Sluitingsdatum nummer 11 -> 22 september
De BMW 02 serie bestaat zestig jaar. Deel 1: de eerste jaren
De BMW -02 serie bestaat in 2026 zestig jaar. In maart 1966 zat de Beierse fabrikant al een tijdje in de lift, en presenteerde men in München en in Genève de 1600-2. Dat was de voorbode van een nieuw succes voor BMW. We beschrijven in twee delen de geschiedenis van het model, dat bijzondere uitvoeringen voortbracht. Vandaag leest u deel 1, en daarin behandelen wij het -02 tijdperk tot de jaren zeventig.
Halverwege de jaren zestig werkte BMW aan een auto die een belangrijke rol zou gaan spelen in de geschiedenis van het merk. Onder de ontwikkelingscode EA114 ontstond een compacte sedan, die aanvankelijk als vierzitter met viercilindermotoren van 1,2 tot 1,5 liter was gedacht. Tijdens een vergadering van de raad van commissarissen op 21 november 1963 werd besloten dat de nieuwe BMW tijdens de IAA van 1965 zijn debuut moest maken. Al snel veranderden de plannen. Op 9 april 1964 besloot de BMW-directie dat de EA114 uitsluitend als tweedeurs zou worden gebouwd. Daarmee was de basis gelegd voor de latere 02-serie.
Maart 1966 introductie
In januari 1966 verschenen de eerste persberichten over de nieuwe BMW 1600-2. De toevoeging ‘-2’ verwees naar de tweedeurs carrosserie, vooral om het model te onderscheiden van de vierdeurs BMW 1600 uit de Neue Klasse. De voorserieproductie startte tijdens dezelfde maand. Op 7 maart 1966 presenteerde BMW de auto ter gelegenheid van het vijftigjarig bestaan van de onderneming in de Bayerische Staatsoper in München. Drie dagen later volgde de internationale première tijdens de Salon van Genève.
Technische moderniteiten, uitstekende propositie
De 1600-2 was compact, licht en technisch modern. De viercilinder in lijn M10-motor had een bovenliggende en door een ketting aangedreven nokkenas, een cilinderinhoud van 1.573 cc en leverde 85 pk. De cilinderkop was opgetrokken uit aluminium. Juist de combinatie van een relatief laag gewicht, achterwielaandrijving, de cosmetische aspecten en de sterke viercilinder in lijn motor maakte de nieuwe BMW onderscheidend en aantrekkelijk. Het onderstel bestond uit onafhankelijke wielophanging, draagarmen met MacPherson-veerpoten aan de voorzijde, schuingeplaatste draagarmen met schroefveren aan de achterzijde en telescopische schokdempers rondom. Een stabilisator (voor) was optioneel. De belangstelling was groot: al in het eerste productiejaar vonden 13.244 exemplaren een eigenaar. Ook in de autosport werd het nieuwe model interessant gevonden. Motor ingenieur Ludwig Apfelbeck ontwikkelde vanuit de 1.573 cc krachtbron een zestienkleppen versie, met het doel om deze toe te passen in de Formule 2.
Komst van 1600-2 Ti én Cabriolet
BMW boekte met het nieuwe model dus snel succes, en deze wetenschap noopte de Beierse autoproducent om het programma snel uit te breiden. In augustus 1967 verscheen de 1600-2 ti. Deze uitvoering had eveneens de 1.573 cc M10 motor aan boord, mét twee dubbele carburateurs. Het vermogen steeg daardoor tot 105 pk. Tegelijkertijd werd de elektrische installatie gemoderniseerd: een 12-voltinstallatie met wisselstroomdynamo behoorde voortaan tot de standaarduitrusting. Tijdens het najaar van 1967 presenteerde Baur bovendien een cabrioletversie van de 1600-2. Nog belangrijker was de introductie van de BMW 2002 in november. De nieuwe topversie kreeg een tweeliter viercilinder benzinemotor die 100 pk leverde en standaard was uitgerust met een rembekrachtiger.
1600 GT, vreemde eend in familiebijt
De tweede helft van de jaren zestig bracht nog meer varianten. Nadat BMW in 1966 Hans Glas GmbH in Dingolfing had overgenomen, werd de door Pietro Frua ontworpen Glas 1300/1700 GT technisch aangepast en als BMW 1600 GT geproduceerd. De auto was in die zin geen -02 uitvoering, maar hij nam de achterasconstructie én de motor van de 1600-2 ti wek over, en kreeg onder meer een BMW grille. Deze sportcoupé bleef tot 1968 in productie. Ondertussen bleef de 1600-2 zeer succesvol: in 1967 werden maar liefst 38.572 exemplaren geregistreerd.
Komst 2002
Begin 1968 startte de serieproductie van de 1600-2 Cabriolet. In februari kwam de BMW 2002 (E10) daadwerkelijk op de markt en in september volgde de 2002 ti. Die kreeg een tweeliter motor met twee dubbele carburateurs en was goed voor 120 pk. Bovendien was deze uitvoering de opvolger van de 1600-2 ti. De belangstelling voor de 2002 was onmiddellijk groot; alleen al in het eerste productiejaar werden ongeveer 29.000 exemplaren verkocht. Ook op sportief gebied kreeg de auto snel bekendheid. De 2002 verscheen op circuits en zou korte tijd later ook in de rallysport worden ingezet.
Modificaties tijdens slot jaren zestig
Voor modeljaar 1969 werd de 2002 leverbaar met een automatische transmissie van ZF. Tegelijkertijd kregen alle modellen uit de 02-serie een aantal technische verbeteringen. Een rembekrachtiger, een gescheiden remcircuit en een waarschuwingsknipperlicht werden voortaan standaard. De 2002 kreeg bovendien verbeterde homokinetische aandrijfkoppelingen, die de aandrijflijn betrouwbaarder maakten. In september volgde een vergelijkbare verbetering voor de 1600-2. De jaren zestig eindigden voor BMW met de wetenschap, dat men een uiterst succesvol model had geïntroduceerd, waarmee men in deze klasse ook klaar was voor de eerste helft van de jaren zeventig.
Vrijdag: deel 2



mijn vader had een 1602 met dubbele webers, reed geweldig, maar het verbruik laag hoog, mijn vader wilde de standaard carburateur er op hebben dus webers verkocht en vaders tevreden en ik verdrietig!
Best wel oost-Europees gelijnd autootje. Leuk nu het oud is maar destijds een van de 12 in een dozijn.
Zo te lezen ben jij van de jongere generatie, die nooit in een 02 versie heeft gereden. Met de 02 versies liet BMW zijn tijdgenoten ver achter zich. Het was een ongekend succes. Compact, licht, nieuwste techniek en fantastische wegligging. Later kwamen nog de 2002 tui met Kugelfischer injectie en de 2002 turbo met 170 pk. Dat was de M3 van die tijd. Ik had een 2002, maar niemand kon dat ding bijhouden destijds. De Ford Capri zescilinder van mijn kameraad verdween gewoon in de spiegels. Dus graag een beetje meer respect voor dit fenomeen uit de jaren 70.
Ik blijf het maar zeggen; klassieke Bmw’s, toonaangevend, moderne, bumperklevende gefrustreerden@geheel Europe waar ik rijdt, helaas, indien er 1tje “normaal” rijdt, zeer opvallend, en gauw inlijsten😃
Rob Slotemaker testte in 1975 voor Autovisie de hagelnieuwe E21 3-serie. Hij had een aparte column naast de test van Nico de Jong. Slotemaker had geen goed woord over voor het weggedrag van de opvolger van de geniale 02-familie.
De reactie van Slotemaker over de nieuwe 3-serie kan ik me nog goed herinneren.
Als jochie van 12 stond ik dagelijks min of meer te kwijlen bij een oranje 2002 tii Touring uit Duitsland, geparkeerd in de Julianastraat in Egmond aan zee. Voor mij nog altijd de mooiste uitvoering.
Als ik het goed heb is het onderblok van deze BMW’s ook nog vrij lang in de Formule 1 gebruikt.
De meest nauwkeurige blokken werden van de band gehaald en verder bewerkt voor de autosport.