Motoren

Retro. Kunnen we daar wat mee?

By  | 

Retro is modern. We gaan terug naar toen. In 1969 verkondigde BMW de wereld dat 50 DIN pk het absoluut hoogste veilige vermogen voor een wegmotor was. De Honda CB750 Four leverde er 67. Daarna ging het hard. Er was even de door de Duitsers opgelegde zelfbeperking tot 100 pk. Maar die waaide ook over. Nu koop je zo over de toonbank een motorfiets met 200+ pk.

We publiceren deze artikeltjes gratis, en willen dat natuurlijk ook blijven doen. Maar u begrijpt dat dat voor ons niet gratis is. Ondersteunt u dit initiatief en waardeert u het? Overweeg dan eens een abonnement op Auto Motor Klassiek. U helpt ons dan niet alleen de gratis initiatieven betaalbaar te houden, maar ontvangt als bonus ook nog eens elke keer een AMK in de bus. En u betaalt nog maar € 3,30 per nummer in plaats van € 4,99. Elke maand goed voor uren leesplezier.

Zinloos geweld?

Zo’n motorfiets is qua uiterlijk ook heel erg afgegroeid van dat heerlijk overzichtelijke ‘form follows function’ concept. Ik vind ze er vaak uitzien alsof ze uit Japanse Manga strips komen. Een topsnelheid van 250 km/u wordt toch maar in teksten vermeld. Want je kunt nooit weten waar je hoe hard mag rijden.

Los van de realiteit

Maar ja: de afgelopen jaren zijn in de motorwereld alleen de marketeers, designers en engineers jonger geworden. Dat terwijl motorrijden hier in Nederland toch een zaak van vijftigplussers is. De gemiddelde leefdtijd binnen de Goldwing club ligt al boven de zestig. En dan sta je als gemiddelde motorliefhebber toch al gauw met Wim Sonnevelds vraag: “Maar nu vraag ik u af: Wat mòt ik met die gekkigheid?”

Redding door retro?

Ergens in motorland zijn er een paar mensen wakker geworden. Die bedachten dat vroeger niet alles beter was, maar dat motorrijden vroeger gewoon leuker was. Het ‘retro idee’ was geboren. Grappig genoeg was het Honda dat met de CB500T de eerste voorzet deed. Maar die nostalgisch gepimpte dubbelnokker was zijn tijd te ver vooruit. Het was nog te vroeg om retro te zijn. Kawasaki’s W650 was een motor die echt helemaal nieuw als retrofiets ontworpen was. Al het goede van een moderne motor, maar dan wel met mate en met precies de looks van een echte ouderwetse motor. De W650 was ook nog een tikkie te vroeg. Hij verdween en is intussen als W800 glorieus herboren.

Lees ook: De (Kawasaki) retro fietsen. De nieuwe klassiekers?

Retro is hot!

De echte oudgedienden zoals de Enfield eencilinders en Urals lopen vast op de eco-regelarij. De meest recente modellen zijn vertederend opgewaardeerde klassiekers. Een Ural met een Brembo schijfrem, een startmotor en inspuiting. Het moet niet veel gekker worden! Maar de nieuwe Royal Enfields 650? De Kawa W800? Dat zijn showroom nieuwe eerbetonen aan de motoren van vroeger. Ze zijn puur retro. En dat ze schijfremmen, ABS en een startmotor hebben? Daar is goed mee te leven. Zeker als je kick-knie de terugslag van een grote Britse stamper niet meer aankan.

Ook lezen: Kickstarten of elektrisch starten. Een elektrisch been en retrofietsen. Mag dat?

Met wat hulp uit China

De nostalgie/retromarkt wordt daarbij prima bediend door nieuwe merken. Mash en Brixton zijn daarbij de opkomende sterren. Mash is Franco Chinees. Bij Brixton is de stamboom Oostenrijks-Japans-Chinees. Intussen is er een hele resem aan ‘dat soort merken’ bij gekomen.

