Bijzonder

Kever of broodje aap verhaal?

By  | 

Hoe groot is de kans dat de vrouw van ‘Reichskommissar’ Seys Inquart ergens tussen 1940-1945 rond heeft gereden in een Kever uit 1948?

Kever of broodje aap?

Toen Eef Peeters, eigenaar van het Arnhemse Oorlogsmuseum 40-45 in Zeeland tegen de auto van – volgens zeggen en diverse papieren – de vrouw van de voormalige Reichskommissar Arthur Seyss Inquart opliep, dacht hij goud voor zijn museum te hebben gevonden. Het bleek zilver. Of brons. Of volgens sommige kritische geesten de miskoop van de eeuw.

De Kever is er na enig onderzoek niet eentje van tussen 40-45, maar dateerde naar alle waarschijnlijkheid uit grotendeels 1948-1950. Maar details zoals de ‘oorlogslamp’ op het voorscherm, de KDF wieldoppen en de stalen voetenplank voor de passagier, de terreinbanden maken dat de VW er wel ‘echt’ uit ziet. Het kofferrek op het dak lijkt ook origineel. De auto is volgens de documentatie wel van Gertrud Seyss Inquart geweest. Hoe dan ook: de ‘vermilitariseerde’ brilkever moet in elk geval een avontuurlijk leven hebben gehad.

Hij lijkt precies op een hoogst zeldzame Type 82E 4WD of een Kommandeurswagen T 87. Dat waren doorgaans 4WD voertuigen die op het chassis van ‘Kübelwagen’ gebouwd waren in de periode dat Frau Seyss Inquart in dit exemplaar zou hebben moeten gereden. De Typ 82 E was een Keverkoets op het terreinwaardige onderstel van de VW Typ 82, de ‘Kübelwagen’. Alleen had de Typ 82 E geen 4WD. De Typ 87 had wel 4WD. Die T 82  E modellen en T 87’s zijn nu onvindbaar of onbetaalbaar. Oh ja: er zijn ook nog wat T92’s geweest.

Om te beginnen

Het Arnhemse Oorlogsmuseum 1940-1945 heeft dezelfde vertederend indrukwekkende uitstraling als veel kleine oorlogsmusea in België, Frankrijk en Engeland. In een organisch gegroeid voormalig schoolgebouw heeft Eef Peeters zijn droom waar gemaakt. En dat zijn museum niet de top-tech uitstraling met interactieve beeld en geluidseffecten heeft zoals zijn Hoogst Serieuze Nederlandse tegenhangers? Ach, dat kan je ook als pluspunt zien.

Een authentiek historische vondst bij de bakker in het Zeeuwse Burg Haamstede.

In Nederland wemelt het van de verborgen schatten. De auto zou via allerlei omzwervingen in het Zeeuwse zijn terechtgekomen en de eigenaars  zouden geen verstand van en geen interesse en tijd voor oude auto’s hebben gehad. Het idee was om ‘het wagentje’ als aandachttrekker voor de winkel te zetten. Gewoon, tot hij weggeroest zou zijn. Een extra spannend detail: Duitse toeristen zouden in de loop der jaren allerlei oorlogsdingesten in de auto hebben gegooid. Laarzen. Documentatie. Militaria… Maar of hij roots heeft in de tijd dat het verschijnsel nog niet eens ‘Volkswagen’, maar KdF (Kraft durch Freude, de Nazi politieke beweging die vrije tijd in Nazi Duitsland moest structureren) heette?

Maar museumeigenaar Eef Peeters kreeg bij de VW precies te horen wat hij wilde.

Er lagen zelfs ‘oorlogsnummerborden’ met weggevijlde hakenkruizen in de auto. Hoe echt wil je het hebben? De Zeeuwse bakker leek overigens integer. Hij vertelde het verhaal zoals hij het kende. Bij het horen van de voorlopige feiten achter de vondst meldde hij direct dat hij de koop ongedaan wilde maken. Eef Peeters ging niet op dat keurige aanbod in. De auto was immers in elk geval ongeveer van Gertrud Seyss Inquart geweest en de Brilkever heeft aardig wat extra bezoekers op het spoor van het museum 40-45 gebracht. Want ‘de Vondst’ zoemde landelijk door de media. De regionale krant de Gelderlander bracht het nieuws eerst juichend en kamerbreed.

En nam later met nog een artikel en een zuur redactioneeltje afscheid van het verhaal. Het verhaal werd onderbouwd onderuitgehaald. In Engeland zouden ze met de tong in de wang glimlachen: “Never spoil a good story by telling the truth”. Maar die museumeigenaar had wel meer publiciteit gekregen dan dat hij in zijn hele leven aan advertentieruimte had kunnen betalen. Tot in de Telegraaf aan toe. Dus zijn aankoop was toch een topaankoop.

