Artikelen

Norton: bijna failliet en Podevijns erfenis

By  | 

Dat was vroeger het toppunt van meligheid: “Ken je die bak van die twee kerels die naar Parijs (Rome, New York, Brummen of Drempt, vul maar in) gingen? Nee? Ze gingen niet!” Vrij naar dat soort daverend gevoel voor humor gaan we door naar: “Heb je dat gehoord over de laatste doorstart van Norton? Hij ging niet door.” Er werd zelfs al een vergelijk gemaakt tussen Norton en katten. Katten hebben negen levens. Dat is voor Norton allang een gepasseerd station.

Een lange historie

Norton Motorcycles, met een geschiedenis van 122 jaar, heeft in al die jaren hele rijen eigenaars gekend. In 2015 nam Stuart Garner Norton Motorcycles over, met de belofte het bedrijf te laten gloriëren als nooit tevoren. De nieuwe Nortons waren de mooiste eerbetonen aan de geschiedenis. Mensen bestelden en betaalden ze uit blinde passie. En kregen… Niets of veel te laat.

 

Dood door schuld. Belastingschuld

Nu is het gerucht dat de zaak weer gaat klappen omdat de Britse belastingdienstafdeling  ‘Her Majesty’s Revenue and Customs’ het bedrijf heeft aangeslagen voor een bedrag dat ze bij Honda elke dag voor twaalven aan plastic koffie roerstaafjes uitgeven. Doe dus zoals de voormalige Vlaamse Norton importeur Podevijn (voor de Walen: Podevin, in Engeland Podevyn). Die kocht Nortons en liet de indertijd onverkoopbare Commando’s in hun kratten staan sluimeren. Niemand wilde immers meer een Norton? Er waren immers CB750 en Z900’s. Die hadden meer cilinders en meer vermogen. En, voor motorrijders niet onbelangrijk, ze bleven heel.

Maar alles gaat voorbij

Zo ook het leven van de meer dan eigenzinnige importeur met de gesuggereerde politiek criminele geruchten had 11 1975’er Commando’s in zijn nalatenschap die in 2010 geveild werden. De 11 nieuwe Norton Commando motorfietsen brachten tussen de 17.000 en 14.000 euro op.


Dat soort motorfietsen is natuurlijk een raar soort motorfietsen

Want voor dat geld heb je ook een heel mooi exemplaar van het soort ‘starten, lopen en genieten’. De ingekratte Nortons kwamen bij een ander soort kopers terecht. Bij investeerders, gokkers en… toch bij liefhebbers. In Brummen staat bij Gallery Aaldering een van de elf Nortons uit de erfenis. De Norton staat daar in een krat zoals Corgi Toys vroeger in hun doosjes zaten. Je kunt zien wat erin zit. Dat fenomeen is gerealiseerd door drie zijden en de top van het krat te vervangen door dik plexiglas. De achterkant is nog met het originele karton bedekt. Het geheel is nadrukkelijk niet te koop. Nick Aaldering straalt: “We vinden hem zelf veel te mooi!” Wel grappig: we kennen meer klassiekerspecialisten die er een undercover privéverzameling op nahouden. Misschien is hun handel gewoon een excuus om zoveel mogelijk met hun hobby bezig te zijn. Er schemert een idee over een nieuwe rubriek. Mensen die dat op willen biechten mogen zich melden.

Een gewone Commando dan maar?

Een goede Norton Commando is een veel aandacht, zorg en liefde vragende, nee: eisende machine. Maar hij beloont zijn baasje daarna met heerlijke stuureigenschappen, beeldschone looks en een goddelijke sound. En de productieslordigheden van toen? Die zullen bij de nu nog levende machines wel weggesleuteld zijn. De Commando’s leefden in de nadagen van het roemruchte merk: Er was geen geld. Het machinepark was versleten en de motivatie binnen de fabriek was omstreeks nul. Een nieuwe Commando die met 5000 km op de tellers heel erg stuk ging? Daar keek niemand van op. Maar het merk had en heeft zo’n charisma dat er hele volksstammen zich hebben bezig gehouden en houden om Commando’s helemaal tot hun recht te laten komen. Misschien is het beter als de machines uit Podevijns nalatenschap gewoon monumentaal blijven. Maar aan een goede Commando heb je nu gewoon een heerlijke klassieker.

En of Norton mogelijk blijft bestaan of voor de zoveelste keer herboren wordt? de toekomst zal het leren.

 

Die heeft pas 19D km gereden. Maar is in elk geval uit de kast HERSTEL: de krat gekomen

                                                                             En dat wordt dus later ook een klassieker. Want wat is hij mooi!

 

suggestiebanner

Ook leuk om te lezen…

Nu in de winkel

Auto Motor Klassiek van februari ligt nu in de winkel met deze maand een uitgebreid artikel over de Taunus 12M P4 van Fokke Jansma uit Wijnjewoude. Een opmerkelijk goed geconserveerde klassieker, die een bijzondere ontwerpgeschiedenis heeft. We mochten ook rijden in een tot in het kleinste detail perfecte Triumph 2000 Roadster. Hoe dat aanvoelt? U leest het in het februarinummer. Mocht u ooit van plan zijn een Opel Senator aan te schaffen, dan is het goed dat u dit nummer in huis heeft, want Aart van der Haagen doet uitgebreid uit de doeken, waar u dan rekening mee moet houden. Het een en ander aan aankooptips vindt u ook bij het artikel over de Citroën Dyane. Een auto die we troffen met zijn eigenaar op een terras tijdens een werkoverleg.

En verder:

De restauratie van een Nimbus Model C en een Norton M50. Waarom er zo weinig Opels over zijn? Dat leest u ook in dit nummer. De liefhebberij van een in Spanje wonende Nederlander, die ook geldt als dé specialist voor de Fiat 130. En ook in dit nummer; bijna dertig pagina’s korte berichten, verslagen, praktische tips, columns en korte typebeschrijvingen. Bovendien natuurlijk ook meer dan veertig pagina’s met klassiekers te koop, die soms online niet verder aangeboden worden.
ABONNEER NU EN MIS HET VOLGENDE NUMMER NIET MEER

Dolf Peeters

Dolf Peeters, automotive journalist, tekstschrijver, vertaler, lid van de Heeren van Arnhem

1 Comment

  1. Mario

    7 februari, 2020 at 22:55

    Leuk geschreven, en een moderne 200 pk Appie RSV 4 gaat ook zomaar stuk binnen 10.000 km 😉

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *