in

Toyota Starlet P8. Opnieuw onze redder in nood

Het is 24 september 2020. De beltoon van mijn oude trouwe Samsung haalt mij uit de concentratie. Robin van de garage belt mij veel te vroeg. Want: hoe vroeger, hoe meer trammelant. De reden van zijn telefoontje is gelegen in mijn Delta. Robin heeft nog niets gezegd, maar ik weet al genoeg. Niet veel later ben ik verbijsterd, en bij de garage zijn ze het klaarblijkelijk ook. Robin noemt een bedrag van €3.500,– reparatiekosten. Iets met een waterpomp, een inlaatspruitstuk en een Turbo. Lang leve de downsize diesel denk ik. De uitkomst van de diagnose leidt tot een nakend afscheid. Het geluk bij een ongeluk staat echter om de hoek. En luistert naar de naam Toyota Starlet.

Die kleine, dekselse Toyota Starlet. Vaste lezers kennen hem inmiddels wel. Zo af en toe hou ik u op de hoogte van de Starlet 1.3i Sport (P8), die bij mij een heldenstatus geniet. In het weekend dat volgde op de diagnose brengt hij mij terug naar vroeger. Voor wie het niet las: tijdens het begin van de jaren tachtig hadden wij thuis een Citroën GSX. Hij was goed voor dierbare herinneringen. De memoires waren de rozen op de afvalberg, want kwalitatief gezien was deze Citroën een zorgenkind. En niet zo’n beetje ook.

We publiceren deze artikeltjes gratis, en willen dat natuurlijk ook blijven doen. Maar u begrijpt dat dat voor ons niet gratis is. Ondersteunt u dit initiatief en waardeert u het? Overweeg dan eens een abonnement op Auto Motor Klassiek. U helpt ons dan niet alleen de gratis initiatieven betaalbaar te houden, maar ontvangt als bonus ook nog eens elke keer een AMK in de bus. En u betaalt nog maar € 3,30 per nummer in plaats van € 4,99. Elke maand goed voor uren leesplezier.

Toen de GSX voor de zoveelste keer tijdelijk de pijp aan Maarten gaf, heette de redder in nood Citroën 2CV4, u kent het verhaal mogelijk wel. Met 435 cc onder de kap reden wij naar oma de Mooij. Zij woonde in het prachtige Haarlem. Anticiperend 120 kilometer heen. En een paar dagen later anticiperend 120 kilometer terug. Maar wij kwamen er, probleemloos. Kort en goed: het glorende zwak voor de underdog op de weg werd op de A6 in Flevoland definitief in mijn vat gegoten. Anno 1982 was de 2CV4 nog steeds een zuivere aanklacht tegen iedere vorm van prestige, luxe en wat dies meer zij. Ik vond dat mooi, en bovendien deed de Eend wat hij moest doen.

Dát gevoel keert op zondag 27 september 2020 terug. Wij staan op het punt om van Leeuwarden naar Naarden te rijden. Op naar mijn fijne zwager en lieve schoonzus. Gewoontegetrouw check ik het olie- en het koelvloeistof peil. Overbodig, de 2 E-E motor verbruikt geen druppel. Het enige dat ik vul is het ruitensproeier reservoir. Onze oudste dochter blijft thuis, mijn vrouw, de jongste twee kinderen en ons hondje Micky nestelen zich in de Starlet. Als de auto niet zó goed was geweest had ik het een avontuur genoemd. Nu zijn wij klaar voor ouderwets rijplezier, dat sterker wordt omdat  het knus is aan boord. Precies zoals in de 2CV4 vroeger.

Onderweg komen wij natuurlijk weer veel moois tegen. Ik zit in een oud wagentje, en links en rechts worden wij ingehaald door de moderne tijd die nog altijd veel modische automobiele luxe en prestige tentoonspreidt. Hoe meer, hoe beter, denk ik. Des te groter wordt het tegenwicht van onze Starlet, die kinderlijk eenvoudig meekomt met het verkeer, en met al zijn zogenaamde anti-status onverzettelijkheid uitstraalt. Geen moment ben ik bang dat de Starlet er mee stopt. Het is een Toyota uit 1995, dan weet u het wel: die gaat nog heel veel moderne auto’s overleven.