Die Europees-Chinese retro’s zijn eigenlijk gewoon ouderwetse gebruiksmotorfietsen met een fris uiterlijk. Ze bieden geen technische hoogstandjes, ze zijn niet zwaar of snel. Doorgaans zitten ze tussen de 125-400 plus nog wat cc. Maar er zijn intussen ook 650 cc machines.

Zo´n Mash, Brixton, Kawa of Royal Enfield is een heerlijke onthaastingsmotor die in vergelijk met een Echte Klassieker onderhoudsvriendelijker en mogelijk nog betrouwbaarder is.

Maar wat vinden wij er met zijn allen van?

Daarom willen we het vanuit de redactie eens in de groep gooien ”Retro fietsen: zijn die voor ons als klassiekerliefhebbers een aanvaardbaar alternatief?” Voor ‘de jeugd’ zijn ze dat inmiddels wel. En misschien zijn oude looks daarmee de start voor een heel verse generatie motorrijders.

We zijn benieuwd naar de reacties.

Niet retro. Gewoon oud met een schijfrem 🙂
Dat waren winkeldochters. DE CB500T was een te vroege rerto
Stijlvol. Met een koningsas. De Kawa W800
Een Royal Enfield 650
Franco-Chinees: Mash
Er wordt ook op jongere rijders gemikt: Een Brixton

 

Nu in de winkel, het julinummer

BMW 318i, Fiat 500 Abarth, Chevrolet Fleetmaster

Auto Motor Klassiek van juli ligt nu in de winkel. Dus snel naar de boekwinkel voor een nieuw nummer. Voor maar 4,99 een garantie voor zeker een paar uur leesplezier.

Lekker zomers prijkt op de omslag de BMW 318i cabriolet van Femko de Jong. Hij bracht de auto tot in perfectie. U leest er alles over in nummer 7.

Erg interessant vinden we zelf de ombouw van een Chevrolet Fleetmaster naar een custom. Dat is niet zomaar klakkeloos gedaan. Het was een echt ingrijpend project. Zelfs de klompen van de eigenaar moesten eraan geloven. Ook de restauratie van de Fiat 500 waarvan in dit nummer een verslag, zou je onder de noemer custom kunnen scharen. De auto was in erbarmelijke toestand, dus een intensieve restauratie volgde. Eigenaar Henrique Linde gaf er meteen een eigen 'Abarth'-draai aan. Wij vonden het resultaat meer dan geslaagd. Hendri Kampherbeek heeft zijn hart gegeven aan Peugeot. Zelfs wanneer deze voor de tweede keer onder handen moet worden genomen. Zijn Peugeot 405 mi16 kocht hij met een kapotte motor en na de restauratie was het weer bijna mis.

Natuurlijk worden alle auto- en motorverhalen weer voorafgegaan aan tientallen pagina's met korte berichten, vanaf praktische tips tot en met historie, klassiekers die we onderweg tegenkwamen en diverse columns waar het hebben van een klassieker, het sleutelen aan een klassieker en zelfs het hobbymatig handelen van klassiekers centraal staat. Bovendien natuurlijk ook rond de veertig pagina’s met klassiekers te koop, die soms online niet eens aangeboden worden. Het perfecte leesvoer. Haal hem daarom snel in huis en neem alvast een abonnement, zodat u de volgende editie niet mist.

En verder ook nog:

  • Aprilia Moto 6.5 restauratie
  • Honda CB 550
  • Mercedes-Benz 600 Pullman
  • Herinnering aan Stirling Moss
  • Beleef de bevrijding deel 2

Meer over wat er in deze editie allemaal staat ziet u op onze pagina deze maand.

 

Dolf Peeters, automotive journalist, tekstschrijver, vertaler, lid van de Heeren van Arnhem

13 Comments

  1. Nico

    1 juli, 2020 at 10:45

    Goed en actueel stuk! Zelf rij ik bijna 40 jaar op oude Harleys, ik hou nu eenmaal van klassiekers. Het echte sleutelwerk laat ik aan specialisten over, ik kan het betalen dus dan maar goed onderhoud wat enige € kost. Wij (59 jr) zijn opgegroeid met sleutel brommers en goedkope motorfietsen en brommers.
    Een goede rem, goede verlichting zijn toch belangrijke factoren. Ik geniet enorm van al die mooie moderne retro klassiekers, de berijders van deze motoren zijn net als ikzelf liefhebbers. Dat is voor mij al voldoende, Mash, Kawasaki 800, Royal enfield, BMW scramblers, i love them all.

    • Pascal

      1 juli, 2020 at 14:37

      Ik rij ook met ouwe meuk, maar kan me voorstellen dat je wel de looks en niet het “gedoe” wilt hebben wat je met een oudje hebt..en dus kiest voor een retro.
      Nadeel van bepaalde ouwe meuk is ook dat je er niet fatsoenlijk bij weg kunt lopen en altijd in zichtsveld moet blijven..dat heb je met een retro niet.

      • Dolf Peeters

        2 juli, 2020 at 12:53

        Klopt. Kwam ik van de Action, had er weer een grootvader zijn kleinkind op het zadel van mijn Ural gezet! Wel vertederend…

    • Dolf Peeters

      2 juli, 2020 at 12:54

      Passion rulezzzz!

  2. Maurice

    30 juni, 2020 at 21:36

    Die Kawa W800. Een plaatje!!!
    Op sommige momenten heb ik dat nog, dat mijn hart sneller gaat kloppen van de aanblik van een motorfiets.
    Nu is zo’n moment !!!

  3. niels

    30 juni, 2020 at 19:35

    In de brommerscene vind ik de Mash en soortgelijke beslist niet verkeerd.
    Liever dat een jeugdige daarvoor kiest, als zo’n tupperwarebak op wielen.
    De populairdere klassieke brommers kosten bijna net zoveel, of zelfs meer als een Mash en soortgelijken.
    En dan snap ik de jeugd wel, die het voor woon-werk-school gebruikt.

    • Dolf Peeters

      1 juli, 2020 at 10:15

      Maar nu maakt Mash ook motoren tot 650 cc. En die zijn ook niet fout. Ze zijn nog niet op standaard Japans of Duits niveau. Maar is dat erg?

    • Fred

      2 juli, 2020 at 10:12

      Beleving. Daar gaat het bij mij over. Ik hou van retro motoren maar niet noodzakelijk omdat ze er retro uit zien. Als mijn Ducati 900SS (’97) er uit had gezien als een Panigale had ik ‘em ook gekocht hoor.

      Maar met mijn SS rij ik helemaal zelf (en niet één of ander Bosch-systeem), sleutel ik helemaal zelf (met uitgebreide hulp van de ‘community’ en YT) en betaal ik me niet blauw als ik eens langs de grasmaaier in mijn schuurtje euh… schuur.

      En al koste-ie geen fortuin, als ik ‘em netjes in orde hou krijg ik er later minstens mijn aankoopbedrag voor terug.

      Dus ‘nieuwe’ retro’s; voor mij geen probleem zolang ze me zowel het rij- als sleutelplezier van een echte retro kunnen bieden. Want dat is waarom ik ‘retro’ rij.

  4. Rjab

    30 juni, 2020 at 19:31

    Vraag me af wat je van de nieuwe Huskifarma vindt. Zelf heb ik helemaal niets met motoren die een verlengstuk van mijn smartiphone zijn. Ik zeg altijd: ik zou wel een keer op een snelle Henkie 1000cc motor willen rijden maar nooit willen hebben. Moet ook aan te sleutelen zijn. Mijn 38jr oude GWing heeft wel een hoop tupperware eraan hangen. Maar herbergt geen pakhuis software. Is technisch (elektrisch) best overzichtelijk. Maar voor mij als non auto/motormonteur best uitdagend om aan te sleutelen. Rijden doe je zelf en niet je bug/virus/hack gevoelige software

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *