Artikelen

Bücker motorfietsen in een meubelzaak

By  | 

 Bücker? Nooit van gehoord!

Bij Duitse motorfietsen denk je aan BMW’s. Maar Duitsland heeft – net als Frankrijk en Engeland – honderden motormerken gekend. Daar zaten heel serieuze bedrijven bij die kwalitatief erg hoogstaande motoren maakten. ‘Robuuste rijwielgedeeltes en de hoogst mogelijke ambachtelijke kwaliteit’. Dat waren de beginselen van Franz Bücker, een man die voor 100% kwaliteit koos.

Begonnen als ingenieur

Zijn loopbaan begon met een gedwongen technische ingenieursopleiding en werd zoals bij zoveel overlevenden van die oorlog erg beïnvloed door de Eerste wereld oorlog. Tijdens wat archiefwerk kwamen we terecht bij wat materiaal over die motorfietsfabrikant Bücker. Voor ons was het een schaduwnaam uit het rijtje ‘Hoffmann, Imperia, Imme, Lohner, Rumi en meer van dat soort motorfietsen waar u vast ook wel eens van hebt gehoord. Maar Bücker was een serieus merk. En er is nu zelfs een Bücker museum. In een meubelzaak.

 

Begonnen in een schuurtje

In 1922 startte hij zijn firma ‘tot fabricage en instant houding van tweewielers’. Het bedrijf begon net als dat Harley-Davidson ooit had gedaan: Het bedrijf was een schuurtje. Bücker monteerde daar Bekamo tweetakt inbouwmotoren in gewone fietsen. En al vanaf dat moment testte hij zijn producten door ze in wedstrijden in te zetten. Aanvankelijk bouwde het kleine bedrijf in eerste instantie lichte motorfietsen in kleine aantallen. De beperking in aantallen was deel van zijn kwaliteitsbewaking. Al in 1924 werden motorfietsen van 100 tot 1000 cc ontworpen, en gebouwd. De snelste en sterkste Bücker-motorfiets was een 1000 cc JAP V twin in volledige race trim met 75 pk en 175 km/u topsnelheid.

Veel wedstrijdsuccessen

De oprichter van het bedrijf nam met succes deel aan motorraces en cross-country ritten en wist talloze overwinningen te behalen. Hij gebruikte naast de Bekamo blokjes motoren van MAG, Columbus, Blackburne, Bark, Sachs, Jap en Ilo. De Bücker-motorfietsen werden verkocht via groothandelaren en directe handelaren in heel Duitsland, maar ook in België, Nederland, Griekenland en Zwitserland werden Bücker-motorfietsen verkocht . Meer en meer wedstrijdrijders kozen voor Bücker motoren in races, baanwedstrijden en betrouwbaarheid ritten. In 1949 was er zelfs een succesvol fabrieksteam bestaande uit F. Bücker, H. Walz, K. Barth en Rauf Kompenhans.


Verhuizing en ondergang

Vanaf 1937 werd een nieuw fabrieksterrein bebouwd in het noorden van Oberursel, op de Weilstrasse in de Duitse deelstaat Hessen, gelegen in het district Hochtaunuskreis. De Bücker motorfietsen werden daar gebouwd in de jaren 1937 tot 1955. Toen de motorhandel instortte probeerde het bedrijf zich nog te redden als Goggomobil dealer . Later werd het een Ford dealers. Via de huwelijkslijn werd het bedrijf een meubelmakerij  en de locatie bleef dezelfde als waar nu die meubelmaker Kunz gevestigd is. En waar nu het Bücker motorfiets museum is ter nagedachtenis aan de vernoemde grootvader.

Een eerbetoon vanuit de familie

In de huidige meubelmakerij van het familiebedrijf is nu dus een fraai overzicht van de Bücker motorfietshistorie te zien. De familie zegt: “Ter herinnering aan onze vorige generaties, vinden we dat dit soort unieke exposities, die ook een deel van de industriële cultuur van Oberursel uitmaken, permanent toegankelijk worden gemaakt voor een publiek. U bent daarom van maandag tot vrijdag welkom welkom”.

De Bücker-motoren die op tentoonstelling worden getoond, werden allemaal gerestaureerd door de heer Heinrich Walz, de vader van mevrouw Ursula Krieger-Kunz. En zo blijft alles in de familie. Mooi toch?

 

suggestiebanner

Ook leuk om te lezen…

Nu in de winkel

Auto Motor Klassiek van februari ligt nu in de winkel met deze maand een uitgebreid artikel over de Taunus 12M P4 van Fokke Jansma uit Wijnjewoude. Een opmerkelijk goed geconserveerde klassieker, die een bijzondere ontwerpgeschiedenis heeft. We mochten ook rijden in een tot in het kleinste detail perfecte Triumph 2000 Roadster. Hoe dat aanvoelt? U leest het in het februarinummer. Mocht u ooit van plan zijn een Opel Senator aan te schaffen, dan is het goed dat u dit nummer in huis heeft, want Aart van der Haagen doet uitgebreid uit de doeken, waar u dan rekening mee moet houden. Het een en ander aan aankooptips vindt u ook bij het artikel over de Citroën Dyane. Een auto die we troffen met zijn eigenaar op een terras tijdens een werkoverleg.

En verder:

De restauratie van een Nimbus Model C en een Norton M50. Waarom er zo weinig Opels over zijn? Dat leest u ook in dit nummer. De liefhebberij van een in Spanje wonende Nederlander, die ook geldt als dé specialist voor de Fiat 130. En ook in dit nummer; bijna dertig pagina’s korte berichten, verslagen, praktische tips, columns en korte typebeschrijvingen. Bovendien natuurlijk ook meer dan veertig pagina’s met klassiekers te koop, die soms online niet verder aangeboden worden.
ABONNEER NU EN MIS HET VOLGENDE NUMMER NIET MEER

Dolf Peeters

Dolf Peeters, automotive journalist, tekstschrijver, vertaler, lid van de Heeren van Arnhem

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *