Motoren

De tweetakten van Silk. Jammer dat het mis ging

By  | 

Er zijn heel voorzichtige signalen dat de tweetaktmotoren terug zouden kunnen komen van weg geweest. Dat zou een hoop liefhebbers goed doen. En er zijn memorabele tweetakten genoeg in het verleden om de toekomst te verankeren. Laten we eens kijken naar de Scotts volgens Silk.

We publiceren deze artikeltjes gratis, en willen dat natuurlijk ook blijven doen. Maar u begrijpt dat dat voor ons niet gratis is. Ondersteunt u dit initiatief en waardeert u het? Overweeg dan eens een abonnement op Auto Motor Klassiek. U helpt ons dan niet alleen de gratis initiatieven betaalbaar te houden, maar ontvangt als bonus ook nog eens elke keer een AMK in de bus. En u betaalt nog maar € 3,30 per nummer in plaats van € 4,99. Elke maand goed voor uren leesplezier.

Maar voor ‘Silk’ waren er de  Scott motorfietsen

Scott: Scott Engineering Co. Ltd., Mornington Works, Bradford, later Shipley, Birmingham, Scott Motor Cycle Company en Aerco Jigs & Tools, Birmingham (1909-1966).

De door Alfred Angas Scott opgerichte fabriek werd  bekend door de watergekoelde 333-, 450-, 486-, 532- en 596 cc tweecilinder tweetakten. Het merk was hiermee een van de pioniers op tweetaktgebied. Scotts waren eigenzinnige, maar fantastische motorfietsen. Maar het bedrijf ging ten onder volgens de wet van de remmende voorsprong. Scott ging niet met de tijd mee.

De doorstart

In 1950 werd Scott overgenomen door de Aero Jig and Tool Company in Birmingham, die eigendom was van Matt Holder. Deze ging uit de oude voorraden Scotts bouwen. Toch bracht hij in 1956 nog nieuwe 500- en 600 cc-modellen uit, met duplex frames en een swingarm achterbrug. Wie dit wilde kon echter ook nog een Scott met een ongeveerd  frame bestellen. Met minimale verbeteringen ging de verkoop van Scott-motorfietsen zo nog mondjesmaat door tot 1965.

En toen kwam George Silk

George Silk en Maurice Patey richtten samen een bedrijf op. Silk had zich in de jaren vijftig al met tweetakt motoren bezig gehouden toen hij in een revisiebedrijf werkte. Hij zat ook in het wereldje van de klassieke motor racerij en een van zijn eerste commerciële moves was de montage van een Scott blok in een Spondon raceframe. Parallel daar aan voerde hij onderhandelingen met Matt Holder, de man die de rechten had op de –ooit befaamde, maar inmiddels zwaar gedateerde – Scott motoren. Silk wilde de merkrechten over nemen. Dat lukte en Silk besloot zelf motorfietsen te gaan maken waarbij hij zich heel sterk richtte op de door hem aangekochte Scott techniek.

Samen met ontwerper David Minglow bedacht hij wegen om alle voordelen van het tweetakt principe te perfectioneren en de nadelen te ontwijken. Toen het ontwerp klaar was stuurden ze het naar de toen wereldberoemde tweetakt goeroe, dr. Gordon Blair van the Queen’s University in Belfast (Ierland). Die man kon met zijn computer de poort timing optimaliseren en hij kon op de meest actuele manier aan vermogensmetingen en berekeningen doen. Jawel: alweer met zo’n verdraaide computer! Daar zouden we nog meer van gaan horen, van computers!

De Silk Twins

Het resultaat was een water gekoelde 656 cc tweecilinder met een topsnelheid van meer dan 180 km/u. En dat was erg snel in die tijd. De eerst geproduceerde Silk, de 700S uit 1976. Die werd samen met de SPR productieracer gelanceerd. De Silks waren innovatief, licht, zuinig, betrouwbaar en snel. En ze kwamen op de markt op het moment dat de Britse motor industrie helemaal in de put zat. Die ellende sleepte Silk mee het ravijn in.

Silk en Patey hadden hun bedrijf in 1975 al verkocht aan Furmanite International. En in 1979 werd de laatste Silk geleverd.

 

Nu in de winkel, het julinummer

BMW 318i, Fiat 500 Abarth, Chevrolet Fleetmaster

Auto Motor Klassiek van juli ligt nu in de winkel. Dus snel naar de boekwinkel voor een nieuw nummer. Voor maar 4,99 een garantie voor zeker een paar uur leesplezier.

Lekker zomers prijkt op de omslag de BMW 318i cabriolet van Femko de Jong. Hij bracht de auto tot in perfectie. U leest er alles over in nummer 7.

Erg interessant vinden we zelf de ombouw van een Chevrolet Fleetmaster naar een custom. Dat is niet zomaar klakkeloos gedaan. Het was een echt ingrijpend project. Zelfs de klompen van de eigenaar moesten eraan geloven. Ook de restauratie van de Fiat 500 waarvan in dit nummer een verslag, zou je onder de noemer custom kunnen scharen. De auto was in erbarmelijke toestand, dus een intensieve restauratie volgde. Eigenaar Henrique Linde gaf er meteen een eigen 'Abarth'-draai aan. Wij vonden het resultaat meer dan geslaagd. Hendri Kampherbeek heeft zijn hart gegeven aan Peugeot. Zelfs wanneer deze voor de tweede keer onder handen moet worden genomen. Zijn Peugeot 405 mi16 kocht hij met een kapotte motor en na de restauratie was het weer bijna mis.

Natuurlijk worden alle auto- en motorverhalen weer voorafgegaan aan tientallen pagina's met korte berichten, vanaf praktische tips tot en met historie, klassiekers die we onderweg tegenkwamen en diverse columns waar het hebben van een klassieker, het sleutelen aan een klassieker en zelfs het hobbymatig handelen van klassiekers centraal staat. Bovendien natuurlijk ook rond de veertig pagina’s met klassiekers te koop, die soms online niet eens aangeboden worden. Het perfecte leesvoer. Haal hem daarom snel in huis en neem alvast een abonnement, zodat u de volgende editie niet mist.

En verder ook nog:

  • Aprilia Moto 6.5 restauratie
  • Honda CB 550
  • Mercedes-Benz 600 Pullman
  • Herinnering aan Stirling Moss
  • Beleef de bevrijding deel 2

Meer over wat er in deze editie allemaal staat ziet u op onze pagina deze maand.

 

Dolf Peeters, automotive journalist, tekstschrijver, vertaler, lid van de Heeren van Arnhem

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *