in

Mercedes-Benz 190 (W201). Een monument wordt veertig

Archivnummer: 82F171
ER Classics Desktop 2022

INa een ontwikkelingsperiodoe van acht jaar presenteerde Mercedes-Benz op 8 december 1982 de nieuwe en tamelijk compacte Mercedes-Benz 190 het levenslicht. De bouwserie 201 werd de nieuwe Baby-Benz. Met dat fenomeen had Daimler-Benz AG al eerder geëxperimenteerd, maar tot serieproductie leidde dat nooit. Tijdens het begin van de jaren tachtig was de tijd echter rijp voor een nieuw, kleiner model van Das Haus. En dat werd de compleet nieuw ontwikkelde Mercedes-Benz 190.


Met de nieuweling bracht Mercedes-Benz een nieuwe designfilosofie ten tonele. De klassieke vormen kregen een aerodynamische touch, en feitelijk was dit ook de eerste Mercedes-Benz waarbij chromen delen grotendeels werden weggelaten. Een kenmerkend detail was ook de grote enkele ruitenwisser, die uiterst effectief werkte. Een huzarenstukje was de nieuwe multi-link achteras, die op de Baby-Benz debuteerde. Dat was een technisch hoogstandje waarbij per achterwiel vijf aparte en aan een subframe bevestigde stangen voor een optimale wielstand zorgden, eenvoudig gesteld. De vooras was eenvoudiger van snit, maar werkte prima samen met de achteras. Zowel aan de voor als aan de achterzijde monteerde Mercedes-Benz een torsiestabilisator.


Uitbreiding fabriek in Sebaldsbrück

Voor de productie van de nieuwe Mercedes-Benz opende Daimler-Benz een nieuwe fabriek in Bremen-Sebaldsbrück, de plaats waar bijvoorbeeld ook het T-Modell van de 123-bouwserie werd gemaakt. De komst van de nieuwe 190 (Baureihe 201) zorgde niet alleen voor nieuwbouw, maar ook voor een geweldige impuls voor de werkgelegenheid.

Nieuwe dieselmotor

De Mercedes-Benz W201 kwam op de markt met viercilinder benzinevarianten. Deze kregen aanvankelijk de tweeliter M102 motoren (met en zonder injectie) in het vooronder. De dieselversie maakte zijn opwachting tijdens het najaar van 1983. Deze kreeg de nieuw ontwikkelde ingekapselde OM601 motor, die beschikbaar werd met een inhoud van twee en 2.2 liter. Tegelijkertijd lanceerde Mercedes-Benz de 190 E 2.3-16, het topmodel van destijds waarover u verderop meer leest. Er volgden in de loop van de jaren tachtig meer versies, zoals de 190 D 2.5 (met vijf-bak en de vijfcilinder OM 602 motor, die goed was voor 90 DIN-pk)), de 190 E 2.3 met 100 kW en de 190 E 2.6 met een zescilinder-in-lijnmotor van 122 kW (M 103). De 190 D 2.5 werd later geleverd in een turboversie met 122 DIN-pk en een standaard viertraps automaat.

Topkwaliteit

De nieuwe Benz was niet goedkoop, maar hij plaveide voor veel automobilisten binnen deze klasse toch de weg naar de Mercedes-Benz dealer. Dat vertrouwen werd ruimschoots beloond, want kwalitatief stond er haast geen maat op de 190, ongeacht of het om een diesel- of een benzineversie ging. De combinatie van de voor Mercedes-Benz begrippen nieuwe rijdynamiek en de oer solide bouw bood voor menigeen dus genoeg soelaas om de handtekening onder het orderformulier voor een nieuwe 190 te zetten. Wie de auto op smaak wilde brengen kon traditiegetrouw uit een enorm aantal opties kiezen. De Mercedes-Benz 190 werd gestaag doorontwikkeld. De benzineversies werden vanaf het midden van de jaren tachtig ook mét katalysator of katalysatorvoorbereiding leverbaar. Verder verscheen de 190 2.6 met de prachtige zescilinder M103 motor.

Sportieve versies, zestienkleppers

Ook op sportief gebied liet Mercedes-Benz de 190 niet onberoerd. Tijdens de IAA in Frankfurt debuteerde de 190 E 2.3-16. Deze uitvoering kreeg de 2.3 M102 motor met vier kleppen per cilinder en een vermogen van 185 DIN-pk. De cilinderkop voor deze motor werd in samenwerking met Cosworth ontwikkeld. Het topmodel vestigde in de raceversie meteen een wereldrecord door gedurende 50.000 kilometer over het circuit van Nardo te knallen met een gemiddelde snelheid van 247,94 km/u. De 2.5-16 (gelanceerd in 1987) loste vanaf 1988 de 2.3-16 definitief af. Deze was in 1983 geïntroduceerd en had net als zijn opvolger een in samenwerking met Cosworth ontwikkelde cilinderkop met vier kleppen per cilinder. De latere 2.5 16V Evo I en II versies (beiden 502 keer gebouwd) waren de meest pittige en dik uitgevoerde viercilinderversies. Opvallend: de Evo’s een andere boring en slag kenden dan de reguliere 2.5 16V versies. De Evo II was daarnaast herkenbaar aan de dikke taartschep op de achtersteven.

