in

Terre Di Canossa 2021: Corona kon de 11e editie niet stoppen.

In het weekeinde van 20 tot en met 23 mei  werd de 11de editie van de Terre Di Canossa gereden in het mooie Italië. De rit deed de regio’s Emilia, Ligurië en Toscane aan. Een mens zou al voor minder beginnen te watertanden in deze Coronatijden. De deelnemers moesten gedurende drie dagen 650 km, 63 regularity’s en zes proeven met gemiddelde snelheid afleggen. Ieder jaar mogen er maar 100 wagens meerijden.  Ondanks die vervelende pandemie kwamen er dit jaar toch nog 64 deelnemers aan de start, waaronder toch ook enkele Belgische en Nederlandse teams.


Tekst: Dirk Ivens/ Canossa Events   Foto’s: credit to Canossa Events

Donderdag 20 mei werden de deelnemende wagens tentoongesteld in de prachtige Art Nouveau-stad. Ondertussen vonden aan het Palazzo dei Congressi de technische keuringen plaats waar de deelnemers met elkaar kennis konden maken. ’s Avonds was er een galadiner verzorgd door sterrenchef Massimo Spigaroli in het kasteel van Tabiano.

Op vrijdag 21 mei ging de rit van Salsomaggiore Terme naar Bocca di Magra. Om 9u stipt vertrok de rally voor een mooie trip via de haarspeldbochten in de Toscaans-Emiliaanse Apenijnen. De oldtimers werden voorafgegaan door enkele moderne Ferrari’s.  Daarna ging het van Parma naar Berceto en via het weelderig groen lentelandschap naar de Passa Cisa. Onderweg moesten veeleisende tijdproeven worden afgelegd, waarna het verderging richting Pontremoli, La Spezia, Monte Marcelle, Punta Bianca en Ameglia. Onderweg moest ook nog de Passo del Rastrello bedwongen worden.

Op zaterdag 22 mei vertrokken de wagens op het Piazza Marconi bij Forte dei Marmi voor een tocht via de ‘Strada del Marmo’ (Marmerweg).  De deelnemers moesten door de smalle tunnels die in de rotsen zijn gegraven naar de meest spectaculaire marmergroeven in dit deel van Italië. De burgemeester begroette de deelnemers in naam van de stad. Ze mochten hier ook een fles lokale wijn en een poster als aandenken in ontvangst nemen. Daarna ging het verder naar de ‘Grotta Negra’ (zwarte grot) voor proeven met gemiddelde snelheid en RT’s onder de witte Apuaanse Alpen.  Richting Isola Santa passeerden de deelnemers via een prachtig turquoise meer. Hier stonden veel fotografen en autoliefhebbers foto’s te maken van dit mooie moment.

Er heeft altijd al een link bestaan tussen het hart van Toscane en autorijden, rally’s en klassieke auto’s. In feite is het niet ongebruikelijk dat de lokale bevolking deelneemt aan de optocht met hun eigen klassieke auto of youngtimer.  Ze genieten dan volop van dit moment door de deelnemers een tijdje te vergezellen.

Langs weelderige groene wegen met uitzicht op beekjes en watervallen en door een deel van het regionale park Apuaanse Alpen bereikten de auto’s het levendige oude stadscentrum van Castelnuovo Garfagnana.

Het laatste deel van de route voor de lunch werd afgelegd op een steile, smalle weg die naar Collodi leidde, de geboorteplaats van Pinocchio en de geboorteplaats van de maker van ’s werelds beroemdste pop. Tijd voor de deelnemers om te ontspannen in de prachtige omgeving van Villa Garzoni waar ze hartelijk verwelkomd werden door Pierfrancesco Bernacchi, voorzitter van de Carlo Collodi National Foundation.  De villa staat in de historische Garzoni-tuinen, beroemd om mooie bloembedden, waterpartijen, doolhof en vlinderhuis.

Om 14.15 uur ging iedereen weer de baan op langs de schilderachtige weg door Segromigno in Monte, langs olijfbomen en populieren die zo typerend zijn voor het Toscaanse platteland. Vervolgens bereikte men Lucca, een prachtige stad die altijd een warm welkom heeft gereserveerd voor de Terre di Canossa.  Een stad waarvan de straten in de oude stad een prachtige achtergrond vormen voor de auto’s.  Na een korte stop op Piazza Napoleone vervolgden de deelnemers hun weg voor de traditionele, emotionele rit over de oude stadsmuren van Lucca.  Dat werd mogelijk gemaakt dankzij de speciale vergunning die werd verleend.

De volgende stop was Monte Serra en het Massaciuccoli-meer.  De dag eindigde in Forte dei Marmi, met de Trofeo Forte dei Marmi voor niet-professionele chauffeurs.

Luca Spagni, wethouder Sport en Industrie voor Quattro Castella, verwelkomde de teams met de woorden: “We zijn erg blij en trots om dit belangrijke evenement te mogen organiseren.”

Zondag 24 mei reed de derde etappe van Forte dei Marmi naar Quattro Castella, het hart van de landerijen van koningin Matilda.

Om 8.45 uur vond het vertrek plaats vanaf Piazza Dante gelegen tegenover het stadhuis van Forte dei Marmi.  De deelnemers namen afscheid van de kust van Versilia en gingen terug naar Emilia.  Ze deden daarbij eerst de centra van Sarzana en Fivizzano aan voor een doorgangscontrole.  Na het oversteken van de Passo Cerreto was de volgende stop Casa Canossa, het nieuwe huis van Canossa Events, en de Trofeo Tricolore.  Daarna ging de rit verder naar Quattro Castella, het hart van de landerijen die ooit werden bestuurd door Matilda van Canossa.  De teams werden er verwelkomd door acteurs, muzikanten en vaandeldragers in middeleeuwse kleding, die op de Piazza Dante Alighieri een eerbetoon brachten aan deze belangrijke Gravin.

De laatste stop was de prachtige Fondazione Magnani Rocca, de Villa dei Capolavori in Mamiano en de prestigieuze collectie hedendaagse kunstwerken van Luigi Magnani.  De teams konden eindelijk ontspannen en de laatste proeven bespreken, terwijl ze wachtten op de prijsuitreiking en de bekendmaking van de winnaars van 2021.

Deze editie van de Terre di Canossa werd gewonnen door Gianmario Fontanella en Anna Maria Covelli, gevolgd door Michele Cibaldi en Andrea Costa. Alberto Aliverti en Stefano Valente behaalden de derde plaats.  

Het niveau van de deelnemers lag dit jaar hoog en er werd op het scherp van de snee gestreden voor een plaats bij de eerste drie.  De winnaars van deze elfde editie werden bekend gemaakt na enkele dagen van verhitte concurrentie.  Maar over het algemeen werd deze rally gekenmerkt door de niet aflatende sportiviteit van de equipes.

Wagen 2 werd uitgeroepen tot algemene winnaar van de Terre di Canossa 2021: Gianmario Fontanella en Anna Maria Covelli in een Lancia Lambda Spider uit 1927.  Zij namen teven ook de Pre War Cup mee naar huis.

Wagen 15 behaalde de tweede plaats in het algemeen eindklassement: Michele Cibaldi en Andrea Costa in een Fiat 1100 Siluro uit 1948. 

De derde plaats ging naar auto nummer 1 met Alberto Aliverti en Stefano Valente in een Alfa Romeo 6C 1750 SS Zagato uit 1929.

De speciale ranking voor de gemiddelde snelheidsproeven werd gewonnen door het Belgische team van Winand Cremers en Nathalie Peeters in een Austin Healey 100/4 BN2 uit 1955.

Het Porsche Classic Team Zürich won het teamklassement.

De internationale beker voor België werd gewonnen door Raphaël Claes en Cecile Claes in een Austin Healey 3000 MKI uit 1960.

De internationale beker voor Nederland werd gewonnen door Cornis Filius en Maria Filius Van Straalen in een Fiat 1100/103 Berlina MM uit 1955.

Een uitdaging gekleed in ‘groen’

De organisatoren bevestigden hun milieuvriendelijke vooruitzichten voor het zesde opeenvolgende jaar en besloten opnieuw een CarbonZero-protocol in te voeren om de resterende uitstoot van CO2 volledig te compenseren door nieuwe bomen te planten in de Toscaans-Emiliaanse Apennijnen. De Terre di Canossa bewees opnieuw dat dit het enige evenement met nulemissie in zijn soort is.


Help ons mee deze website en de aangeboden artikelen gratis te houden. Abonneer uzelf op Auto Motor Klassiek en ontvang daarbij ook het blad 12x per jaar in de bus. Of doneer een gewenst bedrag op onze betaalpagina via deze link. We zijn u er zeker dankbaar voor.


Beste Klassiekerliefhebber

Geniet van dagelijks gratis verhalen over oldtimers in uw email en schrijf gratis in. 


3 Comments

Leave a Reply

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

The maximum upload file size: 8 MB. You can upload: image. Links to YouTube, Facebook, Twitter and other services inserted in the comment text will be automatically embedded. Drop files here

Norton Wankel, de luchtgekoelde

Klassieker restaureren – Een idee voor de komende winter