Goed genoeg dus…

Museumeigenaar Peeters vindt zijn vondst in elk geval interessant genoeg om hem weer in een zo volledig mogelijk militaire outfit herboren te laten worden. En dat hij dan niet fabrieksorigineel is? Ach, er rijden ook plenty IMZ en KMZ M72’s rond die als BMW R71 herboren zijn. En in een museale setting is de presentatie en het voorkomen van de tentoongestelde attributen ook zwaarwegend.

Die wedergeboorte wordt trouwens geen makkelijke bevalling. Om te zeggen dat de would be Kommandeurs Wagen ‘patina’ heeft, is ongeveer hetzelfde als voorzichtig mompelen dat diverse wijken in Allepo bouwkundig in mindere staat zijn. Onder de streep is de Kever wel een Brilkever. Dus is hij binnen realistische grenzen de moeite van het weer in orde brengen waard. En als hij er daarbij in een museum bijstaat als een eerbetoon aan één van de grootste kleine exoten uit WOII? Ach, dat is eigenlijk een heel mooi gebaar.

Het verhaal zoals het doorverteld was.

“We hebben altijd wel vermoed dat het van Seyss-Inquart, de Rijkscommissaris van de Nazi’s in bezet Nederland, is geweest”. Aldus spraken ex-eigenaars van deze Kever. Museumeigenaar en huidige Keverbezitter Peeters heeft het aan de hand van diverse kentekens en nummerborden uitgezocht. De Brilkever zou in 1939 in Hannover op kenteken zijn gezet. ”Na de Duitse capitulatie is het Kevertje in de garage van een villa in Den Haag gestald,” zei ex-bezitter Sonnemans. “Die mensen waren pro-Duits. Zulke autootjes waren taboe. Ze werden als het even kon in de fik gestoken.”

“De Kever is later verkocht aan een smid op Tholen, die het heeft opgeknapt en gebruikt als bestelauto.” Via een particulier in Serooskerke kwam de auto eind jaren 60 bij de broers Harry en Mathieu Sonnemans terecht. Daar heeft hij blijkbaar jarenlang als aandachttrekker voor de winkel gestaan.

Maar de vorige eigenaars waren volgens eigen zeggen nooit zo handig op de computer en bovendien hadden ze het veel te druk met zoete broodjes bakken… Bij de verdere speurtocht van Peeters waren er meer hindernissen. “Je moet dan ook de fabriek in Wolfsburg bellen en daar zitten ze echt niet te wachten op vragen over hun oorlogsverleden.” En nu staat hij in Arnhem.

Een bezoek aan het museum 40-45 is trouwens hoe dan ook een aanrader. Het is niet te grootschalig (door ruimtegebrek) vriendelijk en overzichtelijk. En er staan prettig wat gemotoriseerde militaire voertuigen van beide strijdende partijen. En zeg nu zelf: een NSU Kettenkrad? Is dat een zeldzaam ding of niet?

Een voorzichtige conclusie

Er zijn naar onze informatie maar 667 type 92 en 699 Kommandeurwagen gebouwd tussen oktober 1942 to 1944. De kans dat er eentje daarvan jarenlang binnen de luchtgekoelde VW club heeft geleefd en daarna misschien nog wel langer tussen de Duitse toeristen in Zeeland heeft gestaan lijkt ongeveer even groot als de kans dat Paul de Leeuw een woest gepassioneerde relatie met koningin Maxima krijgt. Maar mocht museumeigenaar Peeters bij nader onderzoek alle criticasters nog aanwijzingen vinden dat zijn vondst geen ‘constructed car’ maar een ‘Ecchie’ is, dan kan hij de vloeren van zijn museum met marmer beleggen en de hele dag champagne drinken. In de tussentijd is een bezoek aan zijn museum absoluut een aanrader.

Kever

 

 

Dolf Peeters, automotive journalist, tekstschrijver, vertaler, lid van de Heeren van Arnhem

    4 Comments

    1. Rob Wesselink

      4 juni, 2019 at 13:52

      In 2011 waren mijn vrouw en ik in Burgh Haamstede. Toen we van het vakantiepark naar het dorp liepen kwamen we langs een weiland waar dit kevertje stond. Samen met nog wat meer curiosa. AMK heeft er in 2017 nog aandacht aan besteed. Mijn foto’s zijn destijds nog in het blad geplaatst. De bakkerij van de broers Sonnemans is sowieso het bekijken al waard. Destijds stonden er nog andere oude VW’s zoals een T1 en een tot schwimmwagen verbouwde 181. Of dat nu nog zo is weet ik niet want de VW verzamelende broer is geëmigreerd naar de Dominicaanse Republiek.

      • Dolf Peeters

        6 juni, 2019 at 22:40

        De zo goed als echte kever heeft iig voor aardig wat extra bezoekers aan het museum gezorgd. En het is een lief museum. Dus extra aandacht is altijd goed!

    2. Peter

      3 juni, 2019 at 10:18

      Ik ben Zeeuw en wist dat wagentje wel te staan. Sterke verhalen kunnen hier in de provincie een hardnekkig leven leiden. ‘Ei je ‘ut ah gehore?’ ‘Jaet, tis toch wat eeh’.

    Leave a Reply

    Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

    X
    X