Sluitingsdatum meinummer -> 17 maart
De Honda Magna V65, “V voor victorie?”

Met de ‘Sabre’, de’ Magna’ en de ‘ Interceptor’ maakte Honda een eind aan het begrip ‘ UJM’, universal Japanese motorcycle. De serie had V4 blokken in plaats van de zo algemeen geworden vier-in-lijnmotoren. Wij bekijken de dikste cruiser uit de familie: de Honda Magna V65 die in 1983 werd voorgesteld.
Honda wilde zich onderscheiden met de Honda Magna V65
Elke Japanse motorfabrikant maakte aan het begin van de jaren 80 immers motorfietsen met vier cilinder lijnmotoren? Allemaal in navolging van Honda’s CB 750. Het was tijd voor wat anders. Tijd voor een V4. Die blokopzet liet de hoge toerentallen van een vier in lijn toe terwijl hij even smal gemaakt kon worden als een twee cilinder.
En de blokhoek van 90° garandeerde ook nog eens een mooi uitgebalanceerde motorloop. Het idee was top! En de blokken hadden een heel eigen, karakteristieke snork en roffel. De Honda Magna ’s waren cruisers, de Interceptors de sportievelingen en de Sabres de meest neutrale leden van die familie. Het waren, en zijn, indrukwekkende machines met hun, na wat aanloopperikelen, erg betrouwbare viercilinders in V-vorm.
Er waren problemen
Die problemen uit de begintijd waren gedeeltelijk technisch- en voor een deel PR gerelateerd. Er traden nokkenasschades op, vooral bij de blokken in The States. De olietoevoer naar de koppen bleek te gering als er lang beneden de 3.000 tpm, een toerental dat de aan Harleys gewende Amerikanen al aardig hoog vonden, werd gereden. Maar de ene V motor is de andere niet. En de juiste start- en warmloop procedures waren ook al niet aan de Amerikanen besteed. Tel daarbij dat die wat lompe medemensen structureel nooit wat aan welke vorm van onderhoud dan ook doen.
Toch verdiende Honda’s reactie op de ellende geen schoonheidsprijs. Eerst ontkende het bedrijf de problemen als in “NEE! Ik ben niet zwanger!”, Daarna gaf het de schuld aan niet correct onderhoud en verkleinde het de service intervallen en bedachten het een speciaal stuk gereedschap om de kleppen correct af te stellen. In stilte veranderden ze wel het ontwerp en details en de productiemethoden. En zo kwam het technisch allemaal nog helemaal goed. Alleen die reputatie hè? De eerste generatie Honda V4’s had geen goede naam, de eerste V4 revolutie was niet geslaagd. En intussen waren Suzuki en Yamaha ook al met het idee aan de haal gegaan met de Madura en de Vmax…
Nu krijgt de Honda Magna V65 erkenning
Intussen krijgen de Honda V4 motoren de erkenning die ze verdienen. En zijn Honda’s VFR’s legendarisch geworden. Onze voorbeelden zitten daar bij in het mooiste gedeelte van het populariteitstraject: er zijn liefhebbers en er zijn motoren. Maar het liefhebbersclubje is nog klein en het aanbod aan motoren is ruim. Wat krijg je dan? Juist: veel motor voor weinig geld. En bedenk dat een nette Harley-Davidson WLA ergens in de jaren zestig ook niet meer op bracht dan 150 keiharde guldens…
De Honda Magna V65 met zijn stoere 1.100 cc blok wordt intussen al heel voorzichtig aangeduid met ‘Misschien wel één van de beste cruisers die er ooit gemaakt werd.’ De meeste van die nu nog redelijk under cover bestaande Honda Magna ’s die in Nederland rondrijden zijn overigens VS-modellen.








Tja, na een ‘oeps’ en een inruil van mijn v65 naar een st1100-pan heb ik nog steeds dat ik terug verlang naar de magna. Vooral het lekker toeren en als er dan op de snelweg een kudde motorfietsen voorbij komt, dan 2 tandjes terug schakelen, gas open en op een andere snelheid bezig zijn… Okee, de pan-european gaat ook wel en heeft ook zijn voordelen maar toch…
En ja, uiteindelijk ging ik er toch op achteruit: van 1098 naar 1095 cc.