De kleine Japanner vertegenwoordigt in financieel opzicht weinig waarde, is oud, nog niet helemaal klassiek en daardoor zit hij in een soort vacuüm dat van hem dé underdog maakt. Behalve als het op betrouwbaarheid aankomt, dan is hij iedereen de baas. Kosten? Ja die heb je soms, dat is niet zo gek bij een auto die de 25 jaar is gepasseerd. Met slechts 246.000 op de klok stelt hij zijn diensten graag aan je beschikbaar. Om vervolgens probleemloos, vlot en met 1 op 17 (Total Excellum, een aanrader) de wereld rond te rijden. De tocht naar het bemiddelde Naarden doet mij aan vroeger denken. En nu denk ik het weer: stiekem is dit één van de leukste manieren om onderweg te zijn. Met dat krakende radiogeluid, dat het ritje nóg gezelliger maakt. En voor de terugweg geldt hetzelfde, wéér heb ik er zin in.

Dik drie en een halve mille aan kosten gaan niet richting de Lancia. Nooit een keer. Een deel daarvan plus nog iets gaat naar een oudere occasion met betrouwbare geloofsbrieven, ik ben daar al mee bezig. En een ander deel komt ten goede aan de Starlet, die cosmetisch aan een opknapbeurt toe is. Ik ken mensen wiens handen jeuken om hem aan te pakken. Zoals Anne, die van mij de toezegging krijgt. Omdat de Toyota Starlet leuk is. Goed is. En de genoemde opknapbeurt verdient. Want je kunt op het technisch onberispelijke wagentje bouwen en vertrouwen, al drie en een half jaar leunen wij op hem, biedt hij de prettige zekerheid van iets achter de hand hebben. Ook daarom zal er altijd minimaal één Toyota op mijn naam staan. En als het aan mij ligt is dat de Starlet. Maar ook al wil hij morgen met pensioen, dan nog blijft het een held.

Niet eerder voelde ik meer sympathie voor een auto. En die is dankzij die in meerdere opzichten gedenkwaardige rit naar Naarden v.v. alleen maar sterker geworden. Auto’s kunnen troosten. Onze Toyota Starlet is er een meester in.

 

11 Reacties

Geef een reactie
  1. Ook ik heb een Toyota Starlet ( na een Carina, Corolla en weer een Carina sedan) gehad. Weluswaar het midel hiervoor!
    JR-78-SL was het kentejen en het was een puike auto!
    Na 6 jaar, hij was toen 10, ingeruild voir een andere auto! Maar het kenteken weet ik nu nog, kun je nagaan wat een goede indruk deze auto altijd heeft gehad op mij!

  2. Klinkt bekend. Ik kocht in 1994 een Peugeot 309 XRD met 95000 km op de teller. Toen deze auto getorpedeerd werd en total loss werd verklaard, had deze bijna drie ton op de teller staan. Buiten normaal onderhoud zijn er in de tussentijd drie gloei bougies (de Peug zag kans bij min twintig op letterlijk anderhalve bougie nog te starten) en een fuseekogel vervangen. Dat was alles.

  3. Zelfde verhaal met een Honda Logo CVT uit 1999. Het reguliere onderhoud en elk jaar probleemloos door de APK. Niet spannend, maar wel heel betrouwbaar….

  4. In 2012 had ik vrij plotseling geen lease-auto meer maar wel een baan met ruim 200 kilometer per dag woon-werkverkeer. Ik koos een op dat moment 26 jaar oude Mercedes 200D met 276.000 kilometer op de klok voor de prijs van 2950,- euro inclusief een verse APK.

