Artikelen

Walter Röhrl. Levende rallylegende.

By  | 

De gevestigde orde binnen de rally wereld van het begin van de jaren zeventig is verbijsterd. Tijdens de Olympia Rally van 1972- gehouden in het kader van de later zo beladen Olympische Zomerspelen van München- doet een 25 jaar talent van zich spreken. Walter Röhrl rijdt met zijn non-conventionele Kleint Capri R.S. onbevreesd de grote namen naar huis. In de Duitse monsterrally van Kiel naar München is hij zelfs hard op weg naar de eindzege. Motorpech verhindert echter een sensationele overwinning. Maar de naam “Walter Röhrl” is gevestigd.

 

Zijn eerste overwinning boekt hij met de Tsjechische co-piloot Marecek overigens tijdens de rally van Wiesbaden, met de Kleint Capri RS. De sympathieke Duitser kijkt met een warm gevoel op zijn Ford periode terug. “Toen begon alles, en Ford gaf me de kans om definitief een entree te maken in de professionele rallysport.” Röhrl koestert nog altijd warme herinneringen aan zijn Ford tijd, hoewel hij graag een overwinning met de nooit door hem bereden Ford Escort RS 2000 aan zijn palmares had toegevoegd. Toch breekt “Der Lange” met een ander merk internationaal definitief door. Met een Ascona A 1.9 SR wordt hij -in dienst van het Euro Händler Team en samen met navigator Jochen Berger- in 1974 voor het eerst Europees kampioen, nadat hij een jaar eerder met hetzelfde type Opel -in dienst van Irmscher Tuning- een tweede plek binnen het EK behaalt. Eén van de gewonnen races in dat kampioensjaar is de Tulpenrallye. Tot op de dag van vandaag is Röhrl lovend over de kwaliteiten en de constructie van de Ascona A, zo bleek uit het gesprek dat wij op 5 februari in Bremen met hem hadden. Tot en met 1976 blijft Röhrl zijn internationale wedstrijden in Opels rijden. Het laatste jaar rijdt hij zijn wedstrijden in een Opel Kadett GT/E. In 1977 gaat Röhrl samenwerken met Christian Geistdorfer, welke tot het eind van Röhrls’ carrière zijn navigerende metgezel blijft.

Levensdoel bereikt
Vervolgens stapt Röhrl over naar Fiat. Met de 131 Abarth (Röhrl: “bijzonder fijne en onversneden rallyauto”) wint hij -met navigator Christian Geistdorfer- in 1980 zijn eerste wereldtitel. Zijn finest hour beleefdt hij ook tijdens dat seizoen. Het was zijn levensdoel om de rally van Monte Carlo minimaal één keer te winnen. Het lukte hem in het eerste jaar dat hij wereldkampioen wordt. En later wint hij “Monte Carlo” nog drie keer. De vier zeges in de Rally van Monte Carlo behaalt hij in vier verschillende merken. In 1981 rijdt Röhrl een verloren seizoen met Porsche, maar in 1982- wanneer Röhrl terug is gekeerd bij Opel- vervult hij een volgende wens. Met een Duits merk pakt hij zijn tweede wereldtitel op het moment dat Audi met de quattro furore maakt en volstrekt onaantastbaar lijkt. In Ivoorkust valt concurrente Michèle Mouton met de quattro uit. Röhrl wint in Afrika en eist direct de wereldtitel voor zich op, ook al omdat hij tijdens dat seizoen regelmatig beslag legt op diverse podiumplaatsen.

1983: Zes rally’s, toch tweede in het WK
Een jaar later besluit Röhrl het rustiger aan te doen. Hij neemt in 1983 namens “Martini Racing” met Lancia deel aan zes wedstrijden in het wereldkampioenschap. In alle wedstrijden haalt hij het podium. Ook wint hij in 1983 zijn geliefde rally van Monte Carlo. Uiteindelijk wordt Röhrl tweede in het WK klassement, achter Hannu Mikkola. De Fin heeft voor het behalen van de wereldtitel overigens wel twaalf wedstrijden nodig.


Overstap naar Audi quattro
Uiteindelijk belandt Röhrl ook achter het stuur van Audi. Van 1984 tot en met 1987 nam “Der Lange” namens Audi deel aan het WK. In 1985 behaalt hij nog een derde plaats in het overall klassement. In zijn laatste seizoen wordt Röhrl elfde, maar rijdt hij nog wèl twee keer naar een podiumplek. Hij besluit een indrukwekkende carrière, waarin hij eigenlijk het liefst in achterwiel aangedreven auto’s reed. “quattro en voorwielaandrijving namen in de jaren tachtig het technische stokje over. Dann hat sich alles im Rallysport geändert. Maar die duw in de rug en het overstuur van de achterwielaandrijvers pasten mij het best”, zo verklapte Röhrl aan ons. Na zijn loopbaan is Röhrl nog actief in diverse wedstrijden. Het zal niemand verbazen dat de buitengewoon sympathieke Duitser ook in zijn afbouwfase nog vele wedstrijden rijdt. En winnend afsluit.

suggestiebanner

Ook leuk om te lezen…

Nu in de winkel

Auto Motor Klassiek van februari ligt nu in de winkel met deze maand een uitgebreid artikel over de Taunus 12M P4 van Fokke Jansma uit Wijnjewoude. Een opmerkelijk goed geconserveerde klassieker, die een bijzondere ontwerpgeschiedenis heeft. We mochten ook rijden in een tot in het kleinste detail perfecte Triumph 2000 Roadster. Hoe dat aanvoelt? U leest het in het februarinummer. Mocht u ooit van plan zijn een Opel Senator aan te schaffen, dan is het goed dat u dit nummer in huis heeft, want Aart van der Haagen doet uitgebreid uit de doeken, waar u dan rekening mee moet houden. Het een en ander aan aankooptips vindt u ook bij het artikel over de Citroën Dyane. Een auto die we troffen met zijn eigenaar op een terras tijdens een werkoverleg.

En verder:

De restauratie van een Nimbus Model C en een Norton M50. Waarom er zo weinig Opels over zijn? Dat leest u ook in dit nummer. De liefhebberij van een in Spanje wonende Nederlander, die ook geldt als dé specialist voor de Fiat 130. En ook in dit nummer; bijna dertig pagina’s korte berichten, verslagen, praktische tips, columns en korte typebeschrijvingen. Bovendien natuurlijk ook meer dan veertig pagina’s met klassiekers te koop, die soms online niet verder aangeboden worden.
ABONNEER NU EN MIS HET VOLGENDE NUMMER NIET MEER

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *