Motoren

Motoren: De interesse groeit omlaag

By  | 

De interesse groeit omlaag. Dat klinkt wat vreemd. Groeien doe je toch omhoog? Okay: eerst wilden alle klassiekerliefhebbers hun droom motoren van toen. Denk aan de dikke – nou ja, ooit was 650 cc ‘dik’ – Britse twins, de BMW R69S, de grote Harley’s, de Honda CB 750, de Kawasaki 500- en 750 cc driepitters en de  Z900’s…

De prijzen stegen

De prijzen van die motoren gingen in de loop der jaren strak stijgend omhoog. En nu zijn ze, mede vanwege het feit dat de prijzen de laatste paar jaren als apen over elkaars ruggen omhoog klimmen, een soort van onbetaalbaar geworden. Onlangs werd er een werkelijk perfecte BMW R69S verkocht voor € 27.500. En voor de perfecte Honda CB450 Black Bomber zagen we ook al prijzen van vijf cijfers.

Er hangen ook appels aan lagere takken

Met alle interesse gefocussed op de top bleven de ‘mindere’ motoren verregaand in het vergeetboekje. Een 400 cc Kawa driepitter? Die bleef staan. De CB250 en CB 350 twins van Honda? De kleine Guzzi V-twins? Niemand wilde ze hebben. Een kennis kocht een bijna smetteloze Kawa 400 voor een euro per cc. Dat was nog maar drie jaar geleden. Maar ook een BMW R50 of R50/5 kon op hoegenaamd geen interesse rekenen. Totdat… Totdat de toppers dus echt alleen betaalbaar werden voor investeerders. Toen maakt de nood de markt minder kritisch. Of laten we zeggen: toleranter. En dat gaf heel nieuwe inzichten. En zo werd opeens de Honda CB400 F, die in Engeland ooit bejubeld werd als de eerste goed sturende Japanse motorfiets, opeens best een interessant dingetje.

Middelzwaar was zo zwaar nog niet

Want tot aan het midden van de jaren zeventig was een 350- of 500 cc nog een middelzware machine. En in de eighties werd je op een Yamaha RD350 LC nog als een heel serieuze motorrijder gezien. En nu begint de interesse in die ooit genegeerde motorfietsen strak op te lopen. En dat is alleen prijstechnisch een foute ontwikkeling.

Want voor de rest is het in het huidige verkeersbeeld voor een klassiekerliefhebber niet echt nodig om 80+ pk aan boord te hebben. En dan hebben we het nog niet eens over mensen die een moderne motor van 150+ pk kopen om van al dat vermogen te genieten op de stukjes weg waar je af en toe 130 km/u mag rijden.

Snelwegen zijn hoe dan ook het minst interessant voor ons, motorrijders. Maar met de TomTom op de slingerroute instelling en met een klassieker tot 500 cc onder je kont, zo maak je de mooiste kilometers

De nadelen

Je komt er niet onderuit: “Elk foordeel hep se nadeel.” De wat lichtere motorfietsen uit de jaren zestig, zeventig en tachtig zijn ontworpen in een tijd dat volwassen Noord-Europeanen nog tussen de 5-10 cm lager uitvielen dan dat nu het geval is. Zo’n wat minder zware motor kan dus wat klein uitvallen. Ook omdat wij, klassieke motorliefhebbers, intussen al gauw een kilootje of twintig zwaarder zijn dan op ons twintigste. Daar kun je kritiek op krijgen.

Ik heb het zelf meegemaakt toen ik aan kwam rijden op een Honda CB125je. Okay. Dat is wel een erg lichte motorfiets. Maar de opmerking “Kijk, daar heb je Dolf op een gemotoriseerde aambei!,” die zit je dan toch niet echt lekker

Zoiets kan al een goede aankoop zijn

Dolf Peeters, huurwoordenaar, automotive journalist, lid van de Heeren van Arnhem

2 Comments

  1. Dolf Peeters

    13 juli, 2018 at 09:56

    Een Hercules BW 125, een Honda S90, een Zundapp K100. Er gaat een wereld voor je open. Je rijdt langzamer, ziet meer, verstookt bijna geen brandstof en pleegt nooit meer een snelheidsovertreding. Samen met een kameraad naar Zeeuws Vlaanderen geweest. Helemaal over de smalste weggetjes. Dik 350 kilometer in tien uur 🙂

  2. Pascal

    12 juli, 2018 at 18:13

    “Wie het kleine niet eert…”

    Lol kun je ook hebben op een 125cc DKW-tje oid.

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

X
X