Sluitingsdatum meinummer -> 17 maart
Trabant 601 S (1976) Een vrolijke Harlekin voor Bert en Rutger
Elk paneel een vrolijke kleur, bijna een clownskostuum. Geïnspireerd door de Volkswagen Polo Harlekin, die met zijn bontgekleurde carrosserie een icoon werd. Dit is niet zomaar een auto, maar een vrolijke herinnering aan vroeger, een echte blikvanger op de weg. Een DDR-icoon met charme. De liefde van vader en zoon gaat uit naar alles wat herinneringen oproept; denk alleen al aan de betekenis die de auto had in de DDR.
In de jaren 60, 70 en 80 hadden deze bijzondere volksauto’s nauwelijks waarde. Pas vele jaren later werd weer moeite gedaan om Trabants rijdend te houden en zo netjes mogelijk te maken. Er ontstond zelfs een actieve liefhebbersscene, met onder meer de Trabant Club Nederland, die de geschiedenis in ere houdt en de auto’s op de weg.
Pruttelpot
Inmiddels is de Trabant uitgegroeid tot cult. Kenners weten dat het hier om een tweetaktmotor gaat die op mengsmering loopt. Gewoon een heerlijke auto om naar te kijken én naar te luisteren als de motor zijn typische pruttel laat horen. Bovendien hoef je niet kapitaalkrachtig te zijn om deze hobby te bedrijven. Door zijn vormgeving, vaak omschreven als een plastic blokkendoosje, is de Trabant een aparte verschijning gebleven.
Liefhebberskwaliteiten
Het is natuurlijk het beste om Trabant-liefhebbers zelf aan het woord te laten. Dit is het verhaal van een aankoop die drie keer mislukte en uiteindelijk toch slaagde. Een verhaal waarin vreemden vrienden worden, en soms zelfs familie.
Bert vertelt: “Na de val van de muur in 1989 ging mijn broer Henk naar het toenmalige Oost-Duitsland. Hij begon daar als autohandelaar in gebruikte ‘west’-auto’s en logeerde bij een familie in Ueckermünde. Na een paar jaar kreeg hij verkering met de dochter van de boer en bleef hij daar wonen. De handel in westerse auto’s raakte verzadigd en omdat men inmiddels ook nieuwe auto’s kon kopen, stopte hij ermee. Hij ging als monteur aan de slag bij de garage van Claus.
Toen ik in 1990 samen met mijn zoon Rutger op bezoek kwam, stond er een beige Trabant voor de deur met het bordje ‘Zu verkaufen’.”
De eerste poging
De prijs was veel te hoog, zeker gezien de waarde in die tijd. Bij ons tweede bezoek, een jaar later, stond de auto er opnieuw, inmiddels gespoten in de Harlekin-kleuren. Claus had dat samen met zijn broer gedaan. Natuurlijk weer naar de prijs gevraagd, maar die lag zelfs nog hoger dan voorheen. Ook deze tweede poging tot aankoop mislukte.
Trieste familiegebeurtenis
Onze broer overleed aan een vreselijke ziekte. Zijn familie en vrienden waren inmiddels ook onze vrienden geworden en we bleven elkaar regelmatig bezoeken. Toen wij in 2020 weer in Ueckermünde waren, stond de kleurrijke Trabant opnieuw buiten. Het bod bleek wederom te laag; soms moet je accepteren dat een auto je simpelweg niet wordt gegund.
Toen mijn vrouw in 2022 plotseling overleed, verdween de Trabant wat naar de achtergrond, al bleef ik de ontwikkelingen op de Europese markt wel volgen.
Verkocht in de regio
De Harlekin dook opnieuw op, zo’n twintig kilometer buiten Ueckermünde. Ik belde de nieuwe eigenaar en vroeg hoe hij aan de auto was gekomen. Van een pomphouder uit Ueckermünde, vertelde hij. De auto was bedoeld als hobbyproject, maar door omstandigheden stond hij alweer te koop.
Samen met Rutger zijn we gaan kijken, hebben het hele verhaal gedeeld met deze familie en besloten tot de koop. Nu kunnen we samen de liefde en passie voor dit DDR-icoon voortzetten, en is de club weer een bijzondere auto rijker.
Klassieke Trabant is emotie
Glimmend van trots. Voor vader en zoon is dit een dierbaar bezit waar talloze herinneringen aan vastzitten, en tegelijk een prachtig hobbyproject dat verleden, emotie en techniek moeiteloos verbindt.

Een bekend verschijnsel in voormalig Oost-Duitsland was, dat de mensen die gewend waren aan het geluid van de tweetakt Trabant, Wartburg en Barkas, hun nieuwe tweedehands Kadett of Golf zwaar over de toeren joegen.
Tja, een viertakt bij een zeer ongezonde 6000 toeren klinkt nu eenmaal als een tweetakt bij een gezonde 3000….
En dan altijd weer dat woordje “gepruttel”. ja, stationair is dat zo, bij een motor met omkeerspoeling. Maar eenmaal op toeren en onder belasting klinkt zo’n tweecilinder tweetaktmotor prachtig. Bijna als een elektromotor, met zijn vijf bewegende delen.
De grootste containerschepen ter wereld varen met tweetaktmotoren. En de Amerikaanse trucks ook. Ideale motor voor langdurige, constante belasting. Al zijn dat altijd compressormotoren met inlaatpoorten en uitlaatkleppen.
Als je deze niet kan terugvinden op een grote parking, dan wordt het tijd voor een afspraak bij de oogarts.
Leuk initiatief!
en tweetakt motoren blijven ook altijd leuk, ondanks al dat negatieve gewoke gedoe.
Ik denk bij dit artikel met weemoed terug aan de charmes van mijn oude ‘ reng-deng-deng’ Vespa PX
“Nieuwe Tweedehands” humorvolle omschrijving!
En idd “gepruttel” klinkt negatief…..
Een gezonde tweetakt klinkt heerlijk zeker als die flink aan het werk gezet wordt 🙂
Yamaha Banshee, Kawasaki 750, dikke eencilinders in de zijspancross van Zabel en Mega.
Oeh Oeh, I love it!! (Rosco P. Coltrane)
En wat denken we van een 4-cilinder tweetakt a-la Allen Millyard?
Gewoon 4 takt erin, plek zat. Kun je er tenminste met fatsoen mee rijden!