DTM succes

De 190 3.2 AMG was de meest pittige en zwaarst gemotoriseerde versie van de W201 reeks. De 190 was ook zichtbaar in de DTM, zacht uitgedrukt. Want Mercedes-Benz won met de DTM versie (gebaseerd op de 2.5-16 Evo) van de 190 liefst zestien van de 24 races in het DTM-seizoen 1992. En legde in de eindrangschikking van dat seizoen beslag op de plekken één, twee en drie.

Meer versies, ook speciale uitvoeringen

Aan de andere kant van het spectrum kwam de voor (onder meer) Nederland fiscaal interessante 190 E 1.8 Plan-Oort versie op de markt. Op dat moment had de 190 de eerste (voorzichtige) facelift al achter de kiezen, en die serie was herkenbaar aan de Sacco-Bretter: brede lijsten die onderaan de flanken werden gemonteerd. Regelmatig verschenen er speciale modellen, zoals de Azzurro, de Rosso en de Avantgarde Verde (een speciale 190 D 2.5). Ook experimenteerde Mercedes-Benz tijdens de jaren 90 met de 190 met elektrische aandrijflijn, terwijl in 1989 ook een prototype van een cabrioletversie werd getoond.

Auto voor het leven

Natuurlijk: er valt veel, heel veel en nog veel meer te vertellen over de eerste middenklasse (of voor Mercedes-begrippen: kleine) Benz, aan wie je de leeftijd van bijna veertig jaar niet afziet. In december is het zover, dan gaat hij zijn vijfde decennium in. Maar hij verdient het om in de spotlights te worden gezet. Want Mercedes-Benz sloeg met deze auto nieuwe, meer dynamische wegen in zonder de kernwaarden van weleer te verliezen. En bouwde een auto, die dankzij diverse versies een breed publiek bereikte. Van economierijder tot prestatiebeul, voor iedere gegadigde was er een W201. En wie daarin investeerde kreeg een onvoorstelbaar goed gebouwde auto voor het leven.

Bijna 1,9 miljoen keer gebouwd

De Mercedes-Benz 190 W201 werd een monument in de autogeschiedenis, dat 1.879.629 keer werd gebouwd. In augustus 1993 werd de 190 opgevolgd door Baureihe 202. En dat was de eerste Benz die als C-Klasse op de markt kwam. De Mercedes-Benz 190 ging dus uit productie, maar verdween nog lang niet uit het straatbeeld. Daarvoor was hij veel te goed gebouwd. En daarom kom je er nog regelmatig eentje tegen.

Mercedes-Benz 190 (W201). Een monument wordt veertig
Mercedes-Benz 190 (W201). Een monument wordt veertig
Mercedes-Benz 190 (W201). Een monument wordt veertig
Mercedes-Benz 190 (W201). Een monument wordt veertig
Mercedes-Benz 190 (W201). Een monument wordt veertig
Mercedes-Benz 190 (W201). Een monument wordt veertig
Mercedes-Benz 190 (W201). Een monument wordt veertig
Mercedes-Benz 190 (W201). Een monument wordt veertig
Mercedes-Benz 190 (W201). Een monument wordt veertig

16 Reacties

Geef een reactie
  1. Inderdaad een karig uitgeruste auto. Toen bij ons op het werk, politie Den Haag, de 200D werd vervangen door een 190D bleek dat deze laatste niet was voorzien van stuurbekrachtiging en dat was bij gebruik in de stad behoorlijk te merken. De auto was bovendien erg krap, achterin kon je nauwelijks zitten, laat staan een arrestant tegen zijn wil erin proppen. Maar vergeleken bij de 200D was de auto een stuk sneller, veel directer en ondanks het ruwe gebruik waaraan de auto blootstond, behoorlijk degelijk. Een fraaie auto die je nog regelmatig ziet. Vorige week in Duitsland meerdere keren tegengekomen.

  2. Een fantastische auto. In 1984 ruilde ik mijn 380 SE (W126) in voor een 190E. (Een slogan die ik van de levensverzekeraars gebruikte: “Een pensioen moet niet half zijn) bouwde ik om een halve Mercedes is beter dan een half pensioen. (380 SE : 2 = 190E). Nadat ik de ergste kosten van mijn nieuwe huis inmiddels weer na 2 jaar te boven was gekomen, verhuisde de 190 E met 80.000 KM naar mijn vrouw en i.v.m. het feit dat ik beroepshalve meer dan 50.000 KM per jaar ging rijden kwam er een 300 D W 124 in de plaats die in 1994 dus 8 jaar later met een KM stand van bijna 500.000 KM plaats ging maken voor een S 350 Turbo Diesel W140 die nu bij mijn verzameling staat en met 380.000 KM volgende maand een 12 weken lange tocht door Italie gaat maken. Baas en auto genieten dus momenteel van hun pensioen. Na dit verhaal begrijpt u dat er bij ons geen ander merk het huishouden inkomt.

  3. In de 80er jaren bouwden we hier in Elburg 2-,deurs cabriolets en coupes van ,en een 3-deurs versie in de afmetingen van de vw-golf 1 ,als mini-benz voor in de stad.
    Bij interesse heb ik hier nog wel foto’s van.

  4. Ervan afgeleid kwam een jaar later de W124 op de markt, die iets meer ruimte bood en ook al zo’n topkwaliteit had. Dit is de mijne, een 250D automaat van 1985, twee jaar geleden. Hij rijdt nog elke dag, met zijn 37 jaar.

  5. De BabyBenzo was ook hier in de VS behoorlijk populair, ondanks het feit dat -ie ook hier flink aan de prijs was…. toen ik de orderformulieren van mijn oude 2.6 uit 1993 (ik kocht ‘m in 2003) bekeek stond daar een bedragje onder van dik $40000 hetgeen flink was voor dat jaar, een Toyota Camry V6 was voor een stuk minder dan de helft te koop. Kwaliteit ten top bij de Benz, wat je eruit haalde, plaatste je ook op dezelfde wijze weer terug. Die ruitenwisser vond ik behoorlijk ergerlijk want hij liet steevast strepen achter in de vorm van een chocolate letter M. Verkocht na vier jaar en dik 80000 mijlen erbij toen emissiegerelateerde onderdelen er de brui aan bleven geven. De Subaru Outback die ervoor in de plaats kwam was eigenlijk nog een stuk beter en zeker betrouwbaarder.

  6. Jaren een 190e gehad, zwart metallic,5bak,leer, schuifdak, verlaagd etc super auto. Bij Cor Heg gekocht, in de tijd van de oldtimers de 190 specialist. Was de bedoeling er een 6 cylinder diesel uit de e serie in te bouwen dat had Cor al eens schitterend gedaan maar helaas gooide de afschaffing van de 25 jaar regel roet in het eten. Uiteindelijk heeft de 190 plaats moeten maken voor een 1966 Mustang Fastback V8 maar wat een schitterende auto die 190.

  7. Ooooh jeugdsentiment!, dank weer!!
    Het zal 1982 zijn geweest.
    CSR HAVO en ik moest van de leraar Duits, de heer Hendrikx die jaarrond sandalen droeg, een stukje “vorlesen”.
    “Fünf Finger an der Achse” ging over de 190 met zijn speciale achteras ophanging en dat mocht ik dus hardop voorlezen.
    Stiekem zou ik zo’n 190 nog wel eens willen bezitten en dan het liefst in de 3.4/24v uitvoe-ring.

    • Die “knik” in het dak zorgde ervoor dat de luchtstroom beter zou verlopen, minder weerstand en bovendien schoonmaken van de achterruit. Heel effectief.

  8. Beter bekend als “de bouwvakkers-mercedes”, want het leek wel of elke aannemer in een 190 rondreed..
    Karig model met niet al te beste stoelen, maar heerlijk inparkeren doordat je de voorwielen bijna haaks onder de neus kon draaien.
    Dit was de laatste uit de rij ‘deutsche Gründlichkeit’ want opvolger C-klasse roestte al als je nieste..
    Ook de E-klasse uit de jaren die volgde kon vreselijk rotten..

    • Karig inderdaad, maar wat er op en aan zat was prachtig bedacht en toegepast. De opvolger C (mijn vrouw heeft 10 jaar haar C180 gereden) was ook een heel fijne auto. Opvolger E ken ik zelf want heb er 20 jaar in gereden, 200D en E240, beide ruim 300.000 km mee gereden. Beide hadden na een jaar of 8 wel wat roestvorming rond een wielkast-opening, maar als je dat kort na constatering laat herstellen is er niets aan de hand. De kosten daarvan werden prima gedekt door de lage onderhoudskosten, er ging immers echt niks kapot aan die auto’s. Dat we nog steeds Mercedes rijden zal niet verbazen; inmiddels ook alweer meer dan 10 jaar in een E350 en een S350. Resp. 180.000 en 250.000 km op de teller en het blijft een genot om in te rijden.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

The maximum upload file size: 8 MB. You can upload: image. Links to YouTube, Facebook, Twitter and other services inserted in the comment text will be automatically embedded. Drop files here

Nu in de winkel

Bekijk de 40 pagina's tellende preview via deze link of een klik op de omslag.

Het meinummer, met daarin:

  • Chevrolet Corvair Monza Sport-Sedan
  • Fiat 238
  • Honda TL250
  • Renault Mégane Coupé
  • Revisie van hydraulisch bedienbare remklauwen – Deel 1
  • Volkswagen 411
  • Volvo Duett restauratie.
omslag amk 5 2022 300

Het perfecte leesvoer voor een avondje of meer ongestoord weg te dromen. Hij ligt nu in de winkels. Een abonnement is natuurlijk beter, want dan mist u geen nummer meer en u bent nog eens € 27 goedkoper uit ook. Niet verkeerd in deze dure tijden.

Plymouth Cabriolet en Plymouth Coupé (1935) van Jan. Een oogstrelend duo.

Plymouth Cabriolet en Plymouth Coupé (1935) van Jan. Een oogstrelend duo.

Wegdromen bij oud papier

Wegdromen bij oud papier – column