Historie

Opel Kadett GT/E. Zeldzame en gepeperde coupé

By  | 

In 1973 introduceert Opel de C-generatie van de populaire en succesvolle Kadett. De B-modelgeneratie mag met pensioen, Opels klassieke uitgangspunt om een nieuw model direct met diverse carrosserievarianten te lanceren wordt echter onverdroten voorgezet. Opel houdt bij de C-Kadett eveneens de achterwielaandrijving in stand. Eén van de modellen van de 1973 Kadett is de coupé. Die krijgt twee jaar later zijn gepeperde top uitvoering: de GT/E.

In september 1975 toont Opel in Frankfurt de GT/E, die onder meer voor rallydoeleinden is ontwikkeld. Aangezien de ook in rally’s ingezette Ascona A dat jaar uit productie gaat, is Opel genoodzaakt om aan een sportieve opvolger voor het rallycircuit te werken. Tevens is het een troef voor de markt voor kleinere snelle gezinswagens, waarbinnen Ford bijvoorbeeld met gepeperde Escortversies opereert. Op diezelfde IAA toont Volkswagen de Golf GTI. Het is duidelijk: er is in die jaren een behoefte aan krachtige modellen in de compacte middenklasse.

Sportieve extra’s

De Opel Kadett GT/E krijgt in de basis de onderstel techniek van de Kadett C. Aan de voorzijde betekent dat onafhankelijke voorwielophanging met een dubbele dwars geleiding met schroefveren. Aan de achterzijde is er de constructie met de panhardstang en een starre as. Opel breidt die basis bij de Opel Kadett GT/E uit met een keur aan onderscheidende (sportieve) zaken. De auto krijgt massieve stabilisatorstangen, Bilstein gasdrukschokdempers, een zwart sportinterieur met onder meer een drie spaaks stuurwiel, een toerenteller en andere meters. De 5.5″ sportvelgen maken de Opel Kadett GT/E, die op verzoek van de koper ook in een andere kleurstelling dan de geel/zwarte kan worden geleverd, af. Een close ratio 5 versnellingsbak en een sper differentieel zijn tegen meerprijs leverbaar op de performance Kadett. Die vertoont door die achterwielaandrijving karakteristiek in combinatie met het vermogen een uitdagend rafelrandje.

Geen half werk

Opel maakt ook motorisch geen half werk van de Opel Kadett GT/E. Hij krijgt een 1.9 motor (Camshaft In Head) uit de Manta GT/E, en die is goed voor 105 DIN-PK, genereert een top van 185 kilometer per uur en zorgt voor een 0-100 acceleratie van 9.8 seconden. Om het geweld te beteugelen monteert Opel grotere schijfremmen voor en ook grotere trommelremmen achter. De brandstofvoorziening wordt op peil gehouden dankzij BOSCH L-Jetronic. De Kadett GT/E wordt tevens ingezet als homologatiemodel voor rallygroep 1. Eind 1975 voldoet de GT/E aan de ondergrens van 5.000 geproduceerde wagens. Het legt Opel in competitieverband geen windeieren.


Verdienstelijke prestaties in Rally Championship

Het Opel Euro Händlerteam presteert met de Kadett GT/E namelijk verdienstelijk in mondiale rallykampioenschappen (Groep 1) van de daaropvolgende jaren, met een derde plek in 1977 als hoogtepunt. De Kadett GT/E is daarin een belangrijke factor. De meest bekende coureurs zijn Walter Röhrl, Anders Kulläng, Bror Danielsson en Manuel Queirós Pereira. De laatste drie halen in enkele wedstrijden met de GT/E het erepodium, terwijl Röhrl internationaal in die jaren steeds nadrukkelijker aan de deur klopt. Zo won hij in 1975 met de Ascona al de Rally van Griekenland.

GT/E 2, meer dan de geplande 1000 stuks

In september 1977 komt de opvolger van de eerste GT/E in beeld. Opnieuw is Frankfurt de plaats waar een nieuwe sportieve Kadett aan het publiek wordt getoond. Hoewel de eerste GT/E 8.660 keer is verkocht (tussen 1975 en 1977) plant Opel in eerste instantie slechts een serie van 1000 stuks van de tweede GT/E en dat is opnieuw vanwege homologatiedoeleinden. De GT/E verschilt optisch van de eerste, onder meer door het front met gewijzigde spatborden, grotere koplampen en geïntegreerde richtingaanwijzers. Verder wordt een geel-witte kleurstelling toegepast op serie 2.

Technische verbeteringen, close ratio 5 bak standaard

Opel voorziet de Kadett GT/E nu standaard van de ZF close ratio bak met vijf versnellingen en een 40% sper differentieel. De grootste wijziging bevindt zich onder de kap: de High Performance 2.0E CIH motor vervangt de 1897 cc motor uit de eerste serie. De GT/E motor met Bosch L-Jetronic levert nu 115 PK bij 5600 toeren per minuut. De topsnelheid is 190 kilometer per uur. Daarnaast snelt de gemodificeerde GT/E snelt binnen 8.5 seconden van 0 naar 100. De eerste 1000 geproduceerde exemplaren (de 1000 serie) krijgen bovendien speciale gesmede lichtmetalen wielen in de maat 6J x 13 en 175/70 HR 13 banden. Uiteindelijk worden er 2.234 GT/E exemplaren van de tweede serie verkocht. Vandaag de dag zijn vooral de exemplaren uit de 1000 serie zéér gezocht. Sowieso is het vandaag de dag een uitdaging om een originele GT/E te vinden, ongeacht serie.

Rallye

In september 1977 keert een oude naam terug in het Kadett leveringsgamma, en die is min of meer gerelateerd aan de GT/E, ook uitrustingstechnisch. Het is de Rallye, en die wordt in een gele kleurstelling met zwarte accenten gepromoot. Hij is leverbaar in combinatie met de 1.6S carburatie motor of met de “2.0E” -motor met brandstofinjectie. Dit is de ten opzichte van de 2.0 EH uit de GT/E iets tammere versie. De vermogens van de 1.6 en de 2.0 zijn respectievelijk 75 en 110 PK (55 en 81 kW). In 1979 wordt de productie van de Rallye, na 8.549 gebouwde exemplaren, beëindigd. Dat jaar is ook het laatste jaar dat de Kadett C wordt gebouwd. Vanaf het najaar maakt hij plaats voor de Kadett D, de eerste Opel met voorwielaandrijving.

Alle afbeeldingen: © GM Company. Tegenwoordig berust het copyright bij Opel Automobile Gmbh

suggestiebanner

Ook leuk om te lezen…

Nu in de winkel

Auto Motor Klassiek van februari ligt nu in de winkel met deze maand een uitgebreid artikel over de Taunus 12M P4 van Fokke Jansma uit Wijnjewoude. Een opmerkelijk goed geconserveerde klassieker, die een bijzondere ontwerpgeschiedenis heeft. We mochten ook rijden in een tot in het kleinste detail perfecte Triumph 2000 Roadster. Hoe dat aanvoelt? U leest het in het februarinummer. Mocht u ooit van plan zijn een Opel Senator aan te schaffen, dan is het goed dat u dit nummer in huis heeft, want Aart van der Haagen doet uitgebreid uit de doeken, waar u dan rekening mee moet houden. Het een en ander aan aankooptips vindt u ook bij het artikel over de Citroën Dyane. Een auto die we troffen met zijn eigenaar op een terras tijdens een werkoverleg.

En verder:

De restauratie van een Nimbus Model C en een Norton M50. Waarom er zo weinig Opels over zijn? Dat leest u ook in dit nummer. De liefhebberij van een in Spanje wonende Nederlander, die ook geldt als dé specialist voor de Fiat 130. En ook in dit nummer; bijna dertig pagina’s korte berichten, verslagen, praktische tips, columns en korte typebeschrijvingen. Bovendien natuurlijk ook meer dan veertig pagina’s met klassiekers te koop, die soms online niet verder aangeboden worden.
ABONNEER NU EN MIS HET VOLGENDE NUMMER NIET MEER

1 Comment

  1. Jaak Eijkelenberg

    15 oktober, 2019 at 14:18

    Heb altijd gebaald van dat scheve stuur in deze auto’s.

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *