Sluitingsdatum meinummer -> 17 maart
De vorige zomervakantie… – column
Droog. Bijna zonnig. En nog maar zestig kilometer tot het hotelletje dat we ons van een eerdere trip herinnerden. Ongeveer. Soms weten we het ook niet zo precies meer. Dan knikken we elkaar tevreden toe: “Korsakov light.” En dat terwijl alcohol toch feitelijk louter een vitamine met een imagoprobleem is.
Toch?
Maar rookpauzes zijn heilig. Shag en sigaren geven rust, een moment van bezinning. “Uw rook kan schadelijk zijn voor anderen” meldt het doosje. Maar ja!! Dan komen ze toch niet op mijn crematie!
We stonden op een rustige parking net buiten het lawaai van twee Sloveense trucks met loeiende koelinstallaties. Zo koud was het blijkbaar dus ook weer niet. De vroege schemering begon aanstalten te maken ons een prettig nazomer gevoel te geven. We keken rustig rond.
Als ervaren motorrijders merk je wanneer er wat mis is. Bij de Tuono die nu de parking oprolde was wat mis. Op het moment dat het ding stilstond, stonden wij er naast. We vingen de klaarblijkelijke berijdster op. Onder de helm kwam een motorrijdster met rood behuilde ogen en een snuit vol snot uit. Ze strompelde naar een picknickbank, en barste hernieuwd in huilen uit.
Wij zijn al jarenlang man. We weten hoe je met verdrietige vrouwen, kinderen en huisdieren moet omgaan. Maar dit exemplaar had directe hulp nodig. De maatdop ging van de heupfles en werd randjevol gegoten met 12-jarige single malt. “Hoppa!” Ze haalde gierend adem en snakte naar lucht. Het “Fisherman’s Friend+” effect.
Er kwam tekst. De dame had haar Lief op de camping kussend met een ander aangetroffen. Dat had haar doen besluiten de relatie ter plekke te beëindigen. En om de wraak zoet te maken had ze de Tuono, waarvoor zij gedeeltelijk borg had gestaan voor de financiering, mee te nemen. Met de papieren. Exmans was op dat moment dan wel de hort op met zijn vakantievlam, en Gitte had zelf nog pas maar twee motorrijlessen op een Cbeetje gehad.
Haar eerste echte rit had nu een tank vol geduurd en het waarschuwingslampje voor een naderend gebrek aan benzine schreeuwde het uit. Ze was aan het eind van haar Latijn.
We hevelden een paar liter sap uit de Guzzi tank in de Tuono tank, installeerden Gitte na wat korte instructies op de veel comfortabeler zittende Guzzi en slenterden de laatste zestig kilometer op een sukkeldrafje. Zo’n moderne motorfiets rijdt niet onaardig. En Tuono betekent ‘donder’ en geen ’tonijn’.
We besloten de amoureus geruïneerde motordievegge tijdelijk te coachen. En in een tweepersoonskamer past altijd nog wel een klapbedje. We nodigden onze vondst aan tafel. Tussen alle emotionele leegloop bleek ze aardig door te knagen.
Uit therapeutische overwegingen zorgden we er voor dat ze de bodem van haar glas nooit te zien kreeg. Ze werd boos in plaats van verdrietig. Of wij een Tuono wilden hebben? Hier en nu? Voor niets? Omdat wij tenminste toffe gasten waren? We waren al aan het roodvlees en hoefden geen tonijn.
Het werd tijd om Gitte haar naar mandje te brengen.
Later, op het terras bespraken we met de hoteleigenaar de voor- en nadelen van weerbare vrouwen. Ernest concludeerde neutraal dat hij ook een weerbare vrouw had. Ze verzorgde de belastingformulieren en deed de boekhouding. En al dat gekus met vreemden op de camping? Ach, we wilden niet weten hoeveel vreemds er in zijn hotel gekust werd.
Wij vertelden blij en trots dat onze Geliefdes ook weerbaar waren. De hotelbaas fronste zijn indrukwekkende wenkbrauwen en hief zijn glas. “Daarom kussen wij ook niet met vreemde vrouwen.”
Het is gewoon een kwestie van normen en waarden dus. De volgende ochtend voelde onze fris gedouchte vondeling zich een tikkeltje wankel, maar nog steeds boos. En even zo vastberaden.
Ze had geen kater. Ze ging door naar huis. Naar het verre Nederlandse Wervershoop, iets ten zuiden van Moermansk. Nog vierhonderd kilometer op haar Tuono. Zonder rijbewijs. Maar dat moest ze na bijna 500 km ervaring probleemloos kunnen halen.
We namen afscheid met een korte omhelzing.
Zwaaiden haar nog uit.
Komt wel goed met zo’n karaktertje.

Mooi verhaal, in Grünnen zeggen we dan; kon minder!
GEWELDIG.
Weer een pracht verhaal Dolf. Heerlijk uit het leven gegrepen. Zo te horen gaat die dame niet snel tegen te vlakte van ‘tegenwind’. Die redt het dan wel.
Pracht verhaal!
Girrrl Powerrrr
Zwervershoof, net naast Andijk, bekend van de poldertaliban (extreem grrrristelijk hoekje Nederland)
Ze is een WestFriese dus, dat zijn in de regel taaie tantes, die red het wel.
Een pakkend stukje avontuurlijk proza dat wederom duidelijk maakt, er zit te weinig Dolf in de AMK.
L O L
Dank. Ik zal het doorgeven aan de hoofdredacteur. Aan de andere kant moet het natuurlijk niet in werk ontaarden. En voor het geld hoeft het niet. Met 50+ jaar motorrijden en 40+ jaar met mijn Lief ben ik toch al de rijkste man die ik ken. Maar heb je een abonnement op AKMK? Dat kost bijna niets en dan krijg je er nopg meer teksten van mij bij. Ik probeer de gebaande paden wat te ontlopen. Zo krijgen we binnenkort de vergelijking tussen de WLA en de M72. Het verschil? Meer dan twintig mille!