    Als ik in 2012 een splinternieuwe auto had gekocht, had ik er minder lang mee gedaan en minder plezier beleefd dan met die oeroude diesel. Afgelopen voorjaar deed ik hem weg op een tellerstand van 616.000. Nooit mee stilgestaan, in die hele 340.000 kilometer. En nooit een rare verassing bij de garage. Alle beurten zelf gedaan. Reparaties: buiten de gewone slijtagedelen alleen een herstelde stoelbekleding, een nieuw opgelaste en gespoten wielrand, een nieuwe ventilatormotor en ruitenwissermotor. Bij 500.000 nieuwe verstuivernaalden, injectieleidingen en distributieketting met toebehoren, dat was het duurst. De auto heeft me goud geld opgeleverd, want ik reed gemiddeld voor 12 cent per kilometer. Ik rijd nu een 250D automaat, die mooier is en iets, iets sneller.

    De moraal: er gaat niks boven oude techniek.

  5. Na verschillende grote Duitse en Amerikaanse luxe voertuigen besloten om eens een Toyota Urban Cruiser aan te schaffen als 2e autootje. Wat een genot, regelmatig zwaaien we onze hedendaagse Duitse degelijkheid uit als we besloten hebben “gewoon” met de Cruiser op pad te gaan. Rijd en stuurt heerlijk en voelt oerdegelijk aan. En wat er niet op zit kan niet……

  6. Nog een tip. Dacia Dokker, 1,5 (Renault) diesel. Dezelfde die in een Mercedes A of B staat. Over antiheld gesproken. Geen moderne fratsen aan boord die kapot kunnen gaan.

  7. Tja, je hebt het over een TOYOTA!!!!!!! Een van de beste auto’s die er bestaan. Ikzelf heb de weelde van een CELICA zzt23. Heb hem nu bijna 7 jaar en ben er nog altijd dolblij mee.

  8. Ook ik ben na vele eerdere auto’s (die mij veel te kort mee gingen) zeer tevreden over mijn ruim 30 jarige Starlet P8 met dezelfde 2EE motor, de rode kleur is helaas wel wat verbleekt, maar de kwaliteit van deze eenvoudige Japanse techniek is echt geweldig. Ik kocht hem toen ie 4 jaar jong was en heb er nu ie de 30 jaar al gepasseerd heeft, er nog steeds veel vertrouwen in dat ie nog jaren mee kan. Nee met dit karretje is het verleden tijd dat je om de 10 jaar naar een ander karretje moest om kijken.
    JA, deze blije rijder kon al die jaren echt voor 100% op zijn betrouwbaarheid rekenen en NEE ik werk niet bij de Toyota. Als er iemand achter mijn oude karretje rijd en begint te lachen, dan denk ik: ja lach maar, mijn karretje is betaald, gebruik geen druppel olie en de onderhoudskosten daar kan ik weer om lachen.

  9. Heb weer even een paar minuten genoten van Erik zijn boeiende en mooie manier van vertellen.
    Toyota maakte jaren terug niet de meest spannende auto’s maar qua kwaliteit lastig te evenaren.
    De Strarlet lijkt mij een autootje waar je bij het instappen direct een goed gevoel bij hebt.
    Lekker basic ,even klein stukje terug in de tijd en bovenal betrouwbaar.
    Erik nog vele fijne en veilige kilometers in de starlet.
    Met vriendelijke groet,
    Folkert Alta

  10. Ik heb zijn kleinere broertje de 1000S uit 1977. Of is het dan zijn neefje. Of moet je ‘m dan de opa noemen.
    Ik heb ‘m in 2007 gered. Het was een schuurvondst.
    Voor € 125, werd hij van mij.
    Gerestaureerd en laten spuiten en aan mijn inmiddels ex-schoondochter overgedaan. Die er niets mee doet.
    Dat doet zeer.
    Ik zou ‘m wel over willen nemen, maar dan moet er een 5-bak in. Jawel die uit een Starlet zou moeten passen.
    Wie heeft er zo’n bak. Dan wil ik nog wel weer gaan genieten avn dat springerige wagentje waar zoveel aangename, én minder aangename uurtjes werk in zijn gaan zitten.
    Hans Visser

    • Een K50 bak (vakjargon) voor een Starlet is een zoekplaatje Hans,… eventueel kan ik je er wel mee helpen maar je zult dan wel geduld moeten hebben. En niet elke K50 bak past overigens,.. tenminste als je de pook op de goed plaats wil behouden.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *