Sluitingsdatum oktobernummer -> 18 augustus
Renault reportage dag. Klassiekers en memoires in een voorproef
Het contact met André de Vries kwam een kleine twee jaar geleden tot stand, tijdens de Oldtimer en Classicbeurs in Leek. We kwamen met elkaar in contact omdat zijn fraaie Renault 16 TX Automatic uit 1978 een plekje had binnen een vaste waarde van het evenement: de Franse Straat. Tijdens een zonovergoten dag straalden niet alleen de R16 en de net verworven Nederlandse Estafette. Ook sterk Frans getinte autoherinneringen kwamen naar boven tijdens de dag, waarop de Franse klassiekers in het zonnetje werden gezet. Letterlijk. En figuurlijk.
Het zijn van die dagen waar je als redacteur naar uitkijkt. Van te voren weet je al hoe het gaat lopen, en tegelijkertijd schuilt daarbinnen de verrassing van spontane herinneringen. André en ik zijn beiden in 1970 geboren, en hebben dezelfde autobloedgroep. We herinneren ons beiden veel uit de jongere jaren. Vakantieritten komen voorbij, en ook de auto’s van onze ouders. In die zin valt het op dat naast de namen Peugeot en Renault ook de namen van Ford en Opel meerdere keren bij André vallen. Het Franse virus werd sterker, doordat zijn ouders kortstondig een Renault 16 in eigendom hadden. De eerste auto van André was een Peugeot 104, en spoedig kwam er een R16 op zijn pad. De verhalen volgen elkaar nauwsluitend op, en worden versterkt met relikwieën uit het verleden, die andere herinneringen tastbaar maken en zich vermengen met de gezelligheid van de dag.
De jaarboeken van Renault. André heeft een aantal van die boeken uit de jaren zeventig in eigendom. Ze doen mij onmiddellijk denken aan de exemplaren die ik van de mensen kreeg, die vroeger een hoekhuis in ons blok als recreatiewoning hadden. Hun familie woonde vlak bij ons, en de recreërende Ome Jan en tante Nel reden Renault, en wel in een bescheiden basisuitvoering van de R6. Hun nazaten en kleinkinderen logeerden ook wel eens in dat huisje, en kwamen vanuit het westen van het land per Renault 14 naar de polder. De liefde voor het merk was met de paplepel ingegoten.
Oom Jan en tante Nel namen ieder jaar een jaarboek van Renault mee, en die boeken las ik stuk. Daar dacht ik aan toen André de boeken liet zien, en ik voelde exact wat ik destijds voelde. Alle auto’s van een merk in één boek, prettig gefotografeerd en op de één of andere manier voelde ik vroeger altijd het verlangen dat mijn ouders ook de stap naar het Franse merk zouden wagen. Wij reden Fiat, en later Citroën, merken die ook vanwege die reden voor eeuwig een zwak bij mij veroorzaakten, zéker voor de Franse auto’s.
Renaults waren anders, het hele gamma sprak mij nog meer aan. Dat kwam mede door de boeken, en door de plastic NOREV Viertjes en Zesjes die ik regelmatig had. Zij veroorzaakten ook de droom van een vitrinekast met alle Franse auto’s die door NOREV waren gebouwd in de schaal 1 op 43. Bij André komt ik zo’n geschiedkamer tegen, met gedetailleerder vormgegeven modelletjes. Het volgende luikje gaat open, en verleent toegang tot de vurige wens van weleer. Mooi: alle historische en huidige auto’s van André vormen een onderdeel van de collectie in de fraaie en verlichte kast. Uren kan ik er naar kijken, maar er wacht een volgende fraaie episode. We gaan rijden.
De net verworven ‘dans son jus’ Estafette uit 1974 is een feestje om in te zitten. Utilitair, mechanisch klokgaaf, geen rammeltje en echt oerdegelijk. Dit is een verlengde versie, die altijd in Nederlands eigendom was. De gebruikssporen zijn prettig zichtbaar, en dat geldt ook voor de proefondervindelijk behandelde delen van het plaatwerk, dat zeer waarschijnlijk nog in de eerste lak zit. Je weet nu al hoe de bus eruit ziet als alle delen zijn gepoetst. Het polyester dak (verhoging) krijgt ook een schoonmaakbehandeling, en ook zonder die werkzaamheden ademt de Estafette een geweldige mix van Franse functionaliteit, charme en werkethiek. Na de rit en de fotosessie met de R16TX schieten we ook nog foto’s in een industriële setting. De besteller is het voor- en nagerecht van de dag.
Het hoofdmenu is natuurlijk de Renault 16 TX Automatic, en dat smaakt heel goed. Bart Spijker legt de auto vanuit alle hoeken en standen vast, die foto’s verschijnen later in het magazine. Zelf schiet ik nog plaatjes voor het eigen archief. En zonder al te veel in te gaan op de typische en kenmerkende eigenschappen: wát een heerlijke auto blijft de 16, en wát een eigenheid en comfort presenteert de Fransman. Weer wordt duidelijk, waarom de Gallische voitures een speciale plek in mijn autohart hebben. En vooral: waarom het nog altijd zo mooi is om dit te mogen doen. Met enthousiaste mensen, hun geschiedenis en hun fraaie klassiekers. Ze kleuren iedere redactiedag op een prachtige manier in, en laten de liefde voor het vak altijd bloeien. En ze zorgen soms voor de mooiste herinneringen, die zichtbaar en voelbaar blootleggen waarom sommige autoculturen altijd speciaal blijven. De Franse historische autocultuur is daar voor mij één van.
Foto’s: Erik van Putten

Ik heb een R16 TS gehad. Een geweldige auto en fantastisch rijcomfort. Soms zie ik er een staan en direct krijg ik een aangenaam gevoel. Jammer dat ze niet meer worden gemaakt. Waarschijnlijk koop ik er weer een.
Wat een mooi artikel. Mooi hoe die R16 verbindt. Prachtig! Met mijn ogen dicht hoor ik zo’n 16 nog steeds rijden, ook de automaat versie! Ze waren vroeger echt een elementair ding in het straatbeeld. Een oom van mij heeft enkele jaren in een 16TS gereden. De wegligging en comfort was formidabel. Echt heel mooi om weer eens te zien. Genieten(!), waarvoor dank Dirk.
Mooie herinneringen heb ik aan de Renaults. Mijn oom heeft in de jaren 60 en 70 ook diverse Renault s gereden waaronder ook de Renault 16 TS en de 16 TL. Heel comfortabele auto’s waren dat. Enigste nadeel was het roestduiveltje. Maar dat was bij veel merken in die jaren gewoon.
Mooi! Prachtig die oude Renaults.