Nieuws

De topless Godinnen va Chapron

By  | 

Citroen DS cabriolets van Chapron zijn zo zeldzaam dat er nu al meer rondrijden dan er ooit gemaakt zijn. Hoed u dus voor namaak!

Overigens zijn er ook beeldschone DS cabriolets die niet van Chapron kwamen of doen alsof ze dat deden. We gaan er maar van uit dat u als mogelijke gegadigde voor de aanschaf van zo’n topless Godin uw huiswerk goed heeft gemaakt.

Chapron als merk – genoemd naar Henri Chapron – bestond tot 1985. De basis van de carrosseriebouw werd gelegd met het van koetswerken voorzien van Fords die de Amerikanen na WOI hadden achter gelaten. Tot aan WOII maakte hij voor de elite van de Franse automobielbouwers de fraaiste koetswerken. Na WOII had Chapron net als zijn collega’s veel hinder van de brede introductie van de zelfdragende carrosserieën en de massaproductie. De presentatie van de Citroen DS op de Parijse autobeurs in 1955 bracht Chapron echter nieuw succes. Succes, maar geen massaal succes. In het totaal verlieten zo’n 1.600 Chaprons op basis van de DS de ambachtelijke werkplaats op de weinig prestigieuze Rue Aristide Briand in de Parijse voorstad Levallois-Perret. Het Chapron DS verhaal begon drie jaar na de introductie van de DS.

Er zat een hoop werk aan

Voor de tweedeurs koetswerken gebruikt hij de achterspatborden van de vierdeurs, zodat er aan de zijkant een verticale naad zichtbaar bleef. Een schoonheidsfout die in twee fases wordt weggemasseerd. Citroën is onder de indruk van het werk en sluit een overeenkomst voor het maken van de cabriolet.

De auto wordt verkocht via het officiële dealernetwerk en komt naast de sedan en break in de brochures. Binnen Chapronkringen spreekt men over de “cabriolet usine’’, de fabriekscabriolet. Tussen 1961 en 1971 maakt Chapron er 1.365, 1.253 op basis van de DS en 112 met de goedkopere ID als uitgangspunt. Aanvankelijk levert Citroën complete auto’s af die vervolgens bij het atelier worden ‘getopt’ en omgebouwd. Later levert de fabrikant ongelakte halffabrikaten. De ombouw is veel werk en dat heeft natuurlijk zijn prijs. In 1961 kost een cabriolet het twee keer zoveel als een vierdeurs.

De Chaprons werden niet in massale series gebouwd dus. Feitelijk werden ze stuk voor stuk ambachtelijk in elkaar gezet en met zegt ook wel dat geen enkele Chapron hetzelfde is. Maar wat de beeldschone automobielen wel deelden, dat was hun overtuigende neiging tot roesten.

Dat had de auto op de foto’s ook gedaan

De auto in dit verhaal was daar een tragisch voorbeeld van. De eigenaar had onderzoek gedaan naar het adres waar men hem het best van dienst zou kunnen zijn om zijn Chapron, die al heel lang in de familie was, weer in orde te brengen. Via al zijn zoekwerk leidden veel wegen naar Terborg. Cyril Sars Citroen Cars is gespecialiseerd in het werken aan en het restaureren van ‘grote Hydrauliques’.

Gatenkaas

De topless DS, die al een paar jaar gestald had gestaan, bestond voornamelijk uit gaten, losjes ingelaste stukken plaat en polyester. Zelfs het feit dat de Chapron gebouwd is op een steviger uitgevoerde bodemplaat van de DS break had hier geen soelaas gegeven. De insteek was ‘de dood of de gladiolen’, afscheid nemen van een wrak of met een open budget aan het werk gaan. De eigenaar koos ervoor om de auto te behouden en in de familie te houden.

De neus bleef over

Uiteindelijk bleef de neus van de DS gespaard. De rest werd herschapen. En dat ging alleen maar omdat Cyril Sars en zijn team een Celettebank en alle plaatwerkersvaardigheden in huis hebben. En dat herbouwen werd nog een ambachtelijker klus dat de bouw van een Chapron ooit was. Want er werd heel wat plaat omgezet in plaatwerk. En dat gold in het bijzonder voor de achterkant.

De eerste DSsen hadden smalle banden en een slanke kontpartij. In de loop van de productie groeide de breedte van de Chaprons mee met de bandbreedte van de DSsen. En het zorgenkind op Cyrils Celettebank was er eentje van de ranke soort. De uitdaging was de hele kont op te bouwen zodat de behouden kofferdeksel perfect in zijn opening zou passen.

Het reviseren van de motor werd uitbesteed. Net als het spuitwerk. Gelukkig bleef er genoeg werk over voor Cyril en zijn medewerkers.

Omdat deze origineel in België geassembleerde auto (uiterlijk herkenbaar aan de koplampringen en de ongedeelde voorste nummerplaatlocatie) qua nummering binnen de overgangsperiode  van een ‘rode- (LHS)‘ naar een ‘groen’ (LHM) hydraulisch systeem viel, namen de mannen in Terborg in overleg met de opdrachtgever het besluit de DS om te bouwen van rood naar groen. Productietechnisch zat daar twee maanden tussen, maar in dit geval woog de inzetbaarheid zwaarder dan de fabrieksoriginaliteit. Het hele proces van de wedergeboorte heeft 4,5 jaar geduurd. En de opdrachtgever was tevreden.

De aantallen*

Chapron Cabriolets
La Croisette-1958-1962-52
Palm Beach-1963-1969-30
Le Caddy-1960-1968-34

Fabriekscabriolets
D 19-1961-1965-112
DS 19-1961-1971-770
DS 21-1961-1971-483

Totaal-1365
*Er is geen 100% zekerheid over de aantallen.

De huidige waarde: Een mooie, goede Chapron kan zomaar 150.000 euro kosten.

Chapron

Chapron

Dolf Peeters, automotive journalist, tekstschrijver, vertaler, lid van de Heeren van Arnhem

    2 Comments

    1. Onno Boerwinkel

      24 maart, 2019 at 21:05

      Na mijn 2 DS-en (DS 21 ’69, idem ’67, en – 23 ’72, is ’t altijd weer een verrukking om over dit goddelijk automobiel te lezen. Dat hele Chapron verhaal maakt dat ’t merendeel van de cabrio’s die je tegenkomt w.s. geen echte Chaprons zijn. Maar wat doetetertoe: de unieke vorm en uitstraling zorgen voor een zintuiglijk genoegen, en de realiteit van vandaag (lage emissies, liever geen benzineauto’s meer….) maakt toch het genoegen ooit met deze auto’s gereden (en bezeten) te hebben, van onschatbare waarde. Chapeau!!

    Leave a Reply

    Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

    X
    X