Praktijk en techniek

Gelaagd glas

By  | 
Gelaagd glas spat niet uit elkaar

Gelaagd glas spat niet uit elkaar

Terwijl in de Verenigde Staten alle auto’s al decennia geleden met een gelaagde voorruit (laminated windscreen) werden geleverd, kon in Nederland tot ver in de jaren zeventig nog gekozen worden voor gehard glas. U weet wel, één steentje of andere ongerechtigheid tegen de ruit en floep, het viel uiteen in tienduizenden kleine stukjes glas.

Leuk voor de ogen, leuk voor de stofzuiger en jaren later kon er nog worden nagenoten als de voorruitontwasemer aangezet werd en stukjes glas de cabine in vlogen. Bij gelaagd glas was de ruit weliswaar ook aan vervanging toe, maar door een (fikse) ster of een of meer lelijke barsten, werd het zicht in ieder geval gehandhaafd. Maar sinds wanneer bestaat gelaagd glas eigenlijk? In 1903 was het de Franse chemicus Edouard Benedictus die het bij toeval ontdekte toen een per ongeluk een met cellulose nitraat bedekte glazen fles op de grond kapot viel maar niet uit elkaar spatte. Hij ontwikkelde daarna voor de automobielindustrie een voorruit waar deze zich helemaal in kon vinden, want door de gelaagde voorruit waren er veel minder ongevallen met verkeerde afloop. Kort voor de Tweede Wereldoorlog – alle gasmaskers hadden in de eerste editie van dit meningsverschil al gelaagd glas – gebruikte Ford in het Britse Dagenham jaarlijks circa 56.000 vierkante meter gelaagd glas voor haar auto’s. Dat was het zogenaamde Indestructo glass van de gelijknamige, in Londen gevestigde firma. De British Indestructo Glass Company had Benedictus’ uitvinding zodanig kunnen verfijnen, dat er bij schade zelfs geen splinters ontstonden, kristalhelder was en door inwerking van de zon niet verkleurde. Het hedendaagse gelaagde glas bestaat echter uit een tweetal lagen circa 3 millimeter dik glas met daartussen geplakt een velletje polyvinyl (PVB).

 

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *