Modern times: japauto in de kreukels – column

Auto Motor Klassiek » Motoren » Modern times: japauto in de kreukels – column

Sluitingsdatum meinummer -> 17 maart

Automatische concepten

Er zijn een paar dingen die je niet uitlenen moet. Een paar van die dingen vergeet ik wel eens. Daarom ben ik met regelmaat boeken en gereedschap kwijt. Maar voor mijn Lief en mijn motorfietsen is het duidelijk: die worden niet uitgeleend. En soms word je gelijk dan weer eens heerlijk bewezen. Een kameraad van me die we ‘Mr. X’ zullen noemen, omdat die arme Camiel het er toch al zo moeilijk mee heeft, is een fanatieke veelrijder.

Hij heeft bakken ervaring en rijdt altijd hoogst actuele, erg krachtige en snelle machines. Hij is een van de weinige mensen die ik ken die echt gelijk is opgegroeid met de tsunami van elektronische regelneefjes die tegenwoordig aan boord van elke motor uit het topsegment mee laveren.

Als het even kan, dan rijdt hij op het scherp van de snede. Daarbij maakt hij berekend gebruik van de mogelijkheden die de weg en alle elektronica hem bieden. En hij blijft er gezond en schadevrij bij. Dat schept vertrouwen. Althans, dat deed het bij Frank (niet zijn echte naam. Want hij zit nog steeds in een rouwproces, die arme Herman). Frank is ook een snelle piloot, maar dan eentje van de generatie van net na het eerste lage stuur.

Hij is – of was – de trotse bezitter van een echte Japauto Honda viercilinder uit de eerste helft van de jaren zeventig. Even een update: Japauto was het bedrijf van de Franse Honda-dealer Christian de Vilaseca die vanaf ca. 1972 Endurancemachines op basis van de Honda CB 750 Four maakte. De Franse Hondadealer Japauto bracht onder andere de cilinderinhoud in diverse stappen tot op 920 cc. En gebruikte perfect sturende Dresda-frames. Opvoersets van Japauto werden later ook door andere tuners toegepast, zoals Fritz Egli. Bij het Googlen van Egli en Dresda mag weggedroomd worden. Maar de Japautospullen konden ook los door particulieren gekocht worden om de zaak budgettair wat binnen de perken te houden.

De twee snelle mannen troffen elkaar op een circuitdag en waren passend onder de indruk van elkaars moois. En zo kwamen ze op het plan om aan partnerruil te doen. Dat ging daar op het circuit steeds sneller waarbij Mr. X en Frank steeds meer gevoel voor hun geleende sporters kregen. Dat vertrouwen werd zo groot dat Mr. X op een gegeven moment ging rijden alsof hij geen anabole bastaard Honda uit 1974 bereed, maar zijn eigen 2017 er supersporter. Toen liep hij toch tegen de beperkingen van de opgewaardeerde CB750 aan.

Hij maakte een indrukwekkende highsider. De trouwe Japauto bleef na het afwerpen van zijn berijder braaf op koers en reed de grindbak in. De uiterlijke schade aan de Japauto bleef verregaand beperkt, maar de vier open inlaatkelken verslikten zich ernstig in gruis en stenen. En al dat in geademde ongerief deed geen fijne dingen in het motorblok.

Waar veel mensen niet aan denken is dat hun assurantie in kleine, maar duidelijke letters vermeldt dat er niets uitbetaald gaat worden als de motor niet op de openbare weg en voor wedstrijd doeleinden gebruikt wordt.

Dat werd nog wel even een dingetje in de afronding van de zaak. En die feitelijk afronding kon pas goed op gang komen nadat Mr. X uit het hospitaal ontslagen was. Hij nam wel ridderlijk alle schuld op zich en zei dat hij in zijn enthousiasme vertrouwd had op zijn digitale beschermengelen. Die bij de Japauto off-line waren. Zijn eigen motor staat nu te koop. Om de schade aan de Japauto te kunnen betalen. Sneu. Aan de pluskant: er is al een nieuwe Japauto kuip gevonden. Bij oneofmotorcycles.com. Gewoon in Nederland, in Heesch.

De Heller bouwdoos in de kopfoto stond te koop bij Catawiki en was minder verkreukeld dan de machine waar wij het over hadden.

Modern times
Modern times

Schrijf je in en mis geen enkel verhaal over klassieke auto’s en motoren.

Selecteer eventueel andere nieuwsbrieven

4 reacties

  1. Ik kende Japauto dus niet. Egli daarentegen wel. Doodzonde om zo’n pracht Japauto kiezel te laten happen. Om problemen met mijn hart te vermijden, wil ik er niet aan denken hoe zo’n prachtige viercilinder vanbinnen uitgezien zal hebben na zijn tanden stuk gebeten te hebben op dat kneiterhard goedje. Net zoals Michael vertrouw ik op mijn achterste en rij ik zonder niet te overschatten elektronische verwennerij en heb er een respectabel aantal winterlijke doorrij jaren erop zitten in woon-/werkverkeer. Niet dat die zonder schrikmomenten verlopen zijn want soms leek het wel alsof een defibrillator bij mij geïmplanteerd was. De rij ervaring heeft daar bepaald niet onder geleden. Elektronische verwennerij is leuk en aardig maar als dat spul eens niet thuis geef ik persoonlijk de voorkeur eraan om vaardigheden op peil gehouden te hebben.

  2. Hoewel – of omdat – ik behoorlijk goed mijn capaciteiten op een motorfiets ken, vraag ik mij af welke electronica mij een betere of snellere motorrijder zou maken. Niet dat ik (70) enige ambitie voel wat betreft het laatste. Die gadgets zijn mij overigens zo goed als onbekend, behave ABS (waar ik ook niet mee rij, ook niet in de winter) maar moet hier concluderen dat er dus meer electronisch vernuft is. Uit het verhaal – een high-sider – veronderstel ik dat er detectie van een spinnend achterwiel bestaat waar vervolgens op wordt ingegrepen? Of is er een hellingmeter ingebouwd?
    Vooralsnog vertrouw ik op mijn achterste en het evenwichtsgevoel; ik vermoed en hoop dat ook dáár de informatie vandaan zal komen die mij zal doen besluiten het motorrijden vaarwel te zeggen. En niet omdat kortsluiting mij in het ziekenhuis heeft doen belanden.

  3. Leuk verhaal en heb nog goede kennissen ook in Heesch, maar doet in auto’s op hoog niveau, zaten vroeger samen bij Van Veen in Amsterdam.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Maximale bestandsgrootte van upload: 8 MB. Je kunt uploaden: afbeelding. Links naar YouTube, Facebook, Twitter en andere diensten die in de reactietekst worden ingevoegd, worden automatisch ingesloten. Bestanden hier neerzetten