Sluitingsdatum nummer 1 -> 17 november
Aankoopadvies: DeLorean DMC-12 (1981-1982)
Na het drama waarmee zijn autofabriek eindigde, kon John Zachary DeLorean nooit vermoeden dat zijn creatie DMC-12 decennia later liefhebbers over de hele wereld in vervoering zou brengen. De huidige marktprijzen liegen er niet om, maar gelukkig schaf je wel een waardevaste klassieker aan, want het effect van Back to the Future is nog lang niet uitgewerkt. Met een paar stevige valkuilen moet je echter rekening houden.
Bijna iedere petrolhead heeft er weleens van gedroomd zijn eigen sportwagen te creëren. Waar of niet? Een enkeling zet door, weet investeringskapitaal te vergaren en productie op te starten, maar negen van de tien keer bloedt zo’n project al gauw dood. Ook John Zachary DeLorean mag zich onder die onfortuinlijke goudzoekers scharen. Toch noteren we een wezenlijk verschil met de anderen: zijn geesteskind ontketende een hype met tot op de dag van vandaag hevige naweeën, terwijl de meeste van dergelijke met ijdele hoop doorspekte probeersels allang van de radar verdwenen zijn.
Dat valt vanuit meerdere oorzaken te verklaren. Allereerst spuwde de Noord-Ierse fabriek gedurende slechts twee jaar tijd een respectabele hoeveelheid auto’s uit, circa 9200. Bij lange na niet voldoende om break-even te draaien, maar een bijna magisch aantal in vergelijking met wat de andere dromers konden waarmaken. Verder nam de soap rondom de firma reusachtige vormen aan, waarbij de internationale politiek zich niet onbetuigd liet. Ten slotte mogen we het effect van de filmoptredens die de DeLorean kende niet uitvlakken en daarmee doelen we uiteraard op Back to the Future.
Onterechte vrees
Qua attractiewaarde oefent de DeLorean DMC-12 een magneetwerking uit op iedereen die zijn pad kruist, zeker wanneer de door twee torsiestaven en twee gasveren ondersteunde vleugeldeuren hoog in de lucht reiken. Heel veel exotischer wordt het niet, waarbij het sterk in het voordeel van de eigenaar werkt dat het gros van de mensheid geen flauw benul heeft van de matige motorisering en het nogal eh… ‘Amerikaanse’ weggedrag. Over horizon gesproken: de inzittenden zelf missen die totaal, want de lage daklijn dwingt hen een liggende houding aan te nemen.
John Zachary DeLorean liet de interieurdimensies berekenen op zijn eigen 1,93 meter lichaamslengte, maar we vermoeden dat zijn benen daarvan het grootste deel opslokten. De DMC-12 schikt zich naar de bestuurder door hem een verticaal en axiaal verstelbare stuurkolom aan te bieden. Je voelt je ingekapseld tussen het ruimhartig gepolsterde portierpaneel en de lijvige traverse die de automaatselector, een trits grof gemonteerde knoppen en enige opbergruimte bevat.
Afgeschoten
Alles wekt de beleving op dat je elk moment als een kogel afgeschoten kunt worden, de warme sound van de PRV6 incluis, maar dat effect blijft jammerlijk uit. Aan de andere kant: je hoeft niet hard te gaan om de show te stelen, want iedereen in de nabijheid verrekt zijn nek om een glimp van dit platte projectiel te kunnen opvangen. Wat boeit het dan dat de auto ongeveer het wegcontact van een rolschaats maakt?
Dat hij trilt, rammelt en tordeert? Dat hij aanvoelt als een prototype, dat in de wieg gesmoord werd en nooit de kans kreeg zich te ontwikkelen? Gelukkig doet dit alles niets af aan het ongekende showeffect en dáárvoor koop je primair zo’n DeLorean DMC-12. Lees eerst wel even grondig het kader ‘Adviezen’ in de papieren versie van Auto Motor Klassiek door, anders neemt met een beetje pech het avontuur bijna net zulke dramatische vormen aan als voor de fabrikant zelf.
Met dank aan Deurope (Hem) en Serge van de Nieuwegiessen
Meer over dit verhaal lees je in het novembernummer van Auto Motor Klassiek, nu in de kiosk.
Meer over dit onderwerp
Voor wie nog niet uitgelezen is over DeLorean DMC-12 aankoopadvies: dit zijn logische vervolgstukken.
Hieronder zijn er meer foto’s te vinden.
