Column

Een ervaren motorrijder en een youngtimer

By  | 

Het jaargemiddelde dat een motorrijder tegenwoordig rijdt? Volgens de statistieken zo´n 4000 kilometer. In die statistieken telt ook de 1954´er Harley van de achterbuurman en het 100 cc Chineesje achter op de camper van vriend Ed mee.  Als we dat gemiddelde jarenlang draaien, dan zijn we er best ervaren motorrijders mee geworden. Toch?

Maar een ervaren motorrijder hoeft nog geen goede motorrijder te zijn

Hoewel minder ervaren motorrijders wel  onder de indruk van al die kilometers kunnen zijn. En het mooiste van al die ervaring? Ik ben tot de conclusie gekomen dat ik lang niet zo´n goede motorrijder ben als dat ik een kwart eeuw geleden dacht te zijn. Dat heeft me intussen al aardig wat valpartijen gescheeld. En het motorrijden is er niet minder leuk om geworden.

Anticiperen moet

Mijn routine laat me in een prettig tempo rijden, mijn ervaring zorgt er voor dat ik de weg intussen goed kan ‘lezen’ en dat anticiperen zelfs de insteek is geworden bij het scheren. Nu even bij de les blijven. Want nu komt het nadeel, de gevaarlijke kant van het ervaringsverhaal. De routine was bijna vier jaar lang: stoppen, in zijn vrij tikken, contact afzetten, zijstandaard uitschoppen, bij de ‘KLENK!’ van de op zijn plek knallende jiffy de motor naar links laten vallen tijdens het in een vloeiende beweging afstappen. Zo gaat dat bij een moto Guzzi Cali II.

Afgelopen winter verdiende mijn motor TLC. Dat zou best wat tijd kosten. In die tijd zou ik zonder vervoer zitten. Een bekende van me had een Diversion 600 in de weg staan. Dat brandweerrode stuk speelgoed werd voor een belachelijk bedrag geadopteerd.

En dan slaat de routinefuik dicht

Bij aankomst op het winkelcentrumpje draaide ik mijn prettig ingesleten stoproutine. Contact af, jiffy uittrappen. ‘KLENK!’. Motor naar links laten vallen. Schrikken. De zaak niet meer kunnen houden. Met een smak op de tegels landen terwijl mijn been de ergste klap van de motor op vangt. Ik zie het balletje van het uiteinde van het koppelingshendel wegstuiteren… Er is iets anders gegaan dan ik gewend was. Geen flauw idee wat.

Dorpelingen schieten verbaasd toe om me te helpen

Zo gaat dat hier nog. Eentje zegt er oplettend “Dat doe je anders nooit zo!”. Blij dat ik geen goedkope Goldwing heb gekocht krabbel ik onder mijn brommer uit en zet hem weer op zijn rubbers. Dat de jiffy is ingeklapt? Dat zal toch wel door de val komen? Ik voel me wat dommer dan normaal, maat ach: ´chips happens´. Een weekje later kom ik soepel aanrijden. De stoep op, contact af, de zijstandaard een schop ´KLENK!´… En daar lig ik weer. Als dat vaker gaat gebeuren moet ik mijn zoon maar vragen of hij me kan laten inslapen. Hij is straks ten slotte dierenarts.

Het balletje aan het eind van de koppelingshendel?

Ah, daar ligt het. Een jongetje aan de hand van zijn moeder roept: `Die mijnheer is gevallen! Dom hè?`.Dat weet ik nog zo net niet. Maar er is in elk geval wat aan de hand dat ik niet snap. Ik raap het schaamrode Yamahaatje op en zet het weer op de wielen. Schop de jiffy weer uit en parkeer hem deze keer veilig. ´Schop de jiffy weer uit?´ Dat had ik al eerder gedaan. Ook net voor het omvallen. Toeval of wrok van een motor die beseft dat hij maar voor eventjes is gekocht?

Tijd voor diepgaand onderzoek

Thuis ga ik experimenteren. En vindt het antwoord op het raadsel van de omvallende werkezel. Dat ´KLENK! en laat maar omvallen’ verhaal waar ik in de loop van de tijd zo aan gewend was? Dat had hier zijn beperkingen. Na een aantal pogingen bleek dat de ´KLENK´van de dappere viercilinder soms gewoon veroorzaakt werd doordat… De zijstandaard niet op zijn plek klapte, maar terug in zijn uitgangspositie sloeg. ‘KLENK!’

Het leermoment

En als dat gebeurt terwijl je de motor losjes uit je handen laat vallen tijdens het soepele afstappen? Dan heb je letterlijk een te smalle basis om overeind te blijven. De volgende dag vierde ik mijn inzicht in de gevaren van routinematig handelen met de aanschaf van weer een nieuw koppelingshendel. En dat het intussen weer herfst wordt en dat er blad en gladde ellende op de weg komt te liggen? Dat maakt me het water niet lauw. Want als ervaren motorrijder weet ik dat ik mijn snelheid en bochtengedrag daar op moet aanpassen.
En intussen is de Guzzi ook weer in gebruik. Dus dat omvallen, daar ben ik ook van af.

Dolf Peeters, huurwoordenaar, automotive journalist, lid van de Heeren van Arnhem

3 Comments

  1. Jan van Lunteren

    15 september, 2018 at 19:11

    In de jaren ’70 (van de vorige eeuw inmiddels) had ik een mooie Yamaha XS750, en mijn vrouw een leuke Honda CB350-4. De motoren stonden allebei op de zijstandaard bij ons voor de deur en moesten, om inmiddels niet meer bekende reden) beide een metertje of twee naar voren geplaatst worden. Dus ik naar buiten, Yamaha overeind gezet, en met de jiffy uitstaand de twee meter naar voren gelopen. Terug naar de Honda, overeind gezet en weer die twee meter, motor op de jiffy laten zakken en mij onmiddelijk omgedraaid, nog voordat ik een stap had gemaakt hoorde ik een klap en mijn vrouw vloeken. De Honda had als veiligheidsmaatregel een automatisch inklappende zijstandaard, en dat wist ik dus niet…

  2. Pascal

    14 september, 2018 at 16:36

    Na jarenlang zijspanneren weer een keer solo brommeren geeft eenzelfde ervaring..

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

X
X