Artikelen

De 1979-1980 Chevrolet Caprice Classic

By  | 

1976 was bij GM het laatste jaar van de full sized Amerikanen. En die groei naar onderen heeft voorlopig zijn dramatische dieptepunt gevonden in het omlabelen van de Zuid Koreaanse Daewoo naar Chevrolet in 2005. Daarmee kwam een eind aan de reclameslogan ‘u bent toe aan een Daewoo’ en besliste GM om van Chevrolet een wereldmerk te maken. Toch eens uitpluizen hoe dat is afgelopen.


We publiceren deze artikeltjes gratis, en willen dat natuurlijk ook blijven doen. Maar u begrijpt dat dat voor ons niet gratis is. Ondersteunt u dit initiatief en waardeert u het? Overweeg dan eens een abonnement op Auto Motor Klassiek. U helpt ons dan niet alleen de gratis initiatieven betaalbaar te houden, maar ontvangt als bonus ook nog eens elke keer een AMK in de bus. En u betaalt nog maar € 3,30 per nummer in plaats van € 4,99. Elke maand goed voor uren leesplezier.

Terug naar 1979-1980: De Chevrolet Caprice Classic

In de States deed men uit zuinigheid&milieu  indertijd aan ‘vlootverbruik’. Het soort van gemiddelde brandstofverbruik over een hele merklijn heen. Dus de heel dikke V8’s bleven gewoon bestaan. En de loom luie zes in lijns ook. Kanttekening: Waar de Japanners en andere meer vooruitstrevende volken hun motoren effectiever en zuiniger maakten door in te spelen op de toen meest actuele technieken, daar deden de Amerikanen niet veel anders dan hun grote motoren ‘knijpen’ waardoor ze wel wat zuiniger en schoner werden maar enorm veel vermogen verloren.

In de USA was de Impala/Capricelijn GM’s onbetwiste verkooptopper

Zo omstreeks het eind van de jaren zeventig van de vorige eeuw werden er jaarlijks zo’n 6.000.000 Caprices en Impala’s verkocht. In 1979 was zo’n yanktank zo’n dertig centimeter korter dan zijn full sized voorganger. En het feit dat hij driehonderd kilo lichter was geworden? Ach: hij woog nog steeds bijna 1.800 kilo. Maar de auto werd per jaar lichter en het aanbod aan motoren groeide ook nog omlaag.

De Impala’s, de basisversie, werden geleverd met de brave, conventionele 4,1 liter zescilinder lijnmotor. In de luxere segment – of tegen meerprijs – waren de auto’s ook leverbaar met Chevrolets legendarische 5,7 liter ‘small block’ V8 motoren. Maar de V8 had in de strijd met het milieu zijn ballen wel verloren. Want de opgegeven ongeveer 160 pk uit 5,7 liter? Dat is niet hemelschokkend. Het koppel was nog wel indrukwekkend. Op een constante draf liep de V8 daarbij zo’n 1 op 6. Natuurlijk hielp het voor het verbruik mee dat de auto airco, een dubbel gespierde stuurbekrachtiging en een knoeperd van een dynamo had. Die 1 op 6 was ook zo’n beetje de waarde die als gemiddeld verbruik gescoord werd.

In de Chevrolet was het ruim, comfortabel en uiterst stil

Maar wel uiterst Amerikaans. Zo’n Chevrolet Impala of Chevrolet Caprice was dan ook bedoeld als een heel brave burgermans en/of familie auto. Een soort USA XXL versie van de Opel Rekord. Als het op wegligging, bochtengedrag en remmen aankwam, dan moest je er niet teveel van verwachten. Ook qua uitrusting was – zelfs zo’n luxere Chevrolet Caprice – wat Opel achtig. Om hem wat feestelijker te maken moest er aardig geshopt worden in de optielijst: cruise control, getint glas, een interval op de ruitenwissers, een van binnenuit verstelbare buitenspiegel, een digitale klok, zelfs een sperdifferentieel, goed zittende stoelen voor op de eerste rij…

Er zijn dus veel van deze Chevrolets verkocht

Heel veel. En veel van de overlevenden – en de dingen waren taai – rijden intussen matzwart gerold of heavy gepimpt en vol blingbling rond als Amerikaan voor de jongere, wat stoerachtige, of in elk geval macho liefhebbers. Ondanks het feit dat onze Maria Pels ze ook kan waarderen. Zo’n ‘gebruiks Chevy’ kost weinig. Maar hun conditie is vaak nogal beroerd. Deze Chevrolets kunnen stevig roesten en zijn in dit segment vaak sub modaal onderhouden.

De mooie exemplaren?

Die zijn tekenend voor hun tijd. Maar in het huidige tijdsbeeld gaat de noemer ‘grote Amerikaanse auto’ niet meer op. Het huidige automobiele bestand is zo gezwollen dat een Chevrolet Impala of Chevrolet Caprice eerder rank dan groot is. En als het op bullig karakter aankomt dan is het budgettechnisch enorm slim om voor een zescilinder te gaan. En wie had dat ooit kunnen denken.

suggestiebanner

Ook leuk om te lezen…


Nu in de winkel

Auto Motor Klassiek van mei ligt nu in de winkel. We hebben ons best gedaan om er weer een leuk nummer van te maken, dat u als klassiekerliefhebber ongetwijfeld uren leesplezier op kan leveren. Misschien wel een van de meest in het oog springende creaties is de custom Volvo 240. Toen eigenaar Gerjo Laarman de auto kocht was hij al niet origineel en voorzien van een meer potente krachtbron. Er werden nog heel wat uurtjes aan besteed, onder andere aan de restauratie, voordat dit het resultaat was. Ook de Norton Manx is het vermelden waard. Sowieso een geweldige motorfiets, maar helemaal op en top gerestaureerd. Daarover leest u meer in deze editie. Natuurlijk worden alle auto- en motorverhalen weer voorafgegaan aan tientallen pagina's met korte berichten, vanaf praktische tips tot en met historie, klassiekers die we onderweg tegenkwamen en diverse columns waar het hebben van een klassieker, het sleutelen aan een klassieker en zelfs het hobbymatig handelen van klassiekers centraal staat. Bovendien natuurlijk ook meer dan veertig pagina’s met klassiekers te koop, die soms online niet verder aangeboden worden. Het perfecte leesvoer voor deze lastige tijden. Haal hem daarom snel in huis en neem alvast een abonnement, zodat u de volgende editie niet mist.

En verder:

  • Opel Rekord
  • Suzuki Cappuccino
  • restauratieverslag van een VW T3 Pritschenwagen
  • Moto Guzzi V7 Special uit 1971
  • Ford Cortina
  • Claveau
  • Over bouten en moeren...
Meer over wat er in deze editie allemaal staat ziet u op onze pagina deze maand.

Dolf Peeters, automotive journalist, tekstschrijver, vertaler, lid van de Heeren van Arnhem

8 Comments

  1. Tommy

    29 februari, 2020 at 21:23

    Heb ook zo’n Caprice gehad als klassieker. De Coupe, in fraai zwart, met het zandkleurige velours en de optionele 350 V8. Natuurlijk met de voorbank, die beter zat dan willekeurig welke Europeaan.

    Heb zelfs het genoegen mogen smaken van een lange reis naar de zon met deze heerlijke reiswagen. Gewoon met 130 over de autoroute, even een stukje om via Parijs, om die heerlijke roffel ook te delen met de Franse stedelingen. En natuurlijk met de Comfortron (analoge climatecontrol) vol aan om de temperatuur bescheiden te houden.

    En dat lage vermogen? Dat was alleen in de showroom, vrijwel iedereen liet deze wagens destijds gelijk tunen naar het vermogen wat je zou verwachten van zo’n imposante V8.

  2. Peter van Burik

    27 oktober, 2018 at 09:10

    Dat rode interieur vind ik zo mooi! In 1979 kocht mijn vader een Landau Coupe van1 jaar oud.
    Altijd bewaard gebleven bij ons, dus die staat er al 39 jaar. Nu 50.000 miles.

  3. Jeroen

    26 oktober, 2018 at 11:15

    Hallo Dolf, Leuk stuk over een fantastisch model dat rijdt als een Rolls. Veel Impala’s en Caprice-en hebben trouwens een 5 liter V8 waarvan iedereen dan vaak aanneemt dat het de, optionele, 5.7 is. Je ziet geen verschil. Na meerdere andere Caprice-en en een Impala heb ik nu alweer 14 jaar een Caprice Classic sedan van ’77 met een 5.7 (350 ci) en ‘alles’ electrisch. En op benzine. Zonder emissie systemen, met een gezonde carburateur en een modernere nokkenas rijdt hij zonder problemen 1 op 9!

  4. Dolf Peeters

    26 oktober, 2018 at 10:49

    Bedankt voor complimenten & aanvullingen. En een prettig weekend straks!
    Met vriendelijke groet,

    Dolf

  5. Ed van der Meulen

    26 oktober, 2018 at 10:02

    Weer een leuk artikel Dolf !
    Heb zelf een ’79-er Caprice Wagon 5.7 op stal staan. Vanwege onze roverheid met hun zwalkende klassierbeleid al een aantal jaren geschorst. Op gas van € 0.00 wb naar € 528,00 wb per kwartaal. Dat vond ik iets te gortig voor een hobby auto. Maar volgend jaar word ie 40 en gaan we eens verder kijken

    Mvg. Ed vd Meulen

  6. Jan Gerritsen

    26 oktober, 2018 at 08:14

    Leuk artikel Dolf over de Caprice. Ik heb zelf een Caprice Wagon Estate uit 77 in zeer goede staat. ( 5,7 small block). Een heerlijke auto waar alle 7 kleinkinderen met gemak in meerijden. Echt wel een andere sensatie dan de Opel record of Taunus 17m waar in ik vroeger mee mocht.

  7. Jan Gerritsen

    26 oktober, 2018 at 08:13

    Leuk artikel Dolf over de Caprice. Ik heb zelf een Caprice Wagon Estate uit 77 in zeer goede staat. ( 5,7 small block). Een heerlijke auto waar alle 7 kleinkinderen met gemak in meerijden. Echt wel een andere sensatie dan de Opel record of Taunus 17m waar in ik vroeger mee mocht.

  8. Christopher Peycke

    25 oktober, 2018 at 17:46

    Dolf, de genoemde productieaantallen zijn wat optimitistisch maar 2 miljoen Chevy´s, Pontiacs, Oldsmobile en Buick per jaar wat realistischer. Het waren degelijke auto´s als je de ronduit slordige afwerking en de slechte bescherming tegen de rostduivel voorlief kon nemen. Met de jaren werden ze steeds beter om de op de VS-markt belangrijke “fleet sales” op peil te houden. Nu zijn het leuke en relatief probleemloze klassiekers mits goed onderhouden. Devies: De emissiesystemen van toen eruit (zeer storingsgevoelig) een viertrapscarburateur erop en gaan met niet al teveel extra vermogen. Dan blijven ze eeuwig rijden

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *