Artikelen

Insect namen voor auto’s: Sting is in the tail

By  | 

Insect namen voor auto’s: Het venijn zit ‘m in de staart. Gestoken worden door een insect blijft iedere keer weer een – nare – ervaring. Zou het daarom misschien zijn dat verschillende automobielfabrikanten hun auto vernoemden naar zo’n insect? Of gaat het meer om het venijn van zo’n insect. Doorgaans – ongemerkt – razendsnel. Probeer maar eens een wesp dood te slaan…

Wolseley noemde in 1930 haar nieuwste auto de Hornet. Een personenauto voorzien van een pittige zescilindermotor. De minder krachtige vierpitter, doorgaans voorzien van een sportief ogend, ‘open’ koetswerk, heette Wasp…

Abarth gebruikte in haar logo de schorpioen. Het kon dus niet uitblijven dat er ooit een auto naar vernoemd zou worden. Dat maakten wij in 1968 mee, de Abarth Scorpione op basis van de Fiat 850 echter voorzien van een danig opgepepte, door Abarth getuned motor met een cilinderinhoud van 1.280 cm3

Lager in prijs dan de Hudson Hornet, zoemde de Hudson Wasp er ook over. In de toenmalige NASCAR raceserie was het een geduchte concurrent. Het afgebeelde exemplaar (uit 1951) maakt onderdeel uit van de Ypsilanti Auto Heritage Collection, in het gebouw van de laatste Hudson dealer in de States. In Ypsilanti, Michigan dus…

Alec Issigonis noemde zijn nieuwe ‘volkswagen’ die hij voor Morris ontwierp Mosquito. Die naam werd al snel veranderd in de eerder gebruikte en succesvolle benaming Minor. Nog voor de productie begon werd de geplande boxermotor vervangen door een vier-in-lijn. Dit fotootje dateert uit 1944 en is – toen – ingekleurd…

suggestiebanner

Ook leuk om te lezen…

Nu in de winkel

Auto Motor Klassiek van februari ligt nu in de winkel met deze maand een uitgebreid artikel over de Taunus 12M P4 van Fokke Jansma uit Wijnjewoude. Een opmerkelijk goed geconserveerde klassieker, die een bijzondere ontwerpgeschiedenis heeft. We mochten ook rijden in een tot in het kleinste detail perfecte Triumph 2000 Roadster. Hoe dat aanvoelt? U leest het in het februarinummer. Mocht u ooit van plan zijn een Opel Senator aan te schaffen, dan is het goed dat u dit nummer in huis heeft, want Aart van der Haagen doet uitgebreid uit de doeken, waar u dan rekening mee moet houden. Het een en ander aan aankooptips vindt u ook bij het artikel over de Citroën Dyane. Een auto die we troffen met zijn eigenaar op een terras tijdens een werkoverleg.

En verder:

De restauratie van een Nimbus Model C en een Norton M50. Waarom er zo weinig Opels over zijn? Dat leest u ook in dit nummer. De liefhebberij van een in Spanje wonende Nederlander, die ook geldt als dé specialist voor de Fiat 130. En ook in dit nummer; bijna dertig pagina’s korte berichten, verslagen, praktische tips, columns en korte typebeschrijvingen. Bovendien natuurlijk ook meer dan veertig pagina’s met klassiekers te koop, die soms online niet verder aangeboden worden.
ABONNEER NU EN MIS HET VOLGENDE NUMMER NIET MEER

Leave a Reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *