Sluitingsdatum meinummer -> we zijn aan het afsluiten
Toen we nog winters hadden…


De twee Russen overschreeuwden hun technische gedateerdheid met Echte Spijkerbanden die in Polen op een onduidelijke beurs waren gescoord om de aangedreven wielen. De Dnepr met zijn aangedreven zijspanwiel maakte daarmee een hels lawaai over het wegdek. De eigenaar melde blij dat hij nu eindelijk zijn kleppen niet meer hoorde. We draafden dapper door de meest zuivere Anton Pieck landschappen. De BMW combinatie moest twee keer uit de berm en een keer uit een greppel getrokken worden. De oranje polipropyleen sleepkabels contrasteerden mooi tegen de sneeuw. Tijdens de trekactie knalden de spijkers bozig uit het rubber en zoemden nijdig weg. De olie die gestaag uit de zijspanwielaandrijving lekte contrasteerde ook.

De zijspanwielaandrijving ging stuk en werd losgekoppeld. Bevroren vingers zijn minder pijnlijk dan koude handen. Door de kou op de blaas weten we nu het antwoord op de vraag ”Bestaat er gele sneeuw?”. Ongelooflijk hoe lang het duurt voordat je je kleinste vriend van achter alle kledinglagen hebt weggelokt trouwens. Het opbergen van het van de kou geschrokken kleinood was ook een hele klus.
Na een stop in het bijna geheel onder gletsjers verdwenen Bronckhorst wankelden we vol hete chocomel en dubbele uitsmijters naar buiten. Daar zette een duidelijk Oma/Opa koppel net hun kleinkind op de Dnepr. Pubers en adolescenten die dat zonder toestemming doen worden getuchtigd. Kleinkinderen komen er mee weg. De Oma bleek van huis uit ook Russisch te zijn. Ukrains. Ze kende Urals en Dneprs nog van vroeger. “Ach, u komt ook uit Rusland. Dat is leuk. Kent u Andrey Ruban uit Cherkassy?” Veel chocomel drinken maakt wat melig. Andrey -Andrew – is een oude bekende. Hij verzamelt klassieke Russische motorfietsen. Hij brengt zijn zoontje naar het station met een doorgeladen pistool in zijn jaszak. Hij handelt sinds de instorting van het communisme in voormalige militaire Staatsgeheimen. Andrew is goed bezig. Hij is aardig. Google hem maar.

En dan valt je de bek los daar in Bronckhorst. Dertig kilometer is niet veel wanneer je een gokje doet op zo’n schaal. We gingen maar weer naar binnen. Bijpraten met onze nieuwe Oma. En als we een keer in de buurt zijn van Oma Irina’s zus, dan hebben we er een slaapplaats. Geen probleem.
