto is een hoop te doen geweest. Dat meldden we onlangs nog op: Ford Pinto: goedkoop is duurkoop

Een halve V8

Voor het idee lijkt de V4 op een Amerikaanse halve V8. Qua gewicht ook. De tamelijk dorstige motor had een kunststof distributietandwiel dat voor een stille loop zorgde maar niet het eeuwige leven  Er waren ook klachten over lekke koppakkingen, de klepgeleiders en de lagering van de balansas. De V4 met zijn koppelrijke karakter had een kenmerkende, wat ‘rauwe’ loop en zijn blok klonk niet onaardig.

ZAZ, een soort Russische VW

De laatste fabrikant van V4-aangedreven auto’s was ZAZ (Zaporizhia). ZAZ was de belangrijkste autofabrikant van Oekraïne tijdens het Sovjettijdperk, beginnend in 1960. Hun meest bekende product was de Zaporozhets, het equivalent van het communistische tijdperk van de VW Kever. Poetin schijnt er nog eentje te hebben. De Rus was voorzien van een 90 graden, luchtgekoelde V4. De 90 graden blokhoek maakte de Rus veel servicevriendelijker dan de Kever. Hij had wel vaker aandacht onder de kap nodig dan de kever.

Ook interessant: Back in the USSR: Russische klassiekers

V4 blokken in de automobielbouw zijn dus zeldzaam. In de motorfietswereld zijn ze wel aangeslagen. Maar dat is een ander verhaal.

 

V4 verpakt in een Lancia

V4 in een Taunus 12M

De Saab V4

 

 

Nu in de winkel, het juninummer

Auto Motor Klassiek van juni ligt nu in de winkel. Dus haast u om een nieuw exemplaar te bemachtigen. Voor maar 4,99 een garantie voor zeker een paar uur leesplezier.

Als hoofdartikel hebben we een uitgebreid aankoopadvies van de Mercedes-Benz S-klasse W116. Alles wat u moet weten, vanaf zwakke punten tot specialisten en lectuur. Een must voor de koper, maar zeker ook voor de liefhebber.

In het juninummer hebben we weer een paar mooie restauratieverslagen. Een daarvan is er een van de restauratie van een Innocenti 90L uit 1981. Maar zeker interessant is ook de restauratie van de Victoria Vicky type 117, van een jonge Belgische bromfietsliefhebber. Hij heeft er nog meer gerestaureerd of in de planning staan. Waaronder een DKW en Express. Ook de Moto Guzzi V7 Special uit 1971 is helemaal gerestaureerd.

Natuurlijk worden alle auto- en motorverhalen weer voorafgegaan aan tientallen pagina's met korte berichten, vanaf praktische tips tot en met historie, klassiekers die we onderweg tegenkwamen en diverse columns waar het hebben van een klassieker, het sleutelen aan een klassieker en zelfs het hobbymatig handelen van klassiekers centraal staat. Bovendien natuurlijk ook meer dan veertig pagina’s met klassiekers te koop, die soms online niet verder aangeboden worden. Het perfecte leesvoer voor deze lastige tijden. Haal hem daarom snel in huis en neem alvast een abonnement, zodat u de volgende editie niet mist.

En verder ook nog:

  • Ford Thunderbird 1966
  • Panhard 24 CT
  • Solex van Tivan
  • Beleef de bevrijding
  • ROZ Classic 2020

Meer over wat er in deze editie allemaal staat ziet u op onze pagina deze maand.

 

Ook leuk om te lezen…


Dolf Peeters, automotive journalist, tekstschrijver, vertaler, lid van de Heeren van Arnhem

5 Comments

  1. chris de bruin

    11 mei, 2020 at 17:37

    Ik mis in het artikel nog enkele andere britse fords die met V mptoren
    waren uitgerust. De Ford corsair , de zephyr en de zodiac.

  2. Theo Prijs

    4 februari, 2020 at 13:02

    Toen Ford stopte met de produktie van de V4 motoren, is (moest) Saab helaas stoppen met het model 95/96.

  3. Maurice

    4 februari, 2020 at 06:43

    Ik heb als 15 jarige in de oude Transit T1 leren auto rijden.
    Het markante geluid van die V-4 gaat nooit meer uit mijn herinnering. Prachtig!

  4. Rob Wesselink

    3 februari, 2020 at 21:29

    Er is ooit nog een soort jeep geweest van AMC de Mighty Mite. Deze had een luchtgekoelde V4.

  5. hans

    3 februari, 2020 at 18:37

    de lancia is geen v4 , maar een vr4, namelijk maar 1 cylinderkop.

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *